Week 5
KC - Patiënt met PMN
Zenuw → mononeuropathie bv n.medianus
Beknelling n.medianus → carpaal tunnel syndroom (CTS)
● 1/10 zwangeren heeft er last van
● Kliniek
○ Doof gevoel, tintelingen, pijn dig I-IV
○ Vooral ‘s nachts, wapperen helpt
○ Hypesthesie n.medianus gebied
○ Soms krachtverlies/atrofie → m. abductor pollicis brevis en m. opponens
pollicis
● Diagnostiek
○ Elektromyofragie (EMG)
○ Echografie
○ Laboratoriumonderzoek
HC - Anatomie centraal vs perifeer
Centraal zenuwstelsel (CZS) → hersenen en ruggenmerg
Perifeer zenuwstelsel (PZS):
● Afferent (sensibel); viscerolo-sensibel (organen) en
(somato)sensibel
● Efferent (motorisch): viscero-motorisch (organen) en
(somato)-motorisch
Centraal zenuwweefsel; ontstaat uit cellen van de wand van de neurale buis
● Centrale neuronen & perifeer motorische neuronen
● Astrocyten
● Oligodendrocyten
● Ependym-cellen
Perifeer zenuwweefsel: ontstaat uit cellen van de neurale lijst
● Perifeer sensibele neuronen
● Postsynaptische visceromotorische neuronen
● Cellen van Schwann
● Achterhoorn → dorsaal →
sensibele vleugelplaat
● Voorhoorn → ventraal →
motorische basaalplaat
● Sulcus limitans → zijhoorn
Neuron → prikkelgeleidende zenuwcel
● Grijze stof → cellichamen (perikarya) en cel-uitlopers (dendrieten en axonen) van de
neuronen
, ● Witte stof → myeline-schede rondom de axonen
Motorische neuronen
● Centraal motorisch neuron → tractus
corticospinalis
○ Cellichaam ligt in cortex
○ Axon daalt af in witte stof van het
ruggenmerg
○ Stuurt perifeer motorisch neuron aan
○ Nog wel contact met de spier
● Perifeer motorisch neuron → motorische
voorhoorncellen, voorwortel, spinale zenuw,
plexus, perifere zenuw.
○ Cellichaam ligt in motorisch
voorhoorn/kernen van hersenzenuwen
○ Axon ligt perifeer, kern ligt in het centraal
zenuwstelsel
○ Vormt samen met aangestuurde spiervezels een motor-unit
○ Geen contact meer met de spier
○ Werkt inhiberend als het niet wordt aangespannen
Sensibele neuronen
,KC - Patiënt met dwarslaesie
Dwarslaesie → een dwarslaesie is een onderbreking van de continuïteit van het
ruggenmerg, waardoor diverse functies onder het niveau van de laesie uitvallen.
● Uitvalsverschijnselen: motoriek, sensibiliteit en autonome functiestoornissen
● Huidige levensverwachting bereikt niveau van generale populatie; verbeterd door
nazorg, preventie van secundaire stoornissen
Epidemiologie;
● Internationaal traumatisch; 8-60 patiënten miljoen/jaar
● Nederland traumatisch; 11,7 patiënten miljoen/jaar
● Nederland prevalentie: 12-15.000 in Nederland
Meest voorkomende oorzaak in Nederland: val
● Chirurgische interventie;
○ C3 fractuur na trauma waarvoor miami J halskraag
○ Bij cervicale stenose besloten tot laminectomie C3-C4
● Revalidatie
○ Ziekenhuisfase → 1-3 weken
○ Revalidatiefase → 3-9 maanden
○ Revalidatiearts voert het neurologische onderzoek uit om het niveau van de
dwarslaesie te bepalen, bepaalt de functionele prognose en voert het
prognose gesprek
○ Controlefase >40 jaar
Niveau van de laesie: neurologisch niveau → hierbij wordt gekeken naar het nummer van
het laatste intacte ruggenmergsegment (zenuwbundel)
● Sensibiliteit/motorisch, volgens de ASIA en AISA
○ MRC-schaal:
■ 0 → geen spiercontractie, 1 → enige spiercontractie, geen beweging
gewricht
● Anus: rectaal toucher → testen voor complete of incomplete dwarslaesie
○ Compleet → wanneer er geen sensibiliteit of willekeurige motoriek aanwezig
is in het laagste sacrale segment (S4-S5)
○ Incompleet → wel sensibiliteit of willekeurige motoriek aanwezig in het
laagste sacrale segment (S4-S5)
● Symptomen
○ Ademhaling: ademhaling is bij cervicale laesies en hoog thoracale laesies
