Studiejaar 2023-2024
Bente Eeltink
,Inhoud
DEEL I: Economie
- Inleiding economie als begrip
- Adam Smith’s invisible hand
- Verkeersvergelijking van Fischer
- BBP
- Micro-economie
- Principaal-agent relatie en informatie-asymmetrie
- Prisoner’s dilemma
- Lemons theorie
- Efficiënte markt hypothese
- Econs and humans
- Random walk theorie
- Prospect theorie
DEEL II: Jaarrekening
- Inleiding jaarrekening als begrip
- Accountantscontrole
- Consolidatie
- Vrijstellingen
- Duurzaamheidsverslaggeving
DEEL IIIA: Ondernemingsrecht
- Functies van de jaarrekening
- De RvC en de auditcommissie
- Jaarrekeningenaansprakelijkheid
, DEEL I: Economie
Economie: het woord economie komt uit het Griekse ‘oikos’ en ‘nomos’. Het is de studie naar
(keuze)gedrag van mensen bij schaarste. Er zijn verschillende perspectieven te onderscheiden:
- Algemene economie: studie naar economische realiteit.
- Bedrijfseconomie: studie van keuzeproblemen van ondernemingen.
Daarnaast kan je een verdeling maken in niveaus/schalen:
- Micro: wijze waarop individuele ‘huishoudens’ keuzes maken.
- Macro: economie als geheel en factoren die daarop van invloed zijn.
- Meso: studie naar in categorieën verenigde ‘huishoudens’ (sectoren, bedrijfstakken).
BBP
Het BBP, oftewel het bruto binnenlands product, is de totale toegevoegde waarde van alle in
een land geproduceerde goederen en diensten in een bepaalde periode. Je kan hem berekenen:
BBP= C(onsumptie) + I(nvesteringen) + O(verheidsuitgaven) + E(xport) – M(import)
Als via deze formule twee jaar krimp uitgerekend wordt, is er sprake van een recessie.
Inflatie= geldontwaarding.
Verkeersverklaring Fisscher
M(oney) x V(elocity = omloopssnelheid) = P(rijs) x T(ransacties)
Er zijn twee visies op het monetaire beleid.
- Die van de conservatieven houdt in dat we in tijden van laagconjunctuur op de rem
moeten trappen en M omlaag moeten halen. Dit kan bv. door de rente te verhogen.
Gevolg is dan dat T ook omlaag gaat!
- Die van de Keynesianen houdt in dat we in tijden van laagconjunctuur juist een
verhoging van T willen zien, en dus ook M omhoog moeten krijgen.
Adam Smith’s invisible hand theorie:
Bij deze theorie gaan we uit van een volmaakt competitieve markt. De markt bestaat uit vraag
en aanbod. Op deze markt vinden transacties plaats, goederen en diensten worden geruild
voor geld. Er is een onzichtbare hand die dit voortduwt, het prijsmechanisme. De prijs is
bepalend voor de keuzes van vragers en aanbieders. Marktfalen wordt dan o.a. veroorzaakt
door prijsafspraken, beperkt aanbod of externe effecten. Dit kan worden opgelost door
overheidsingrijpen zoals het invoeren van een quota (maximum toegestane hoeveelheid
producten) of minimum/maximumprijs.