CGO
De student kan uitleggen wat mantelzorg inhoudt en kan analyseren welke risico’s er zijn op
overbelasting van mantelzorgers.
Mantelzorger is een persoon, die geen verpleegkundige is, maar wel constant de zorg van de patiënt
op zich neemt (denk hierbij aan de partner van die persoon, of de dochter).
De student kan benoemen wat de ziekte van Alzheimer is en wat de bijbehorende kenmerken zijn.
Dit is een stoornis in het (korte termijn) geheugen, en kan uiteindelijk leiden tot de dood.
Kenmerken hier van zijn:
- Vergeetachtigheid.
- Problemen met de dagelijkse handelingen.
- Vergissing in plaats en tijd.
- Taalproblemen.
- Kwijtraken van spullen.
- Slecht beoordelingsvermogen.
- Terugtrekken uit sociale activiteiten.
- Verandering in gedrag en karakter.
- Onrust.
- Problemen met zien.
De student kan benoemen op welke manier je met een dementerende zorgvrager kunt omgaan.
Het ligt er aan in welk stadia van dementie de patiënt zich bevindt, want in een vroeg stadia wil je de
patiënt terug halen naar de werkelijkheid, waar je bij een patiënt met gevorderde dementie hem/ haar
in zijn/ haar eigen werkelijkheid wil laten en dus inspeelt op wat hij/zei denkt.
VTV
De student kan de onderdelen van een recept benoemen.
- De naam van de patiënt.
- De naam van het medicijn.
- De dosis van het medicijn.
- De wijze van toedienen en alle bijzondere instructies voor toediening.
- De start- en stopdatum.
- Tijdstip en frequentie van toediening van het medicijn.
- Handtekening van degene die het medicijn heeft voorgeschreven.
De student kan aandachtspunten benoemen bij de verstrekking van medicatie die fouten kunnen
voorkomen.
- Onduidelijke afkortingen.
- Onleesbaar handschrift.
- Verkeerd geplaatste of vergeten komma’s.
- Mondeling gegeven recept.
- Onvolledige recepten.
- Onduidelijkheid met betrekking tot hoeveelheid tabletten.
De student kan uitleggen wat mantelzorg inhoudt en kan analyseren welke risico’s er zijn op
overbelasting van mantelzorgers.
Mantelzorger is een persoon, die geen verpleegkundige is, maar wel constant de zorg van de patiënt
op zich neemt (denk hierbij aan de partner van die persoon, of de dochter).
De student kan benoemen wat de ziekte van Alzheimer is en wat de bijbehorende kenmerken zijn.
Dit is een stoornis in het (korte termijn) geheugen, en kan uiteindelijk leiden tot de dood.
Kenmerken hier van zijn:
- Vergeetachtigheid.
- Problemen met de dagelijkse handelingen.
- Vergissing in plaats en tijd.
- Taalproblemen.
- Kwijtraken van spullen.
- Slecht beoordelingsvermogen.
- Terugtrekken uit sociale activiteiten.
- Verandering in gedrag en karakter.
- Onrust.
- Problemen met zien.
De student kan benoemen op welke manier je met een dementerende zorgvrager kunt omgaan.
Het ligt er aan in welk stadia van dementie de patiënt zich bevindt, want in een vroeg stadia wil je de
patiënt terug halen naar de werkelijkheid, waar je bij een patiënt met gevorderde dementie hem/ haar
in zijn/ haar eigen werkelijkheid wil laten en dus inspeelt op wat hij/zei denkt.
VTV
De student kan de onderdelen van een recept benoemen.
- De naam van de patiënt.
- De naam van het medicijn.
- De dosis van het medicijn.
- De wijze van toedienen en alle bijzondere instructies voor toediening.
- De start- en stopdatum.
- Tijdstip en frequentie van toediening van het medicijn.
- Handtekening van degene die het medicijn heeft voorgeschreven.
De student kan aandachtspunten benoemen bij de verstrekking van medicatie die fouten kunnen
voorkomen.
- Onduidelijke afkortingen.
- Onleesbaar handschrift.
- Verkeerd geplaatste of vergeten komma’s.
- Mondeling gegeven recept.
- Onvolledige recepten.
- Onduidelijkheid met betrekking tot hoeveelheid tabletten.