Hoofdstuk 1:
- Nieuwe aanbod schept nieuwe vraag
- Betalingsbereidheid: het maximale bedrag dat een persoon wil betalen.
- Ruiltransactie: kopen van goederen en diensten
Bij een ruiltransactie kan een ruilwinst ontstaan
Ruilwinst van een consument: consumentensurplus: verschil tussen prijs en
betalingsbereidheid. Berekenen: aflezen of Formule Qv gelijk aan 0 → snijden met x-as.
Ruilwinst van een producent: producentensurplus: verschil tussen prijs en
leveringsbereidheid: Berekenen: aflezen of Formule Qa gelijk aan 0 → snijden met x-as.
Producentensurplus wordt bepaald door marginale kosten; kosten voor het maken van 1
product. Uit Qa kun je mk lijn bepalen → p vrijmaken.
Surplus niet gelijk aan winst, want er moeten nog ck vanaf.
TW = PC - TCK
Bij de markt van volkomen concurrentie, is er bij de evenwichtsprijs sprake van
economische doelmatigheid: als het surplus maximaal is. → ook wel pareto-efficiënte
situatie genoemd.
Bij pareto-optimum ofwel economische doelmatigheid is er niet perse sprake van maximale
maatschappelijke welvaart:
want bij volkomen concurrentie:
- Producten zijn homogeen/identiek, consumenten hebben geen keuzemogelijkheid
- Geen innovatie, kost teveel geld, kosten niet kunnen terugverdienen.
Bij onvolkomen concurrentie: Prijs hoger, minder vraag, minder ruiltransacties, dus totale
surplus ook lager, maar totale welvaart misschien hoger.