Stationstoets Bijbel
Paard 3
Uit stal halen + paardenknoop (basisstation) 3
Algemene indruk (basisstation) 3
Algemeen onderzoek (basisstations) 3
Digestieonderzoek 6
Circulatieonderzoek 9
Respiratieonderzoek 11
Neurologisch onderzoek 14
Pupilonderzoek 19
Locomotieonderzoek 20
Gezelschapsdieren (hond) 25
Muilbandje met facelift (basisstation) 25
Sfinxhouding (basisstation) 26
Algemene indruk (basisstation) 26
Algemeen onderzoek (basisstations) 27
Digestieonderzoek 31
Circulatieonderzoek 38
Respiratieonderzoek 41
Neurologisch onderzoek 45
Ooronderzoek 51
Oogonderzoek 52
Nieronderzoek 59
Voortplantingsonderzoek 61
Locomotieonderzoek 64
Herkauwer 77
Algemene indruk (basisstation) 77
Algemeen onderzoek (basisstations) 77
Digestieonderzoek 81
Circulatieonderzoek 87
Respiratieonderzoek 88
Neurologisch onderzoek 92
Voortplantingsonderzoek 96
Pluimvee 104
Fixatie en hanteren 104
Slijmvliezen 104
Voedingstoestand 105
Productieve staat hen 106
Mineralisatie staat 107
Respiratiestelsel 107
Mestonderzoek 109
, Onderzoek van het uitwendige ei 111
Varken 113
Anamnese 113
Algemene indruk 113
Plan van Aanpak Biggen 114
VBD 115
Hanteren en Fixeren Duif 115
Algemene Indruk Duif 115
Algemeen Onderzoek Duif 116
Fixatie en Seksen Konijn 120
Fixatie en Seksen Cavia 121
Fixatie en Seksen Muis 122
Fixatie en Seksen Rat 123
Fixatie en Seksen Hamster 124
Aanvullende Diagnostiek 125
Hygiënesluis 125
Grampreparaten 125
Sneltest aflezen 126
Ht bepaling 127
Bloeduitstrijkje 127
Macroscopisch urineonderzoek 128
Microscopie wormeieren (fecesonderzoek) 130
Melkmonster nemen 130
Melkonderzoek 131
Heelkunde 133
Basic Life Support (BLS) 133
Hechten 133
Verbandleer Paard 139
Aseptiek 140
Injectietechnieken 142
Overig 149
Consultvoering 149
Advies adaptatie en welzijn 151
Koppeldiagnostiek (Rund/Varken) 151
,Paard
Uit stal halen + paardenknoop (basisstation)
Paard Uit Stal Halen: halster omdoen
1. Loop rustig de stal in en maak contact met het paard
2. Doe het halster om. Zorg ervoor dat het bovenste touw achter de oren zit, en het
touw dat jij vast hebt aan de onderkant.
a. Sommige halsters moeten boven, achter de oren vastgemaakt worden
b. Andere halsters moet onder de kaak vastgemaakt worden
3. Loop aan de linkerkant van het paard de stal uit
Paardenknoop
1. Sla het touw om het vaste object heen (bv een stalrooster)
2. Maak aan de rechterkant, waar het paard zou staan, een lus
in het touw
3. Draai het linkerdeel van het touw om de lus heen
4. Haal het uiteinde van het touw onderlangs naar de
rechterkant
5. Maak nu weer een lus in het touw, zoals bij stap 2
6. Haal deze lus door de eerste lus heen
7. Houd de lus vast en trek het touw aan door aan de kant van het paard aan het touw
te trekken
Algemene indruk (basisstation)
● Gedrag en bewustzijnsniveau
○ Gedrag van het dier (let op orenspel) + reactie op de omgeving
● Houding en gang
● Voedingstoestand
○ Spier- en vetweefsel op de ribwand
○ Ontwikkeling van alle grote spiergroepen die samenhangen met de locomotie
■ Voor- en achterhand
■ Rug
■ Hals
● Verzorgingstoestand
○ Korte termijn → vacht
○ Lange termijn → hoornige structuren
○ Kijk ook naar de omgeving
● In het oog springende klinische afwijkingen (IHOSKA’s)
Algemeen onderzoek (basisstations)
Ademhaling
Wordt gevraagd samen met de pols.
