NaSk 2: samenvatting H2 “stoffen sorteren”
------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Bezinken en afgieten overnemen. De stof die de
Bij bezinken en afgieten maak je eigenschappen van de vaste deeltjes
gebruik van de dichtheid van twee overneemt heet extractiemiddel. De
stoffen, het gaat altijd om een vaste deeltjes het extract.
suspensie. De stof met de grootste
dichtheid zakt naar de bodem, waarna
je de vloeistof makkelijk kan afgieten.
Adsorptie
Filtreren Ongewenste stoffen kun je verwijderen
Bij filtreren scheid je een vaste stof van door ze te absorberen, sommige
een vloeistof. De deeltjes die op het stoffen hechten beter aan een
filter achterblijven heten het residu, adsorptiemiddel dan anderen. Een veel
wat in de reageerbuis terecht komt en gebruikt adsorptiemiddel is actieve
dus door het filter ging heet het kool.
filtraat. Je maakt gebruik van
deeltjesgrootte. Indampen
Bij indampen verdampt het
oplosmiddel en houd je de opgeloste
stof over. Indampen wordt gebruikt bij
oplossingen, er is verschil in kookpunt.
Destilleren
Bij destilleren scheid je twee
Extraheren vloeistoffen van elkaar, je maakt
Bij extraheren maak je gebruik van gebruik van kookpunt. Je verwarmt
oplosbaarheid van vaste stoffen in een het mengsel waardoor de ene stof
vloeistof. Je wilt bepaalde verdampt, deze koel je weer terug
eigenschappen van de vaste stoffen