Samenvatting mensenwerk hoofdstuk 7
Hoofdstuk 7 chronisch zieken
Ziekte heeft 3 aspecten:
Illness: klacht, het subjectieve ziektegevoel.
Sickness: kwaal, de wijze waarop men met de klacht omgaat.
Disease: ziekte, meetbare stoornis van de organen, diagnose die een arts gesteld
heeft.
Attributie: de wijze waarop men denkt over de oorsprong van de ziekte of probleem.
Belasting/belastbaarheidsmodel: gaat ervan uit dat er bij gezonde mensen een
evenwicht is tussen last en kracht. Bij ziekte is dit evenwicht er niet.
Chronische ziekte: ziekte die niet te genezen is, wel verzacht worden. Alle
gebreken en afwijkingen van het normale, die een of meer van de volgende
eigenschappen hebben: zij zijn permanent, leiden tot blijvende invaliditeit, worden
veroorzaakt door onomkeerbare pathologische veranderingen, vergeven speciale
training, gericht op revalidatie en vereisen naar verwachting langdurige controle,
observatie en zorg.
Pijn: pijn is een complex fenomeen.
Stationair: er verandert weinig in het verloop van de ziekte. Wel kunnen er
complicaties optreden.
Remissies: klachtenvrije periode.
Recidieven: periode waar ziekte opspeelt.
Chronisch progressief verlopende ziekte: klachten nemen toe in de loop van de
tijd. Kan soms dodelijk zijn.
Diabetes mellitus: stoornis in de suikerstofwisseling. Tekort aan insuline waardoor
suiker uit de voeding niet opgeslagen wordt in de lever. Type 1 afhankelijk van
insuline-injecties en type 2 behandeld met vermageringsdieet of tabletten en soms
zijn injecties nodig. Symptomen: moe, dorst, plassen, vermagering maar wel eetlust,
duizelig, infecties, slechte wondgenezing. Complicaties op lange termijn verhoogd
risico op hartinfarct, cva, nierafwijking en blindheid. Hypo: te laag bloedsuiker en
hyper: te hoog bloedsuiker.
Somatoforme klachten: geen verklaring voor de klachten. Gaat vaak om buikpijn.
Vaak een darmstoornis, vaak extra aandacht. Kind kan ook in stressvolle situaties
meer buikkrampen krijgen.
Aandachtspunten bij werken met chronisch zieke kinderen:
- Aard en prognose van ziekte weten
- Als je kind wil voorbereiden moet je onderzoeksmethoden weten
- Medische kennis en inzicht vergemakkelijken de communicatie
- Niet boos worden als een kind niet wil praten
Hoofdstuk 7 chronisch zieken
Ziekte heeft 3 aspecten:
Illness: klacht, het subjectieve ziektegevoel.
Sickness: kwaal, de wijze waarop men met de klacht omgaat.
Disease: ziekte, meetbare stoornis van de organen, diagnose die een arts gesteld
heeft.
Attributie: de wijze waarop men denkt over de oorsprong van de ziekte of probleem.
Belasting/belastbaarheidsmodel: gaat ervan uit dat er bij gezonde mensen een
evenwicht is tussen last en kracht. Bij ziekte is dit evenwicht er niet.
Chronische ziekte: ziekte die niet te genezen is, wel verzacht worden. Alle
gebreken en afwijkingen van het normale, die een of meer van de volgende
eigenschappen hebben: zij zijn permanent, leiden tot blijvende invaliditeit, worden
veroorzaakt door onomkeerbare pathologische veranderingen, vergeven speciale
training, gericht op revalidatie en vereisen naar verwachting langdurige controle,
observatie en zorg.
Pijn: pijn is een complex fenomeen.
Stationair: er verandert weinig in het verloop van de ziekte. Wel kunnen er
complicaties optreden.
Remissies: klachtenvrije periode.
Recidieven: periode waar ziekte opspeelt.
Chronisch progressief verlopende ziekte: klachten nemen toe in de loop van de
tijd. Kan soms dodelijk zijn.
Diabetes mellitus: stoornis in de suikerstofwisseling. Tekort aan insuline waardoor
suiker uit de voeding niet opgeslagen wordt in de lever. Type 1 afhankelijk van
insuline-injecties en type 2 behandeld met vermageringsdieet of tabletten en soms
zijn injecties nodig. Symptomen: moe, dorst, plassen, vermagering maar wel eetlust,
duizelig, infecties, slechte wondgenezing. Complicaties op lange termijn verhoogd
risico op hartinfarct, cva, nierafwijking en blindheid. Hypo: te laag bloedsuiker en
hyper: te hoog bloedsuiker.
Somatoforme klachten: geen verklaring voor de klachten. Gaat vaak om buikpijn.
Vaak een darmstoornis, vaak extra aandacht. Kind kan ook in stressvolle situaties
meer buikkrampen krijgen.
Aandachtspunten bij werken met chronisch zieke kinderen:
- Aard en prognose van ziekte weten
- Als je kind wil voorbereiden moet je onderzoeksmethoden weten
- Medische kennis en inzicht vergemakkelijken de communicatie
- Niet boos worden als een kind niet wil praten