, Sta schuin achter het paard en beoordeel de volgende dingen:
● Diepte
● Type
○ Costaal
○ Abdominaal
○ Costo-abdominaal (normaal)
● Ritme
○ Regelmatig
○ Onregelmatig
● Frequentie (30 seconden meten)
○ Referentiewaarde: 8-14/min
Pols
Wordt gevraagd samen met de ademhaling.
De pols wordt gemeten bij de a. facialis (laterale zijde van de
kaaktak)
Beoordeel de pols:
● Kwaliteit
○ Kracht (amplitude)
○ Equaliteit (gelijkmatigheid)
● Ritme
○ Regelmatig
○ Onregelmatig
● Frequentie (15 seconden meten)
○ Referentiewaarde: 28-40/min
Temperatuur
1. Maak eerst aan de voorzijde contact met het paard
2. Blijf contact houden met het paard t/m het optillen van de staart
3. Houdt een veilige positie aan naast het paard en zorg ervoor dat degene die het
paard vasthoudt aan dezelfde kant staat
4. Maak de thermometer van tevoren glad met glijmiddel en breng deze met een
roterende beweging voldoende diep in
5. Beoordeel de volgende punten
○ Staarttonus en staartreflex
○ Reinheid van het perineum
○ Stand van de anus en vulva (gesloten/open)
○ Aanwezigheid van uitvloeiing uit de anus en vulva
○ Anusreflex
○ Aanwezigheid van aanklevende feces (en het aspect daarvan)
○ Temperatuur
■ Referentiewaarde volwassen: 37,4-38,0oC
■ Referentiewaarde pasgeboren veulen: 37,2-38,9oC
Paard 3
Uit stal halen + paardenknoop (basisstation) 3
Algemene indruk (basisstation) 3
Algemeen onderzoek (basisstations) 3
Digestieonderzoek 6
Circulatieonderzoek 9
Respiratieonderzoek 11
Neurologisch onderzoek 14
Pupilonderzoek 19
Locomotieonderzoek 20
Gezelschapsdieren (hond) 25
Muilbandje met facelift (basisstation) 25
Sfinxhouding (basisstation) 26
Algemene indruk (basisstation) 26
Algemeen onderzoek (basisstations) 27
Digestieonderzoek 31
Circulatieonderzoek 38
Respiratieonderzoek 41
Neurologisch onderzoek 45
Ooronderzoek 51
Oogonderzoek 52
Nieronderzoek 59
Voortplantingsonderzoek 61
Locomotieonderzoek 64
Herkauwer 77
Algemene indruk (basisstation) 77
Algemeen onderzoek (basisstations) 77
Digestieonderzoek 81
Circulatieonderzoek 87
Respiratieonderzoek 88
Neurologisch onderzoek 92
Voortplantingsonderzoek 96
Pluimvee 104
Fixatie en hanteren 104
Slijmvliezen 104
Voedingstoestand 105
Productieve staat hen 106
Mineralisatie staat 107
Respiratiestelsel 107
Mestonderzoek 109
, Onderzoek van het uitwendige ei 111
Varken 113
Anamnese 113
Algemene indruk 113
Plan van Aanpak Biggen 114
VBD 115
Hanteren en Fixeren Duif 115
Algemene Indruk Duif 115
Algemeen Onderzoek Duif 116
Fixatie en Seksen Konijn 120
Fixatie en Seksen Cavia 121
Fixatie en Seksen Muis 122
Fixatie en Seksen Rat 123
Fixatie en Seksen Hamster 124
Aanvullende Diagnostiek 125
Hygiënesluis 125
Grampreparaten 125
Sneltest aflezen 126
Ht bepaling 127
Bloeduitstrijkje 127
Macroscopisch urineonderzoek 128
Microscopie wormeieren (fecesonderzoek) 130
Melkmonster nemen 130
Melkonderzoek 131
Heelkunde 133
Basic Life Support (BLS) 133
Hechten 133
Verbandleer Paard 139
Aseptiek 140
Injectietechnieken 142
Overig 149
Consultvoering 149
Advies adaptatie en welzijn 151
Koppeldiagnostiek (Rund/Varken) 151
,Paard
Uit stal halen + paardenknoop (basisstation)
Paard Uit Stal Halen: halster omdoen
1. Loop rustig de stal in en maak contact met het paard
2. Doe het halster om. Zorg ervoor dat het bovenste touw achter de oren zit, en het
touw dat jij vast hebt aan de onderkant.
a. Sommige halsters moeten boven, achter de oren vastgemaakt worden
b. Andere halsters moet onder de kaak vastgemaakt worden
3. Loop aan de linkerkant van het paard de stal uit
Paardenknoop
1. Sla het touw om het vaste object heen (bv een stalrooster)
2. Maak aan de rechterkant, waar het paard zou staan, een lus
in het touw
3. Draai het linkerdeel van het touw om de lus heen
4. Haal het uiteinde van het touw onderlangs naar de
rechterkant
5. Maak nu weer een lus in het touw, zoals bij stap 2
6. Haal deze lus door de eerste lus heen
7. Houd de lus vast en trek het touw aan door aan de kant van het paard aan het touw
te trekken
Algemene indruk (basisstation)
● Gedrag en bewustzijnsniveau
○ Gedrag van het dier (let op orenspel) + reactie op de omgeving
● Houding en gang
● Voedingstoestand
○ Spier- en vetweefsel op de ribwand
○ Ontwikkeling van alle grote spiergroepen die samenhangen met de locomotie
■ Voor- en achterhand
■ Rug
■ Hals
● Verzorgingstoestand
○ Korte termijn → vacht
○ Lange termijn → hoornige structuren
○ Kijk ook naar de omgeving
● In het oog springende klinische afwijkingen (IHOSKA’s)
Algemeen onderzoek (basisstations)
Ademhaling
Wordt gevraagd samen met de pols.
, Sta schuin achter het paard en beoordeel de volgende dingen:
● Diepte
● Type
○ Costaal
○ Abdominaal
○ Costo-abdominaal (normaal)
● Ritme
○ Regelmatig
○ Onregelmatig
● Frequentie (30 seconden meten)
○ Referentiewaarde: 8-14/min
Pols
Wordt gevraagd samen met de ademhaling.
De pols wordt gemeten bij de a. facialis (laterale zijde van de
kaaktak)
Beoordeel de pols:
● Kwaliteit
○ Kracht (amplitude)
○ Equaliteit (gelijkmatigheid)
● Ritme
○ Regelmatig
○ Onregelmatig
● Frequentie (15 seconden meten)
○ Referentiewaarde: 28-40/min
Temperatuur
1. Maak eerst aan de voorzijde contact met het paard
2. Blijf contact houden met het paard t/m het optillen van de staart
3. Houdt een veilige positie aan naast het paard en zorg ervoor dat degene die het
paard vasthoudt aan dezelfde kant staat
4. Maak de thermometer van tevoren glad met glijmiddel en breng deze met een
roterende beweging voldoende diep in
5. Beoordeel de volgende punten
○ Staarttonus en staartreflex
○ Reinheid van het perineum
○ Stand van de anus en vulva (gesloten/open)
○ Aanwezigheid van uitvloeiing uit de anus en vulva
○ Anusreflex
○ Aanwezigheid van aanklevende feces (en het aspect daarvan)
○ Temperatuur
■ Referentiewaarde volwassen: 37,4-38,0oC
■ Referentiewaarde pasgeboren veulen: 37,2-38,9oC