Week 1 - Juridische Argumentatie
Bij het in kaart brengen van de verschillende stappen in de argumentatie kunnen we
onderscheiden tussen wijzen waarop in een betoog of een onderdeel daarvan de argumenten
zich tot elkaar en tot de conclusie verhouden:
Enkelvoudige argumentatie
o Het simpelste geval is dat waarin een bewering ondersteund wordt door één
argument. We spreken dan van een enkelvoudige argumentatie.
Meervoudige argumentatie
o Bij een meervoudige argumentatie spreken we van zelfstandige argumenten die
ieder op zich een reden geven om de te rechtvaardigen bewering te aanvaarden.
o Beide redeneringen verdedigen dezelfde conclusie
Nevenschikkende argumentatie
o Meerdere argumenten die afhankelijk van elkaar zijn, in die zin dat ze elkaar nodig
hebben om de conclusie te rechtvaardigen.
o Argumenten moeten in onderlinge samenhang worden gezien
Week 2 - Logica & Argumentatiestructuren
Iedere syllogisme is in de logica een redenering, die bestaat uit drie proposities: P1, P2 & C.
Zo’n propositie wordt ook wel een ‘als … dan’ genoemd. De linkerkant in het tabel zijn
geldige redeneerschema’s. De rechterkant zijn ongeldig en dus een formele drogreden.
Modus ponens Bevestiging van het consequent
P1: als p, dan q P1: als p, dan q
P2: p P2: q
C: dus q C: dus p
Modus tollens Ontkenning van het antecedent
P1: als p, dan q P1: als p, dan q
P2: niet q P2: niet p
C: dus niet p C: dus niet q
Een ontkenning van het antecedent kan logisch geldig worden gemaakt door ‘als’ te
vervangen met ‘dan en slechts dan als’ (desda).
Een redenering is deugdelijk als aan twee voorwaarden is voldaan: de redenering moet, ten
eerste, op ware (juiste) aannames of premissen zijn gebaseerd en, ten tweede, geldig zijn. Er
zijn twee soorten kritiek die gegeven kan worden op een redeneringsschema:
Interne kritiek
o Is het redeneerschema geldig?
o Is niet mogelijk bij geldig schema
Externe kritiek
o Zijn de premissen waar?
o Is mogelijk bij (on)geldige schema’s
Een redenering kan als geldig gereconstrueerd worden door de toevoeging van het logisch
minimum. Een logisch minimum is de minimale aanvulling om een redenering geldig te
maken. Bijvoorbeeld:
Redenering: ‘Klaas moet worden gestraft, want hij heeft opzettelijk brandgesticht’
Bij het in kaart brengen van de verschillende stappen in de argumentatie kunnen we
onderscheiden tussen wijzen waarop in een betoog of een onderdeel daarvan de argumenten
zich tot elkaar en tot de conclusie verhouden:
Enkelvoudige argumentatie
o Het simpelste geval is dat waarin een bewering ondersteund wordt door één
argument. We spreken dan van een enkelvoudige argumentatie.
Meervoudige argumentatie
o Bij een meervoudige argumentatie spreken we van zelfstandige argumenten die
ieder op zich een reden geven om de te rechtvaardigen bewering te aanvaarden.
o Beide redeneringen verdedigen dezelfde conclusie
Nevenschikkende argumentatie
o Meerdere argumenten die afhankelijk van elkaar zijn, in die zin dat ze elkaar nodig
hebben om de conclusie te rechtvaardigen.
o Argumenten moeten in onderlinge samenhang worden gezien
Week 2 - Logica & Argumentatiestructuren
Iedere syllogisme is in de logica een redenering, die bestaat uit drie proposities: P1, P2 & C.
Zo’n propositie wordt ook wel een ‘als … dan’ genoemd. De linkerkant in het tabel zijn
geldige redeneerschema’s. De rechterkant zijn ongeldig en dus een formele drogreden.
Modus ponens Bevestiging van het consequent
P1: als p, dan q P1: als p, dan q
P2: p P2: q
C: dus q C: dus p
Modus tollens Ontkenning van het antecedent
P1: als p, dan q P1: als p, dan q
P2: niet q P2: niet p
C: dus niet p C: dus niet q
Een ontkenning van het antecedent kan logisch geldig worden gemaakt door ‘als’ te
vervangen met ‘dan en slechts dan als’ (desda).
Een redenering is deugdelijk als aan twee voorwaarden is voldaan: de redenering moet, ten
eerste, op ware (juiste) aannames of premissen zijn gebaseerd en, ten tweede, geldig zijn. Er
zijn twee soorten kritiek die gegeven kan worden op een redeneringsschema:
Interne kritiek
o Is het redeneerschema geldig?
o Is niet mogelijk bij geldig schema
Externe kritiek
o Zijn de premissen waar?
o Is mogelijk bij (on)geldige schema’s
Een redenering kan als geldig gereconstrueerd worden door de toevoeging van het logisch
minimum. Een logisch minimum is de minimale aanvulling om een redenering geldig te
maken. Bijvoorbeeld:
Redenering: ‘Klaas moet worden gestraft, want hij heeft opzettelijk brandgesticht’