Beleidsevaluatie H1
Week 1.2 Beleidscyclus en evaluatiecyclus
Typen beleidsplannen:
- Pilot of proef
- Project
- Lineair en eindig
- Programma
- Functie
- Doorlopende cycli
Het beleidsproces
1. Probleemdefinitie
2. Agendering
3. Beleidsconstructie
4. Besluitvorming
5. Invoering
6. Beleidsvoering
7. Toezicht en handhaving
8. Beleidsevaluatie
Momenten dat je kan evalueren:
1. Ex ante evaluatie:
- Tijdens beleidsconstructie 3
- Vooruitkijkend tijdens ontwikkeling
- Beleids experiment of pilot
- Uitvoerings- en handhavingstoets: inschatten van haalbaarheid en kosten
- Efectenarena: samen met betrokkenen en belanghebbenden inschatten van
uitwerking van voorgenomen beleid
2. Ex durante:
- 4 t/m7 invoering, uitvoering en toezicht
- Meekijkend tijdens de uitvoering
- Implementatietoets: praktijk zoals beoogd?
- Benchmark: vergelijken met andere uitvoerders
- Monitor: op de goede weg? Eerste resultaten?
- Procesevaluatie: uitvoering volgens plan?
3. Ex post evaluatie
- Meest toegepast
- Terugkijkend
- Lessen voor hernieuwd beleid
Doelen evalueren:
- Informatie outcome van beleid
- Bijsturen vergroten effectiviteit en efficiëntie
- Leren van beleisdservaringen
- Onderbouwen verantwoording
1
, Week 2.1 Vormen en methoden van ex post evaluatie 1:
formele beleidsdoorlichting
FBD – Algemeen
- FBD = Formele beleidsdoorlichting: informatie uit verschillende evaluaties
samenbrengen, zodat er een overkoepelend beeld van de doeltreffendheid en
doelmatigheid van het beleid ontstaat.
- VBTB: Van Beleidsbegroting Tot Beleidsverantwoording meer inzicht en grip op
initiatieven
- RPE: Regeling Periodiek Evaluatieonderzoek en beleidsinformatie
FBD kenmerken:
- Verplicht op rijksniveau
- Periodiek: eens in de 7 jaar
- Beleids als geheel (substantieel deel)
- Doel = verantwoording (doeltreffend en doelmatigheid)
- Uitgevoerd door verantwoordelijke beleidsafdeling
- Syntheseonderzoek: o.b.v. bestaand evaluatiemateriaal
- Vaste set van 10 vragen (onderdelen) nu 15
- Externe onafhankelijke toets ter goedkeuring
Week 2.2 Vormen en methoden van ex post evaluatie 1:
informele beleidsdoorlichting
De IBD
- Informele beleidsdoorlichting
- Voortvloeisel uit de formele beleidsdoorlichting
- Kracht: gebaseerd op verwachtingen en ervaringen van alle direct betrokkenen
Kenmerken IBD
- Vrijwillig
- Gericht op klein beleid (onderdelen, deelpakketten etc.)
- Doel = leren en verantwoorden
- Door ambtenaren of studenten
- 10 ‘aangepaste’ vragen
- Deskresearch en kwalitatief onderzoek
- Geen externe onafhankelijke toets
Onderdelen kernvragen IBD:
a) Probleemanalyse
b) Rol van de overheid
c) Het gevoerde beleid en de ingezette middelen
d) Effecten van het gevoerde beleid
Aanpak IBD
- Deskresearch; literatuurstudie en documentanalyse
- Fieldreserach, 5 bloedgroepen:
2
Week 1.2 Beleidscyclus en evaluatiecyclus
Typen beleidsplannen:
- Pilot of proef
- Project
- Lineair en eindig
- Programma
- Functie
- Doorlopende cycli
Het beleidsproces
1. Probleemdefinitie
2. Agendering
3. Beleidsconstructie
4. Besluitvorming
5. Invoering
6. Beleidsvoering
7. Toezicht en handhaving
8. Beleidsevaluatie
Momenten dat je kan evalueren:
1. Ex ante evaluatie:
- Tijdens beleidsconstructie 3
- Vooruitkijkend tijdens ontwikkeling
- Beleids experiment of pilot
- Uitvoerings- en handhavingstoets: inschatten van haalbaarheid en kosten
- Efectenarena: samen met betrokkenen en belanghebbenden inschatten van
uitwerking van voorgenomen beleid
2. Ex durante:
- 4 t/m7 invoering, uitvoering en toezicht
- Meekijkend tijdens de uitvoering
- Implementatietoets: praktijk zoals beoogd?
- Benchmark: vergelijken met andere uitvoerders
- Monitor: op de goede weg? Eerste resultaten?
- Procesevaluatie: uitvoering volgens plan?
3. Ex post evaluatie
- Meest toegepast
- Terugkijkend
- Lessen voor hernieuwd beleid
Doelen evalueren:
- Informatie outcome van beleid
- Bijsturen vergroten effectiviteit en efficiëntie
- Leren van beleisdservaringen
- Onderbouwen verantwoording
1
, Week 2.1 Vormen en methoden van ex post evaluatie 1:
formele beleidsdoorlichting
FBD – Algemeen
- FBD = Formele beleidsdoorlichting: informatie uit verschillende evaluaties
samenbrengen, zodat er een overkoepelend beeld van de doeltreffendheid en
doelmatigheid van het beleid ontstaat.
- VBTB: Van Beleidsbegroting Tot Beleidsverantwoording meer inzicht en grip op
initiatieven
- RPE: Regeling Periodiek Evaluatieonderzoek en beleidsinformatie
FBD kenmerken:
- Verplicht op rijksniveau
- Periodiek: eens in de 7 jaar
- Beleids als geheel (substantieel deel)
- Doel = verantwoording (doeltreffend en doelmatigheid)
- Uitgevoerd door verantwoordelijke beleidsafdeling
- Syntheseonderzoek: o.b.v. bestaand evaluatiemateriaal
- Vaste set van 10 vragen (onderdelen) nu 15
- Externe onafhankelijke toets ter goedkeuring
Week 2.2 Vormen en methoden van ex post evaluatie 1:
informele beleidsdoorlichting
De IBD
- Informele beleidsdoorlichting
- Voortvloeisel uit de formele beleidsdoorlichting
- Kracht: gebaseerd op verwachtingen en ervaringen van alle direct betrokkenen
Kenmerken IBD
- Vrijwillig
- Gericht op klein beleid (onderdelen, deelpakketten etc.)
- Doel = leren en verantwoorden
- Door ambtenaren of studenten
- 10 ‘aangepaste’ vragen
- Deskresearch en kwalitatief onderzoek
- Geen externe onafhankelijke toets
Onderdelen kernvragen IBD:
a) Probleemanalyse
b) Rol van de overheid
c) Het gevoerde beleid en de ingezette middelen
d) Effecten van het gevoerde beleid
Aanpak IBD
- Deskresearch; literatuurstudie en documentanalyse
- Fieldreserach, 5 bloedgroepen:
2