TOE – Experimenteel
College 1
Experiment: 1 ding te variëren en met een experiment weten waarom iets werkt.
- Wat is het causale verband tussen iets en iets anders
- Experimenten: een causaal effect proberen te begrijpen door 1 ding te
variëren
Quazi-experimenteel design: natuurlijke groepen, niet geforceerd om iets te
doen
Pure experimentele design: random indelen/toewijzen van groepen
Within person: je herhaalt iets meerdere keren
Within/between
Tussen personen: between person subjects:
Factoren: categorische variabelen, wel of niet Binnen/tussen personen
meedoen met het experiment. Vb. leeftijd, (kijk definitie in boek)
sekse
Placebo-effect wil je onder controle krijgen + het natuurlijk herstel zien.
- Om het placebo en natuurlijk herstel uit elkaar te trekken: wachtlijst groep.
Interventie groep: krijgen de interventie/het experiment
Controle groep: krijgen helemaal niks, ter controle van het experiment
Wachtlijst groep: jullie moeten half jaar wachten, dan krijgen jullie therapie.
- Je geeft ze wel een nep-pil en dan haal je het placebo + natuurlijk herstel
uit elkaar.
- Zorg bij een onderzoek dat beide groepen beginnen op hetzelfde punt, dit
betekent dat er goed gerandomiseerd is.
Regressie naar het gemiddelde: dat je hoogst waarschijnlijk lager scoort dan
de vorige/eerste meting. Je kan niet anders dan lager scoren, of dat iedereen
meer hetzelfde scoort.
- De schaal loopt tot 24, het maximale wat je scoren. Hier scoort men 22.
- Het plafond-effect: bijna het plafond bereikt van je schaal.
o Regressie naar het gemiddelde kan voorkomen als je een plafond-
effect hebt.
History threat: er kan iets ten tijde van het experiment is gebeurt wat al die
respondenten heeft geraakt. Een historische gebeurtenis
- Langdurig onderzoek: in die groepen kan er iets gebeuren of de wetgeving
verandert.
- Belangrijk in veld-experimenten, je probeert de history threat onder de
knie te krijgen.
, Veld-experiment: mensen kunnen ook zelf opweg naar hulp (=vervuiling),
waardoor de twee groepen niet meer hetzelfde zijn. Het is moeilijk om mensen te
controleren in het veld.
Lab-experiment: alles is hetzelfde en het onderzoek wordt gedaan binnen een
bepaalde ruimte, waardoor onderzoekers invloed hebben op alle factoren
Observer-bias: als wetenschapper wil je heel graag dat je onderzoek werkt. Je
weet ook wie er een de experimentiele groep zit, dus ga je deze misschien extra
goed behandelen.
- Voorkomen door dubbel-blind onderzoek: als observer weet je niet in welke
therapie groep jouw deelnemer zit.
Enkel blind: de deelnemer weet niet in welke groep hij of zij zit
Dubbel blind onderzoek: de onderzoeker weet ook niet in welke groep de
deelnemer zit.
Maturation threat: natuurlijke ontwikkeling
Testing threat: elke keer stelde de onderzoekers dezelfde vraag.
- Je leert van die vraag en je weet wat je moet antwoorden op die vraag (dit
geldt voor intelligentie vragen)
- Je wilt eigenlijk elke testing iets anders vragen, maar volgende probleem:
instrumentarium threat: nu gebruik je verschillende vragen, komen
deze vragen nog op hetzelfde neer?
Demand characteristics: patiënten willen dat het beter gaat met ze
Geen genestheid kijk boek voor definitie
Empirische cyclus kijk boek. Hier die van hc
Wat wil je weten?
Hoe denk je dat het zit?
Hoe ga je onderzoeken of dat klopt?
Hoe onderzoek uitvoeren
Wat is het resultaat van je onderzoek?
Is dat wat je had verwacht?
Nieuwe vragen
Wat wil je weten?
Interactie effect: kijk naar de paralleliteit van de lijnen kijken
- Parallel: geen interactie effect
Hoofdeffecten:
Als je over hoofdeffecten praat dan moeten de lijnen parallel staan
Interactie effect: omdat de lijnen niet parallel lopen omgekeerd effect
College 1
Experiment: 1 ding te variëren en met een experiment weten waarom iets werkt.
- Wat is het causale verband tussen iets en iets anders
- Experimenten: een causaal effect proberen te begrijpen door 1 ding te
variëren
Quazi-experimenteel design: natuurlijke groepen, niet geforceerd om iets te
doen
Pure experimentele design: random indelen/toewijzen van groepen
Within person: je herhaalt iets meerdere keren
Within/between
Tussen personen: between person subjects:
Factoren: categorische variabelen, wel of niet Binnen/tussen personen
meedoen met het experiment. Vb. leeftijd, (kijk definitie in boek)
sekse
Placebo-effect wil je onder controle krijgen + het natuurlijk herstel zien.
- Om het placebo en natuurlijk herstel uit elkaar te trekken: wachtlijst groep.
Interventie groep: krijgen de interventie/het experiment
Controle groep: krijgen helemaal niks, ter controle van het experiment
Wachtlijst groep: jullie moeten half jaar wachten, dan krijgen jullie therapie.
- Je geeft ze wel een nep-pil en dan haal je het placebo + natuurlijk herstel
uit elkaar.
- Zorg bij een onderzoek dat beide groepen beginnen op hetzelfde punt, dit
betekent dat er goed gerandomiseerd is.
Regressie naar het gemiddelde: dat je hoogst waarschijnlijk lager scoort dan
de vorige/eerste meting. Je kan niet anders dan lager scoren, of dat iedereen
meer hetzelfde scoort.
- De schaal loopt tot 24, het maximale wat je scoren. Hier scoort men 22.
- Het plafond-effect: bijna het plafond bereikt van je schaal.
o Regressie naar het gemiddelde kan voorkomen als je een plafond-
effect hebt.
History threat: er kan iets ten tijde van het experiment is gebeurt wat al die
respondenten heeft geraakt. Een historische gebeurtenis
- Langdurig onderzoek: in die groepen kan er iets gebeuren of de wetgeving
verandert.
- Belangrijk in veld-experimenten, je probeert de history threat onder de
knie te krijgen.
, Veld-experiment: mensen kunnen ook zelf opweg naar hulp (=vervuiling),
waardoor de twee groepen niet meer hetzelfde zijn. Het is moeilijk om mensen te
controleren in het veld.
Lab-experiment: alles is hetzelfde en het onderzoek wordt gedaan binnen een
bepaalde ruimte, waardoor onderzoekers invloed hebben op alle factoren
Observer-bias: als wetenschapper wil je heel graag dat je onderzoek werkt. Je
weet ook wie er een de experimentiele groep zit, dus ga je deze misschien extra
goed behandelen.
- Voorkomen door dubbel-blind onderzoek: als observer weet je niet in welke
therapie groep jouw deelnemer zit.
Enkel blind: de deelnemer weet niet in welke groep hij of zij zit
Dubbel blind onderzoek: de onderzoeker weet ook niet in welke groep de
deelnemer zit.
Maturation threat: natuurlijke ontwikkeling
Testing threat: elke keer stelde de onderzoekers dezelfde vraag.
- Je leert van die vraag en je weet wat je moet antwoorden op die vraag (dit
geldt voor intelligentie vragen)
- Je wilt eigenlijk elke testing iets anders vragen, maar volgende probleem:
instrumentarium threat: nu gebruik je verschillende vragen, komen
deze vragen nog op hetzelfde neer?
Demand characteristics: patiënten willen dat het beter gaat met ze
Geen genestheid kijk boek voor definitie
Empirische cyclus kijk boek. Hier die van hc
Wat wil je weten?
Hoe denk je dat het zit?
Hoe ga je onderzoeken of dat klopt?
Hoe onderzoek uitvoeren
Wat is het resultaat van je onderzoek?
Is dat wat je had verwacht?
Nieuwe vragen
Wat wil je weten?
Interactie effect: kijk naar de paralleliteit van de lijnen kijken
- Parallel: geen interactie effect
Hoofdeffecten:
Als je over hoofdeffecten praat dan moeten de lijnen parallel staan
Interactie effect: omdat de lijnen niet parallel lopen omgekeerd effect