Metabole alkalose
Kan komen door diuretica, het zichzelf kunnen onderhouden, trend dat dit onopgemerkt kan
voorkomen.
Pathogenese:
> 26 HCO3, niet responsief op hypercapnie.
Kan komen door verlies van H+, verhoging van bicarbonaat in extracellulaire vloeistof,
vermindering van extracellulair volume.
Het zichzelf kunnen onderhouden komt door; verminderde excretie, en verhoogde absportie in
distale nefron. Dit kan komen door chloor depletie, hypokaliemie en aldosteron.
Renale mechanismen:
Bicarbonaat reabsorptie:
wordt gefiltreerd door glomerulus, bijna volledig gereabsorbeerd door renale tubuli. (90% prox
tubuli, rest in collecting ducts)
Bicarbonaat secretie:
secretie gebeurd niet standaard, alleen wanneer er een overschot is in het plasma. precies
andersom als reabsorptie.
Chloor depletie:
zorgt voor verergering van metabole alkalose stimuleert reabsorptie van HCO3 en remt secretie. Dit
is doordat er te weinig Cl is aan lumen zijde van distale nefron.
Hypokaliemie:
verhoogd ook reabsorptie van HCo3 en minder secretie. Hypokaliemie verminderd pendrin activiteit.
Aldosteron:
promoot ook HCO3 reabsorptie, door de smembraan H+ pomp te stimuleren op lumen zijde.
Condities die het uit kunnen lokken:
volume verlies ( chloride depletie)
verlies van maagzuur ( verlies van H+, CL- en K+)
Diuretica: K+ en Cl- depletie
kliniek:
vaak geen symptomen, rest de vraag of dit dus van klinisch belang is.
Neurologische manifestatie:
verminderd bewustzijn, insulten parestesieen, carpopedale spasmen. ( vaak bij respiratoire alkalose,
Kan komen door diuretica, het zichzelf kunnen onderhouden, trend dat dit onopgemerkt kan
voorkomen.
Pathogenese:
> 26 HCO3, niet responsief op hypercapnie.
Kan komen door verlies van H+, verhoging van bicarbonaat in extracellulaire vloeistof,
vermindering van extracellulair volume.
Het zichzelf kunnen onderhouden komt door; verminderde excretie, en verhoogde absportie in
distale nefron. Dit kan komen door chloor depletie, hypokaliemie en aldosteron.
Renale mechanismen:
Bicarbonaat reabsorptie:
wordt gefiltreerd door glomerulus, bijna volledig gereabsorbeerd door renale tubuli. (90% prox
tubuli, rest in collecting ducts)
Bicarbonaat secretie:
secretie gebeurd niet standaard, alleen wanneer er een overschot is in het plasma. precies
andersom als reabsorptie.
Chloor depletie:
zorgt voor verergering van metabole alkalose stimuleert reabsorptie van HCO3 en remt secretie. Dit
is doordat er te weinig Cl is aan lumen zijde van distale nefron.
Hypokaliemie:
verhoogd ook reabsorptie van HCo3 en minder secretie. Hypokaliemie verminderd pendrin activiteit.
Aldosteron:
promoot ook HCO3 reabsorptie, door de smembraan H+ pomp te stimuleren op lumen zijde.
Condities die het uit kunnen lokken:
volume verlies ( chloride depletie)
verlies van maagzuur ( verlies van H+, CL- en K+)
Diuretica: K+ en Cl- depletie
kliniek:
vaak geen symptomen, rest de vraag of dit dus van klinisch belang is.
Neurologische manifestatie:
verminderd bewustzijn, insulten parestesieen, carpopedale spasmen. ( vaak bij respiratoire alkalose,