De bevruchting en zwangerschap:
» Er is heel wat voor nodig om tot een succesvolle zwangerschap te komen. Een eicel
moet zich eerst ontwikkelen om vervolgens te kunnen worden bevrucht door een
zaadcel. Dan volgt de ontwikkeling van bevruchte eicel tot foetus.
De ontwikkeling van de eicellen:
» Als een meisje geboren wordt, zitten alle eicellen (een half tot twee miljoen stuks) al
in haar eierstokken. Deze eicellen zitten in eiblaasjes of follikels, die gevuld zijn met
vocht of follikelvloeistof. Er worden in haar leven geen nieuwe eicellen meer
bijgemaakt.
» In de puberteit beginnen er voor het eerst eicellen te rijpen. Elke maand verplaatst
zich een eiblaasje (een enkele maal meerdere) naar de oppervlakte en barst open,
waardoor de eicel vrijkomt. Dit noemt men de ovulatie of eisprong. Sommige vrouwen
voelen dat gebeuren en ervaren pijn (middenpijn).
» De eisprong zorgt voor een verhoogde lichaamstemperatuur bij de vrouw. Deze ligt
rondom de eisprong 0,3 tot 0,5 °C hoger. Daarmee is dus het moment van de
eisprong te bepalen. Als anticonceptiemethode (periodieke onthouding) is deze
methode niet betrouwbaar.
De menstruele cyclus:
» De menstruele cyclus begint op de eerste dag dat de vrouw menstrueert of ongesteld
is. De duur van de
menstruatiecyclus kan per
individu verschillen, namelijk 28
tot 32 dagen.
A. Primordiale follikel
B. Rijpende follikel
C. Graafse follikel
D. Ovulatie
E. Corpus rubrum
F. Corpus luteum
G. Corpus albicans
Van eisprong tot innesteling:
» De menstruele cyclus is het proces dat zorgt voor periodieke rijping van de eicellen
en voor de opbouw en afbraak van het baarmoederslijmvlies.
» Hormonen spelen een grote rol bij de cyclus. De hypofyse produceert in het begin
van de cyclus het follikelstimulerend hormoon (FSH). Hierdoor rijpt in één van de
eierstokken een follikel dat zich ontwikkelt tot een Graafse follikel.
» Een Graafse follikel is een blaasje met vocht waarin zich een eicel bevindt.
» Na ongeveer veertien dagen, dus halverwege de cyclus, gaat de hypofyse
het luteïniserend hormoon (LH) maken. Hierdoor barst de rijpe follikel open en komt
de eicel vrij uit de eierstok. Dit is de ovulatie.
» Het uiteinde van de eileider vangt het vrijgekomen eitje op. De follikel waaruit de eicel
vrijkwam, blijft achter in de eierstok en vormt daar het gele lichaam of corpus luteum.
Het gele lichaam gaat dan behalve oestrogeen ook het hormoon progesteron
produceren.