verminderd door parese AH-spieren
■ Advies: ophoesten ondersteunen, ademhalingsoefeningen door
fysiotherapeut en airstacken
○ Hypotensie
■ Spinale shock; gekenmerkt door hypotensie door sympathische uitval
van de bloedvaten
● Advies: medicatie
, ■ Orthostatische hypotensie; door verminderde cardiale preload door
veneuze stase in de benen en onderbuik
● Advies: verticaliseren met langzaam opbouwschema,
zwachtelen, buikband, medicatie, vocht
○ Trombosepreventie
■ Start anti-stolling tenzij contra-indicatie
■ Passief doorbewegen extremiteiten
■ Lange elastische compressiekous
○ Autonome dysregulatie >Th6
■ Oorzakelijke prikkel proberen op te sporen
■ Patiënt verticaliseren
■ Medicamenteus behandelen
○ Mictie- en defecatie problemen
■ Blaas: atone blaas, ontbreken aandrang- en vullingsgevoel, katheter
en in latere fase intermitterend katheteriseren
■ Darm: vertraagde darmmotiliteit, afwezige aandrang en
vullingsgevoel, geeft obstipatie
■ Vezelrijk dieet en reflex laxantia
● Houding in bed adviezen ten aanzien van optimale stand gewrichten en
doorbewegen
○ Decubitus preventie → anti decubitus matras, wisselligging, druk vermijden,
inspectie
● Handfunctie → bij cervicale laesies
○ Mobiliteit behouden door doorbewegen en goed positioneren
○ Oedeemvorming tegengaan
● Psychosociale aspecten
○ Geef ruimte aan emoties
○ Betrek de naasten
○ Realistisch mogelijk beeld
○ Alert op cognitieve problematiek
○ Uitingen van doodswensen serieus nemen
○ Psycholoog/psychiater betrekken
WC - Fysiologie
Membraantransport
● Uniporter
● Symporter → Sodium/glucose
cotransporter
● Antiporter → Na+-K+-pomp
Hypothetische cel met in het membraan passieve kaliumkanalen (K+-lekkanalen)
Wat is de rustpotentiaal?
○ Chemische gradiënt → kalium beweegt naar buiten → binnen de cel wordt
het negatief
○ Elektrische gradiënt → kalium gaat hierdoor weer naar binnen toe
○ Chemische gradiënt en elektrische gradiënt heffen elkaar op bij -90mV →
elektrochemische gradiënt = 0
KC - Patiënt met PMN
Zenuw → mononeuropathie bv n.medianus
Beknelling n.medianus → carpaal tunnel syndroom (CTS)
● 1/10 zwangeren heeft er last van
● Kliniek
○ Doof gevoel, tintelingen, pijn dig I-IV
○ Vooral ‘s nachts, wapperen helpt
○ Hypesthesie n.medianus gebied
○ Soms krachtverlies/atrofie → m. abductor pollicis brevis en m. opponens
pollicis
● Diagnostiek
○ Elektromyofragie (EMG)
○ Echografie
○ Laboratoriumonderzoek
HC - Anatomie centraal vs perifeer
Centraal zenuwstelsel (CZS) → hersenen en ruggenmerg
Perifeer zenuwstelsel (PZS):
● Afferent (sensibel); viscerolo-sensibel (organen) en
(somato)sensibel
● Efferent (motorisch): viscero-motorisch (organen) en
(somato)-motorisch
Centraal zenuwweefsel; ontstaat uit cellen van de wand van de neurale buis
● Centrale neuronen & perifeer motorische neuronen
● Astrocyten
● Oligodendrocyten
● Ependym-cellen
Perifeer zenuwweefsel: ontstaat uit cellen van de neurale lijst
● Perifeer sensibele neuronen
● Postsynaptische visceromotorische neuronen
● Cellen van Schwann
● Achterhoorn → dorsaal →
sensibele vleugelplaat
● Voorhoorn → ventraal →
motorische basaalplaat
● Sulcus limitans → zijhoorn
Neuron → prikkelgeleidende zenuwcel
● Grijze stof → cellichamen (perikarya) en cel-uitlopers (dendrieten en axonen) van de
neuronen
, ● Witte stof → myeline-schede rondom de axonen
Motorische neuronen
● Centraal motorisch neuron → tractus
corticospinalis
○ Cellichaam ligt in cortex
○ Axon daalt af in witte stof van het
ruggenmerg
○ Stuurt perifeer motorisch neuron aan
○ Nog wel contact met de spier
● Perifeer motorisch neuron → motorische
voorhoorncellen, voorwortel, spinale zenuw,
plexus, perifere zenuw.
○ Cellichaam ligt in motorisch
voorhoorn/kernen van hersenzenuwen
○ Axon ligt perifeer, kern ligt in het centraal
zenuwstelsel
○ Vormt samen met aangestuurde spiervezels een motor-unit
○ Geen contact meer met de spier
○ Werkt inhiberend als het niet wordt aangespannen
Sensibele neuronen
,KC - Patiënt met dwarslaesie
Dwarslaesie → een dwarslaesie is een onderbreking van de continuïteit van het
ruggenmerg, waardoor diverse functies onder het niveau van de laesie uitvallen.
● Uitvalsverschijnselen: motoriek, sensibiliteit en autonome functiestoornissen
● Huidige levensverwachting bereikt niveau van generale populatie; verbeterd door
nazorg, preventie van secundaire stoornissen
Epidemiologie;
● Internationaal traumatisch; 8-60 patiënten miljoen/jaar
● Nederland traumatisch; 11,7 patiënten miljoen/jaar
● Nederland prevalentie: 12-15.000 in Nederland
Meest voorkomende oorzaak in Nederland: val
● Chirurgische interventie;
○ C3 fractuur na trauma waarvoor miami J halskraag
○ Bij cervicale stenose besloten tot laminectomie C3-C4
● Revalidatie
○ Ziekenhuisfase → 1-3 weken
○ Revalidatiefase → 3-9 maanden
○ Revalidatiearts voert het neurologische onderzoek uit om het niveau van de
dwarslaesie te bepalen, bepaalt de functionele prognose en voert het
prognose gesprek
○ Controlefase >40 jaar
Niveau van de laesie: neurologisch niveau → hierbij wordt gekeken naar het nummer van
het laatste intacte ruggenmergsegment (zenuwbundel)
● Sensibiliteit/motorisch, volgens de ASIA en AISA
○ MRC-schaal:
■ 0 → geen spiercontractie, 1 → enige spiercontractie, geen beweging
gewricht
● Anus: rectaal toucher → testen voor complete of incomplete dwarslaesie
○ Compleet → wanneer er geen sensibiliteit of willekeurige motoriek aanwezig
is in het laagste sacrale segment (S4-S5)
○ Incompleet → wel sensibiliteit of willekeurige motoriek aanwezig in het
laagste sacrale segment (S4-S5)
● Symptomen
○ Ademhaling: ademhaling is bij cervicale laesies en hoog thoracale laesies
verminderd door parese AH-spieren
■ Advies: ophoesten ondersteunen, ademhalingsoefeningen door
fysiotherapeut en airstacken
○ Hypotensie
■ Spinale shock; gekenmerkt door hypotensie door sympathische uitval
van de bloedvaten
● Advies: medicatie
, ■ Orthostatische hypotensie; door verminderde cardiale preload door
veneuze stase in de benen en onderbuik
● Advies: verticaliseren met langzaam opbouwschema,
zwachtelen, buikband, medicatie, vocht
○ Trombosepreventie
■ Start anti-stolling tenzij contra-indicatie
■ Passief doorbewegen extremiteiten
■ Lange elastische compressiekous
○ Autonome dysregulatie >Th6
■ Oorzakelijke prikkel proberen op te sporen
■ Patiënt verticaliseren
■ Medicamenteus behandelen
○ Mictie- en defecatie problemen
■ Blaas: atone blaas, ontbreken aandrang- en vullingsgevoel, katheter
en in latere fase intermitterend katheteriseren
■ Darm: vertraagde darmmotiliteit, afwezige aandrang en
vullingsgevoel, geeft obstipatie
■ Vezelrijk dieet en reflex laxantia
● Houding in bed adviezen ten aanzien van optimale stand gewrichten en
doorbewegen
○ Decubitus preventie → anti decubitus matras, wisselligging, druk vermijden,
inspectie
● Handfunctie → bij cervicale laesies
○ Mobiliteit behouden door doorbewegen en goed positioneren
○ Oedeemvorming tegengaan
● Psychosociale aspecten
○ Geef ruimte aan emoties
○ Betrek de naasten
○ Realistisch mogelijk beeld
○ Alert op cognitieve problematiek
○ Uitingen van doodswensen serieus nemen
○ Psycholoog/psychiater betrekken
WC - Fysiologie
Membraantransport
● Uniporter
● Symporter → Sodium/glucose
cotransporter
● Antiporter → Na+-K+-pomp
Hypothetische cel met in het membraan passieve kaliumkanalen (K+-lekkanalen)
Wat is de rustpotentiaal?
○ Chemische gradiënt → kalium beweegt naar buiten → binnen de cel wordt
het negatief
○ Elektrische gradiënt → kalium gaat hierdoor weer naar binnen toe
○ Chemische gradiënt en elektrische gradiënt heffen elkaar op bij -90mV →
elektrochemische gradiënt = 0