Leerdoelen:
Leerdoel 1: Wat is ongeschreven recht?
Leerdoel 2: Wat zijn rechtsbeginselen?
Leerdoel 3: Hoe verhouden beginselen zich tot het geschreven recht?
Leerdoel 4: Wat zijn andere bronnen van ongeschreven recht?
Boek 1: Recht in Context: Hoofdstuk 4: Het ideële moment van het rechtsbegrip: waarden van mensen,
waarden van het recht, paragraaf 1 en 2 en hoofdstuk 5: Het actuele moment: recht en samenleving,
paragraaf 1 en 2
Hoofdstuk 4, paragraaf 1: Inleiding: waarden van mensen
Leerdoel 1: Wat is ongeschreven recht?
Mensen laten zich niet alleen door rechtsnormen leiden, maar ook door hun eigen geloofs-, levens- en
rechtsovertuigingen rondom goed en kwaad, rechtvaardig en onrechtvaardig. Dit is voor de rechter
ongeschreven recht wat belangrijk is om mee te nemen in zijn besluiten.
Een verandering in waarden (ideële moment), zorgt voor een discrepantie tussen de rechtsnorm
(normatieve moment) en wat daarvan in de praktijk terechtkomt (actuele moment).
Leerdoel 2: Wat zijn rechtsbeginselen?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Leerdoel 3: Hoe verhouden beginselen zich tot het geschreven recht?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Leerdoel 4: Wat zijn andere bronnen van ongeschreven recht?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Hoofdstuk 4, paragraaf 2: Rechtsbeginselen als bron van recht
Leerdoel 1: Wat is ongeschreven recht?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Leerdoel 2: Wat zijn rechtsbeginselen?
Morele principes die als juridisch bindend worden ervaren. Voorbeelden van beginselen:
1. Algemeen rechtsbeginsel: wie opzettelijk de dood veroorzaakt van een ander die hem begunstigd
heeft, behoort geen voordeel uit die begunstiging te trekken.
2. Men behoort geen voordeel te hebben van de opzettelijk veroorzaakte dood van een ander.
3. Beginselen van behoorlijke rechtspraak (Art. 6 EVRM).
4. Fair-trial beginsel (Art. 6 EVRM): zorgt voor vijf fundamentele rechten voor procespartijen:
Het recht op toegang tot de rechter.
Het recht op een eerlijke behandeling.
Het recht op een openbare behandeling en uitspraak.
Het recht op afwikkeling van de procedure binnen een redelijke termijn.
Het recht op rechtspraak door een onafhankelijke en onpartijdige rechter.
5. Algemeen rechtsbeginsel dat de aantasting van verworven rechten verbiedt.
6. Beginsel van de rechtszekerheid.
Rechtsbeginselen maken het mogelijk om elke concrete situatie de beste interpretatie te geven.
(legtimiteitsvraag)
Iets mag pas een rechtsbeginsel worden genoemd als het een normatieve gedachte uitdrukt, met
morele of politieke betekenis. (legaliteitsvraag)
Een rechtsbeginsel vindt verankering in de wet, jurisprudentie of een verdrag. (legaliteitsvraag)
, Discussie over rechtsbeginselen:
Het is niet duidelijk wat een beginsel precies inhoudt, waardoor het beginsel vaak op basis van
meerdere uitspraken pas gebaseerd kan worden.
De herkomst van een rechtsbeginsel is vaak onduidelijk.
Leerdoel 3: Hoe verhouden beginselen zich tot het geschreven recht?
De functie van beginselen ten opzichte van het geschreven recht:
1. De normatieve functie van rechtsbeginselen: rechtsbeginselen leiden in wisselwerking met
rechtsregels tot rechtsgevolgen. Ze vervullen hierbij een vergelijkbare rol met de rechtsregels. Er kan
hierin een onderscheid worden gemaakt tussen de aanvullende en derogerende werking:
a. Aanvullende werking van rechtsbeginselen: een leemte in de wet wordt aangevuld met behulp
van één of meer rechtsbeginselen.
b. Derogerende of beperkende werking van rechtsbeginselen: op grond van een beginsel wordt een
wetsbepaling opzij gezet. De wetsbepaling is dan dus in strijd met het rechtsbeginsel.
2. De legitimerende functie van rechtsbeginselen: een rechtsbeginsel biedt een extra rechtvaardiging
aan een rechterlijke uitspraak.
3. De actualiserende functie van rechtsbeginselen: een rechtsbeginsel zorgt ervoor dat het recht wordt
aangepast aan de eisen van de tijd.
Rechtsbeginselen zorgen met deze functies voor de fundering van de rechtsorde.
Leerdoel 4: Wat zijn andere bronnen van ongeschreven recht?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Hoofdstuk 5, paragraaf 1: Recht en samenleving
Leerdoel 1: Wat is ongeschreven recht?
Politieke machtsverhoudingen zijn medebepalend voor de inhoud van het recht, evenals
belangenafwegingen in de maatschappij.
Leerdoel 2: Wat zijn rechtsbeginselen?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Leerdoel 3: Hoe verhouden beginselen zich tot het geschreven recht?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Leerdoel 4: Wat zijn andere bronnen van ongeschreven recht?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Hoofdstuk 5, paragraaf 2: De gewoonte als bron van recht
Leerdoel 1: Wat is ongeschreven recht?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Leerdoel 2: Wat zijn rechtsbeginselen?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Leerdoel 3: Hoe verhouden beginselen zich tot het geschreven recht?
Niet voorbij gekomen in deze paragraaf.
Leerdoel 4: Wat zijn andere bronnen van ongeschreven recht?
De gewoonte
Van habits die vaak voorkomend gedrag omschrijven kunnen bepaalde habits onderscheiden worden:
gewoonten die het fatsoen, de religie of de moraal betreffen. Houdt men zich hier niet aan, dan zal dit