100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Inleiding Inspanningsfysiologie Exercise Physiology: nutrition, energy, and human performance van McArdle

Beoordeling
1,0
(1)
Verkocht
16
Pagina's
69
Geüpload op
03-03-2016
Geschreven in
2012/2013

Uitgebreide Nederlandse samenvatting van het boek Exercise Physiology: nutrition, energy, and human performance van McArdle voor het vak Inleiding Inspanningsfysiologie.










Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Geüpload op
3 maart 2016
Aantal pagina's
69
Geschreven in
2012/2013
Type
Samenvatting

Voorbeeld van de inhoud

Inleiding Inspanningsfysiologie
Hoofdstuk 1. Structure and function of exercising muscle

Verschillende soorten spieren:
1. Gladde spieren: onwillekeurige spieren; staan niet onder directe bewuste controle.
-> bloedvaatwanden, wanden van de meeste interne organen
2. Hartspier: onwillekeurige spier, 'bestuurt' zichzelf (met fine-tuning van hormonen en zenuwstelsel)
-> hart
3. Skeletspieren: willekeurige spieren, staan onder directe bewuste controle, meer dan 600, gestreepte
spieren (door gestreepte voorkomen van de spiervezels).

Lagen om spieren heen:
- Epimysium: omringt de hele spier en houdt die bij elkaar
- Perimysium: bindweefsel dat de spiervezels (fasciculus) omringt
- Endoymsium: bindweefsel dat elke spiervezel apart omringt

Spiercellen (= spiervezels) hebben meerdere celkernen.

Plasmalemma: plasmamembraan om een individuele spiervezel heen. Plasmalemma is onderdeel van
het sarcolemma (= plasmalemma en basaalmembraan). Aan het einde van elke spiervezel versmelt het
plasmalemma met de pees die weer vastzit in het bot. Pezen zijn gemaakt van vezelachtige stukjes van
bindweefsel die de kracht van de spiervezels overbrengen naar de botten en dus beweging mogelijk
maken. Het plasmalemma heeft plooien bij het eindplaatje, waardoor de overdracht van het
actiepotentiaal van de motorneuron naar de spiervezel wordt vergemakkelijkt. Ook helpt het
plasmalemma met het handhaven van de zuur-basebalans en transporteert het metabolieten van het
capillaire bloed naar de spiervezels.

Satellietcellen: tussen plasmalemma en basaalmembraan in. Zorgen voor groei en ontwikkeling van
de skeletspieren en ook de aanpassing van de spieren aan blessure, immobilisatie en training.

Sarcoplasma: de ruimtes in de myofibrillen (de samentrekkende elementen van de spieren) zijn
gevuld met een soort gelatinespul -> sarcoplasma. Het vloeibare gedeelte van de spiervezel ->
cytoplasma van de spiervezel. Bestaat vooral uit opgeloste eiwitten, mineralen, glycogeen, vetten en
nodige organellen. In het sarcoplasma zit ook een netwerk van transversale (dwarse) tubuli (T-
tubuli): verlengingen van het plasmalemma die lateraal (zijdelings) door de spiervezel lopen. Deze T-
tubuli zijn aan elkaar verbonden, waardoor zenuwimpulsen die worden ontvangen door het
plasmalemma snel kunnen worden overgebracht naar de individuele myofibrillen. Ook kunnen stoffen
de cel in- en uit via de T-tubuli. In de spiervezel zit ook een sarcoplasmatisch reticulum (SR): een
opslag voor calcium.

Elke spiervezel bevat honderden tot duizenden myofibrillen: lange strengen van sarcomeren.
Sarcomeren: basis van een myofibril en het basis samentrekkend element van een spier. Elk myofibril
bestaat uit vele sarcomeren. Elk sarcomeer loopt van Z-disk tot Z-disk en bevat:
- I-band (lichte zone)
-> alleen dunne filamenten

, - A-band (donkere zone)
-> zowel dunne als dikke filamenten
- H-zone (midden van de A-band)
-> alleen dikke filamenten (door gebrek aan dunne filamenten lijkt de H-zone lichter dan de A-band)
- M-line in het midden van de H-zone
-> eiwitten die de aanhechtingsplaats vormen voor de dikke filamenten en die helpen de structuur van
de sarcomeer te stabiliseren
- rest van de A-band
- een tweede I-band

Dunne filamenten: actine, dikke filamenten: myosine. De Z-disk bestaat uit eiwitten, waar ze samen
met de eiwitten titine en nebuline zorgen voor aanhechtingspunten en stabiliteit van de dunne
filamenten.

Dikke filamenten
Tweederde van alle eiwitten in de spiercellen is myosine, het voornamelijkste eiwit waar de dikke
filamenten uit bestaan. Elk dik filament bevat veel myosinekoppen, die uitsteken om cross-bridges te
vormen met de dunne filamenten voor spiersamentrekking.
Dunne filamenten
Bestaan uit drie eiwitten: actine, tropomyosine en troponine. Elke dun filament zit met één kant vast
aan een Z-disk, en de andere kant reikt naar het midden van de sarcomeer, in de ruimte tussen de
dikke filamenten. Elk dun filament heeft actieve plekken waar myosinekoppen kunnen binden.
Tropomyosine wikkelt zich om de actinestrengen, troponine doet dat soms ook, of bindt zich juist weer
aan de tropomyosine. Tropomyosine verbergt de plekken op de actine waar myosine zich kan binden.

α-motorneuron: zenuwcel die contact maakt met en impulsen doorstuurt aan veel spiervezels. Motor
unit: een enkel α-motorneuron en alle spiervezels die deze aanstuurt. Neuromuscular junction:
synaps tussen de α-motorneuron en spiervezel. Excitatie-contractie koppeling: actiepotentiaal van
het brein of ruggenmerg naar een α-motorneuron -> via dendrieten naar axon -> axon terminals ->
acetylcholine wordt losgelaten -> bindt via synapsspleet aan receptoren op het plasmalemma -> als er
genoeg acetylcholine wordt gebonden -> actiepotentiaal over de hele lengte van de spiervezel -> ion
kanalen open in het celmembraan -> natrium de cel in = depolarisatie.

Het aankomen van een actiepotentiaal bij het sarcoplasmatisch reticulum zorgt er voor dat die grote
hoeveelheden opgeslagen calciumionen (Ca2+) vrijlaat in het sarcoplasma. Deze calciumionen binden
zich aan de troponine op de actinemoleculen. Troponine is erg gevoelig voor calcium, en zorgt ervoor
dat de tropomyosine van de bindingsplekken wordt gehaald. Hierdoor kunnen de myosinekoppen
binden aan de actinemoleculen.

Spieren samentrekken = vezels verkorten -> sliding filament theory: als de myosinebruggen zijn
geactiveerd, binden ze met actine waardoor er iets verandert. Hierdoor gaat de myosinekop kantelen
(= power stroke) en trekt hij zo het dunne filament naar het midden van de sarcomeer. Direct nadat de
myosinekop kantelt, breekt hij los van de actieve aanhechtingsplek en roteert terug naar de normale
stand. Hierdoor bindt hij aan een nieuwe actieve aanhechtingsplek verder op het actine filament. Dit
proces blijft duren totdat de einde van de myosinefilamenten de Z-disks bereiken, of totdat de Ca 2+
teruggepompt wordt het SR in.

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
8 jaar geleden

de hoofdstukken komen niet overeen met die in het boek zelf, daarnaast verschilt de inhoud van bepaalde begrippen met het boek (8e editie)

1,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
1
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Gwen13 Vrije Universiteit Amsterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
95
Lid sinds
9 jaar
Aantal volgers
75
Documenten
27
Laatst verkocht
2 weken geleden

3,4

17 beoordelingen

5
5
4
4
3
3
2
2
1
3

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen