100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting van het boek de gereedschapskist van de sociaal werker

Beoordeling
4,0
(1)
Verkocht
5
Pagina's
86
Geüpload op
26-10-2018
Geschreven in
2018/2019

Dit is een samenvatting van het boek de gereedschapskist van de sociaal werker. Het is een samenvatting van de stof die je moet leren voor het vak theorie en methoden binnen de opleiding sociaal werk aan hogeschool Leiden. Het is een samenvatting van de hoofdstukken 1 t/m 17.

Meer zien Lees minder











Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
H1 t/m h17
Geüpload op
26 oktober 2018
Aantal pagina's
86
Geschreven in
2018/2019
Type
Samenvatting

Onderwerpen

  • marielle
  • theorie en methoden

Voorbeeld van de inhoud

Cursus theorie en methoden
Week 1:
Deze cursus gaat over  het gereedschap dat nodig is om het beroep uit te oefenen.
 Het gaat dus over de technisch-instrumentele professionaliteit van het beroep sociaal
werker.

In het beroepsprofel van de Nederlandse sociaal werker wordt uitgegaan van de volgende 3
professionaliteit:
1. Normatieve professionaliteit
o Hierbij geldt de vraag of het handelen van de SW’er ethisch verantwoord is.
2. Technisch-instrumentele professionaliteit
o Hierbij geldt de vraag welke methoden en technieken de sociaal werker beschikbaar
heef.
3. Persoonlijke professionaliteit
o Hierbij geldt de vraag of het methodisch handelen van de SW’er echt waarachtig is
(of 1 en 2 voldoende verinnerlijkt zijn).

Het doel van deze cursus  het kunnen analyseren van cliëntsituaties en daarop aansluitende
theorieën en methoden onderscheiden en hanteren.

Refectie  is erg belangrijk in de beroepspraktijk.
 Refecteren kan plaatsvinden op verschillende niveaus:
1. Praktijk-niveau (het werken met deze cliëntsituatie)
2. Praktijktheorie-niveau (welke hypothesen hanteer ik in deze casus)
3. Theorie-niveau (wat is onze gezamenlijke sociaalwerktheorie)
4. Metatheorie-niveau (welke flosofeën geven een mens- en wereldvisie voor sociaal
werkers)
5. Niveau van de wetenschapsflosofe (is het huidige denkraam in het sociaal werk knellend
of bevrijdend)
Deze niveaus vormen samen  de refectieladder.

Sociaal werkmethoden worden ingedeeld in 3 interventieniveaus:
1. Individueel interventieniveau, met:
 De non-directieve basismethode, gericht op het leggen en onderhouden van contact en
het zorgvuldig afronden met de cliënt.
 9 directieve individuele methoden, gericht op het inzeten van individuele kracht om
daarmee tot reductie van specifek individuele knelpunten te komen.
2. Systemisch interventieniveau, met:
 6 systemische methoden gericht op het inzeten van sociale support om daarmee
specifeke supportknelpunten te reduceren.
3. Macro-interventieniveau, met:
 4 macromethoden gericht op versterking van voorzieningen om reductie van specifeke
structurele knelpunten te krijgen.

Paradigmasprong = de verandering van een oud naar een nieuw denkraam, een wisseling van
perspectieven.

Multidenken = liever denken in termen van ‘en/een’ dan in termen van ‘of/eof’.

,Door multiparadigma  is het samenhang gekomen tussen de diversiteit aan methoden en
theorieën in het sociaal werk.

Generalistisch = zonder beeld of vooroordelen te werk gaan en niets uitsluiten. Dus breed tewerk
gaan.

Het multimethodisch stappenplan = het stapsgewijs in kaart brengen van en werken aan de
cliëntsituatie, zodat de cliënt optimaal geniet van de mogelijkheden die het leven biedt. De stappen
die gepland zijn kunnen veranderd worden, want je moet je aanpassen aan de cliënt en zijn situaties.
 Het doel van dit stappenplan is  de kwaliteit van het leven (KvL) te optimaliseren.

Life-event (levensgebeurtenissen)  hebben impact op de kwaliteit van iemands leven.

Impactactor = de manier waarop we reageren op life-events en de (ervaren) steun die we krijgen.
 Ook wel  de positiviteit of negativiteit die iemand ervaart.
 Ook wel  de eigen reactie die life-events oproepen.

Copingfactor = de eigen omgangsstijl verbeteren.
 Ook wel  de manier waarop we omgaan met problemen/estress.

Supportactor = het eigen netwerk en de voorzieningen versterken.

Werking van het multimethodisch stappenplan is als volgt:
 Door de cliënt ervaren minnen en plussen in de cliëntsituatie worden opgespoord omdat
deze afreuk of juist goed doen aan de kwaliteit van het leven. uiteindelijk worden de
minnen gereduceerd en worden de plussen versterkt en wordt gemeten of deze
methodische acties bijdragen aan een optimale kwaliteit van leven.

Het multimethodische stappenplan:
1. PAK (persoonlijke archiefast)
o Hierbij breng je de situatie van de cliënt in kaart aan de hand van life-events. Hierbij
geef je de impact ervan weer, de reactie erop weer en geef je de ervaren steun toen
de gebeurtenissen plaats vonden weer.
2. PSA (psychosociaal assessment)
o Hierbij maak je conclusies en onderzoek je welke methodes zouden kunnen werken.
Hierbij kun je de achterkant van het omslagboek gebruiken.
3. PSI (psychosociale interventie)
o Hierbij voer je de passende methode(s) uit en werk je aan de cliënt zijn/ehaar situatie.
Ook wordt er gemeten of er vorderingen of achteruitgangen zijn in het proces en
welke er dan zijn. Indien nodig kan hierbij de PAK of PSA aangepast worden en
opnieuw uitgevoerd worden.

Door het multimethodisch stappenplan  worden de cliënt en diens omgeving op verschillende
niveaus geholpen de eigen kwetsbaarheid en kracht te erkennen (impactactor), de eigen
omgangsstijl te verbeteren (copingfactor) en het eigen netwerk en de voorzieningen te versterken
(supportactor).

,Stap 1. Persoonlijk archiefast (PAK):
 Visualiseer de aanmelding en de intake door een archiefast met laadjes te tekenen
 In elk laatje komt een knelpunt of onvervulde behoefe = een min
 In andere laatjes de kracht van de cliënt zelf = een plus
 Resultaat: Orde in de persoonlijke archiefast brengt rust voor de cliënt
 Bevordert een proactieve en zelfregulerende houding bij de cliënt

De methode voor de PAK is  de Non-directieve Basismethode.
 Er wordt contact gemaakt
 Er wordt een vertrouwensbasis gelegd
 De NDB = een zelf ontdekkende methode: knelpunten en blokkades worden gesignaleerd.
Eigen kracht geanalyseerd. Er wordt inzicht gekregen in eigen hulpvraag en wensen.
 Deze methode is gebaseerd op:
1. De Rogeriaanse counseling
2. De Narratieve of Constructivistische Methode
3. Het Social Casework

In crisissituaties ga je niet  non-directief te werk. In zulke situaties ga je directief te werk.
 Dus hierbij ga je gelijk zelf actie ondernemen en niet afwachten.

Bij een min-ervaring  ervaart de cliënt een fout gevoel en is een behoefe onvervuld.
 Andersom geldt voor een plusgevoel.

Stap 2. Psychosociaal Assessment (PSA):
 Dit is een werkhypothese.
 De volgende vragen moeten hier beantwoord worden:
1. Wat is er aan de hand? (behoefen, psychische conditie, copingfactor, supportactor)
2. Wat zou er moeten gebeuren?
 Als je de cliëntsituatie in kaart heb gebracht probeer je samen met de cliënt  de aanwezige
behoefegebieden tot in detail duidelijk te krijgen.
 Je helpt de cliënt bij de bewustwording van welke behoefen aan de aanvankelijke
knelpunten gerelateerd zijn door middel van een checklist bestaande uit 4 vragen:
1. Reality testing (is de cliënt zich bewust van de realiteit?)
2. Gevoelens (spreekt de cliënt uit wat goed voelt en wat niet?)
3. Behoefen (welke onderliggende onvervulde behoefen ervaart de cliënt?)
4. Wensen (vertaalt de cliënt de behoefen in wensen?)

Werkhypothesen: dynamisch: je doet het beste wat jou lijkt om de behoefen van de cliënt vervuld te
krijgen. Problemen zijn multicausaal (meerdere oorzaken) van aard.
 Dit hanteert een sociaalwerker

Diagnosemodel; statisch; je doet wat het meest geschikt lijkt voor de waarschijnlijke diagnose.
 Dit hanteert een dokter en een psycholoog.

Methodische indicatiestelling = het zoeken naar en herkennen van aanwijzingen voor het inzeten
van de meeste passende methodecombinatie.
 Dit werd vroeger ook wel dynamische diagnose genoemd, omdat de methode verandert kan
worden als hij niet past.

Tegenwoordig is er weer  outreachend werken.

,  Hierbij wordt actief op cliënten afgestapt die hulp nodig hebben, maar het niet aanvragen.
o Hierbij werk je directief, maar dat wordt minder naarmate de cliënt gemotiveerd
raakt voor de hulpverlening.
 Deze was even weg omdat dit werk te betutelend was.

Bij directief werken  geef de hulpverlener adviezen en bepaald hij veel.
 Dit werd lange tijd afgewezen, maar komt weer terug omdat niet iedereen hulp zoekt terwijl
ze dat wel nodig hebben.

Stap 3. Psychosociale Interventie (PSI):
 Hierbij kies je tussen interventies en methoden.
 Er is 1 basismethode en 20 sociaal werk methoden

Sociaal werkers hebben in hun gereedschapskist 4 soorten praktijkmethoden beschikbaar:
1. Non-directieve basismethode (praten)
o Voor de bewustwording van onvervulde behoefen)
2. Individuele methoden (copinggerichte methoden voor de omgang met de eigen behoefen)
o Voor de empowering van de copingfactor
3. Systemische methoden en macromethoden (supportgerichte methoden die helpen het
sociale netwerk van de cliënt beter bij de behoefen van de cliënt aan te sluiten)
o Voor de empowering van de supportactor.
4. Casemanagementmethode (zorgcoördinatiemethode die helpt bij het coördineren van
ingeschakelde professionals)
o Coördineert de hulp door verschillende professionals.

De PSI:
 Interventies worden niet gedefnieerd als een onemanshow van de sociaal werker, maar als
een proces van informed consent  in goede samenwerking tussen de cliënt en de sociaal
werker worden voorstellen gedaan door de sociaal werker en met instemming van de cliënt
wordt gewerkt aan behoefevervulling.

De vraag bij PSI is  wat de cliënt wil.
 Voor het behalen van de doelen is een antwoord op 2 vragen van belang:
1. Wat is het concrete doel dat de cliënt zich voorstelt?
2. Welke wensen en verwachtingen heef de cliënt wat betref jouw rol als sociaal werker?
 Hierbij kun je overschakelen naar andere interventieniveaus.
 Wanneer dit alles duidelijk is  ga je te werk met de interventie.

Gedurende en na de interventie is  evaluatie van belang.
 Hierbij koppel je terug naar de vooruitgang en maak je eventueel een nieuwe cyclus als hij
niet werkt.
o Op deze manier is de driestappenbenadering zowel een lineair hulpverleningsproces
als een cyclisch-interatief proces.
 Je evalueert door  de ervaren vorderingen van de cliënt te meten.
o Er zijn verschillende meters (vormen van scaling) die hiervoor geschikt zijn:
1. Spanningsmeter
 Hiermee wordt vastgesteld hoe gespannen de cliënt is op verschillende
momenten in het sociaalwerkcontract: is er stressreductie tijdens het
sociaalwerkcontract?
2. Energiemeter

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
7 jaar geleden

4,0

1 beoordelingen

5
0
4
1
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
marielleregeer Hogeschool Leiden
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
241
Lid sinds
8 jaar
Aantal volgers
205
Documenten
9
Laatst verkocht
2 jaar geleden

4,0

81 beoordelingen

5
20
4
47
3
10
2
2
1
2

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen