100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
19
Geüpload op
17-01-2023
Geschreven in
2022/2023

Samenvatting studieboek Biology van Neil A. Campbell, Richard M Liebaert - ISBN: 9781292341637 (H32, H33 en H34)











Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Onbekend
Geüpload op
17 januari 2023
Aantal pagina's
19
Geschreven in
2022/2023
Type
Samenvatting

Voorbeeld van de inhoud

Algemene informatie: diversiteit dieren
Hoofdstuk 32.1
Alle dieren delen vijf gezamenlijke kenmerken (met enkele uitzonderingen):
− Meercellig
− Heterotroof
− Eukaryoot
− Hebben weefsels
− Kenmerkende embryonale ontwikkeling

In drie vaardigheden verschillen dieren van andere organismen:
− Voedingswijze
− Celtype en specialisatie (niet in bezit zijn van een celwand & zenuw-/spierweefsel)
− Voortplanting en embryonale ontwikkeling (klievingsdeling)

De fases van embryonale ontwikkeling:
− Bevruchting van de eicel door de zaadcel leidt tot een diploïde zygote.
− Door klievingsdeling blijft het klompje cellen even groot en bereikt na het acht-cellige
stadium de morula-fase.
− Op het moment dat het klompje cellen groter wordt dan de beginnende omvang en een
blastocoel (een holle binnenkant) ontwikkeld noemen we het de blastula.
− Na een kleine groei zal er een proces van gastrulatie beginnen, waarbij aan de ene
kant van het blaasje de buitenkant naar binnen wordt gezogen.
− Het klompje cellen zal vanaf dat moment de gastrula genoemd worden en er ontstaan
verschillende lagen weefsel.
− De binnenkant wordt entoderm en de buitenkant wordt ectoderm genoemd. De laag
ertussen wordt mesoderm genoemd.

Levenscyclus van de meeste dieren:
− Larve (niet geslachtsrijp, morfologisch niet lijkend op volwassen dier)
− Juveniel (niet geslachtrijp, morfologisch lijkt het op het volwassen dier)
− Volwassen (geslachtsrijp)

Hox-genen:
− Alle dieren (behalve sponzen), hebben hox-genen die de embryonale ontwikkeling
bepalen.
− Hox-genen geven een code af aan het vroegembryonale stadium van cellen om de
plek van de kop en de staart aan te geven.
− Dit verklaart waardoor bij veel dieren de vroege embryonale ontwikkeling er hetzelfde
uitziet.


Formatieve toets: 90%

,Hoofdstuk 32.2
Voorouder van de dieren:
− Met DNA-onderzoek is er een organisme gevonden die veel wegheeft van een cel in
een spons en andere dieren.
− Choanoflagellaten (eencellige, eukaryoot) lijken het meest op de choanocyt (een
kraagcel in een spons).
− Beide cellen bevatten bijna identieke cadherine proteïne (hechtingeiwitten om cellen
aan elkaar te binden), het enige verschil is dat het dierlijke cel een CCD-gedeelte in
de keten heeft.

De vier verschillende tijdperken:
− Neoproterozoic (1 miljard tot 541 miljoen jaar geleden)
− Paleozoic (541 tot 252 miljoen jaar geleden)
− Mesozoic (252 tot 66 miljoen jaar geleden)
− Cenozoic (66 miljoen jaar geleden tot heden)

Neoproterozoic:
− Eerste dieren, met voornamelijk zachte lichaamsdelen die radicaal symmetrisch zijn.
− De dieren leefde in een Ediacarische biota (vernoemd naar de bergen in Australië).
− Eerste predatie waargenomen (zie foto van Cloudina’s boorgatje).
− Door predatie begon de langzame opkomst van dierlijke variatie.

Paleozoic:
− Het tijdperk begon met een Cambrische explosie (een groei aan diersoorten).
− De groei was te danken aan de predatie die begon in het vorige tijdperk, waardoor
dieren zich steeds meer moesten aanpassen (hypothese).
− De groei kan ook komen door de vergrote hoeveelheid zuurstof in de atmosfeer,
waardoor grotere dieren ook konden leven (hypothese).
− Als laatste kan de hox-genencomplexiteit toegenomen zijn, waardoor er meer dieren
ontstonden (hypothese).
− In die tijd ontstonden ook veel verschillende bilaterale dieren die een complete
spijsvertering hadden (van mond tot anus).
− Steeds meer dieren gaan vanuit het water richting het land.

Mesozoic:
− Dinosaurussen leefde al een tijd aan land, net als vogels.
− De eerste kleine zoogdieren ontstonden die voornamelijk insecten aten en ’s nachts
actief waren.
− Er ontstond een grotere variatie aan planten en insecten op het land.
− Voor het tentamen wordt dit onderdeel niet getoetst.

, Cenozoic:
− Begin van het tijdperk was er een massa-extinctie, waarbij veel grote dieren
uitstierven.
− Zoogdieren werden een stukje groter.
− De temperaturen op aarde werden lager.

− Voor het tentamen wordt dit onderdeel niet getoetst.

Bij deze paragraaf hoort rekenvaardige skill!


Formatieve toets: 90%

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Angel1234 Intercultural Open University
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
32
Lid sinds
9 jaar
Aantal volgers
27
Documenten
2
Laatst verkocht
2 jaar geleden

4,0

2 beoordelingen

5
1
4
0
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen