Hoofdstuk 3 – Cultuur op de werkplek
Sociologie bestudeert de onderlinge samenhang in groepen en tussen
verschillende groepen waarin mensen functioneren. Maar ook de invloed van
maatschappelijke ontwikkelingen op gedrag van groepen en mensen in die
groepen.
Zoals:
- De samenleving
- Verschillende soorten samenlevingen
- Culturen
- Subculturen
- Een organisatie
Relevant voor jou als HRM-er het functioneren van mensen in sociale
verbanden begrijpen.
Sociologie draait om vraagstukken over:
- Sociale cohesie tot een groep behoren.
- Sociale conflicten Je onderscheiden van andere groepen.
- Zoekt structuur in het beïnvloeden van gedrag in groepen en tussen de
groep(en).
Culturele identiteit tot een groep behoren of juist niet.
- Identiteit is niet aangeboren maar aangeleerd in aanraking met cultuur.
- Cultuur bepaalt identiteit.
Cultuur geheel van opvattingen, voorstellingen, kennis, waarden en normen,
dat mensen als lid van een samenleving verwerven door middel van
leerprocessen in contact met andere mensen.
- Cultuur is overal en altijd.
- Wanneer je je in een andere cultuur bevindt, wordt je bewust van je
culturele identiteit.
- Cultuur is aangeleerd.
1
, Enculturatie het aanleren van cultuurkenmerken in de samenleving of het
milieu waar je geboren bent.
Gedrag = cultuur
- Om te overleven in de omgeving waarin je opgroeit.
Cultuur verandert:
- Cultural Lag
- Cultural Capital
- Gezonken cultuurgoed en Boerenbonteffect
- Informalisering van cultuur
- Civilisatieproces
Cultuur verandert continue, omdat de omgeving continue verandert.
Cultural Lag ontwikkelingen lopen soms vooruit op cultuur.
- Bijvoorbeeld ouderen met een iPad.
Cultural Capital cultuur verandert door menselijke beïnvloeding.
- Diegenen met invloed bepalen ‘hoe het heurt’.
- Handig om te weten ‘hoe het heurt’ om kansen te creëren.
- Tafelmanieren, privacy, beleefdheid, omgangsvormen, kleding, etc.
Gezonken cultuurgoed hoge cultuur/sociale elite wordt overgenomen door de
lage cultuur/lagere klassen.
Boerenbonteffect lage cultuur/lagere klassen wordt overgenomen door de
hoge cultuur/sociale elite.
- Moderne tijd.
Informalisering van cultuur aan maatschappelijke normen voldoen lijkt een
vrije keuze.
- Nivellering van culturele verschillen door welvaart.
- Bijvoorbeeld wildplassen waar het niet mag of je middelvinger opsteken in
het verkeer.
- Worden wij weer minder beschaafd?
Civilisatieproces er is sprake van een vergevorderde beschaving.
- Vanaf de Middel Eeuwen steeds verfijndere gedragsregels.
- Doel: beheersing van gedragsimpulsen.
- Steeds lossere omgang mogelijk omdat steeds meer mensen zich houden
aan ‘hoe het heurt’.
- Deftigheid is niet meer noodzakelijk om gedragsimpulsen te beheersen.
- Juist de vele publieke ergernissen aan het overtreden van gedragsnormen
in de samenleving tonen hoezeer men verwacht dat gedragsimpulsen
worden beheerst.
Cultuurverschillen:
- Culturele identiteit
- Stereotypen
- Vooroordelen
- Discriminatie
- Racisme
- Selectieve waarneming
2