Rechtsbron: vindplaats van rechtsregels.
Welke vijf bronnen?
1. Wet: geschreven.
2. Verdrag en besluiten van internationale organisaties: geschreven.
3. Jurisprudentie: geschreven.
4. Gewoonte: ongeschreven.
5. Rechtsbeginselen: ongeschreven.
Steeds drie vragen:
1. Wat houdt deze rechtsbron in?
2. Onder welke voorwaarden geldt deze rechtsbron? (legaliteit of gelding)
3. Waarom geldt deze bron als rechtsbron? (legitimiteit)
Urgenda uitspraak: centrale plek in ons onderwijs.
Partijen: Stichting Urgenda en de Staat.
Rechter: burgerlijke rechter?
Waarom?
Vordering op basis van onrechtmatige daad. Is geregeld in het privaatrecht, dus burgerlijke
rechter handelt dit ook af.
Eis Urgenda: bevel aan Staat om CO2 uitstoot met 25-40% te beperken.
Drie instanties:
1. Rechtbank Den Haag in 2015.
2. Gerechtshof Den Haag in 2018.
3. Hoge Raad in 2019.
Urgenda krijgt drie keer gelijk.
Voorbeelden van rechtsbronnen in Urgenda:
1. Verdragen: EVRM en VN-klimaatverdrag. EVRM is hier belangrijker, omdat het EVRM directe
verplichtingen voor de Nederlandse rechtsorde in het leven roept. De jurisprudentie van het EHRM is
hier nog belangrijker, omdat deze de link legt tussen klimaatverandering en schendingen van het
EVRM.
2. Wet: Grondwet en BW.
3. Jurisprudentie: uitspraken EHRM.
4. Rechtsbeginselen: no-harmbeginsel en voorzorgsbeginsel.
Marc Loth ‘eenheid in gelaagdheid’
Formele rechtseenheid tegenover materiële rechtseenheid.
Formeel. Wordt bijna niet gebruikt in Urgenda.
Hiërarchie van geldige regels: hoogste regel geldt.
Materieel. Wordt meer gebruikt in Urgenda. De inhoud van de regels moet zo geïnterpreteerd worden
dat deze met elkaar overeenstemt. Maakt van pluralisme een coherent geheel.
Samenhang in de inhoud van regels: interpretatie regels afstemmen.
Loth: Urgenda laat verschuiving zien.
Rechtseenheid: de interpretatie van het recht moet zo zijn, dat het één geheel is zonder conflicten en
fricties. Rechtseenheid zorgt voor rechtsgelijkheid, omdat het recht als één wordt behandeld en dus
automatisch voor iedereen op een gelijke eenduidige manier, wat weer voor rechtszekerheid zorgt,
omdat iedereen weet waar hij of zij aan toe is.
Legaliteit versus legitimiteit van rechtsbronnen
Legaliteit (=geldigheid)
Kijken naar een specifieke regel.
Toetsen of aan voorwaarden voor geldigheid is voldaan.
Ja/nee.
Ja: geldende regel, dus moet toegepast worden.
Nee: geen geldende regel, mag niet toegepast worden.
Legitimiteit: