HC zweetsecretie en talgsecretie............................................................................................................2
Gastcollege diversiteit en cultuur.........................................................................................................13
HC pigmentstoornissen........................................................................................................................15
HC psychologie over gedrag en referentiekaders.................................................................................23
HC talg en zweetklieraandoeningen.....................................................................................................28
HC zon en de huid (zonnebrandcrèmes)...............................................................................................35
HC zonnebrandcrème...........................................................................................................................41
Hoorcollege..........................................................................................................................................41
Zonnebrandcrèmes...........................................................................................................................41
Weblecture gepigmenteerde huid........................................................................................................53
Weblecture LIRA webinar.....................................................................................................................55
Weblecture microdermabrasie.............................................................................................................57
Weblecture responsiecollege peelings.................................................................................................61
Weblecture acne..................................................................................................................................75
Weblecture rosacea..............................................................................................................................83
Weblecture zon en de huid..................................................................................................................87
,HC zweetsecretie en talgsecretie
Je huid zit om je heen als een goed passend jasje
• Dat jasje houdt je hele lichaam netjes bij elkaar
• Je huid is het grootste orgaan van je lichaam
• Aan de huid kun je ongeveer zien hoe oud iemand is
• Bij baby’s en kinderen is de huid glad
• Tieners hebben vaak jeugdpuistjes en oude mensen krijgen rimpels
• Iemand die het koud heeft, krijgt kippenvel
• iemand die het warm heeft, gaat hij zweten
• En is iemand verlegen? – Dan gaat hij blozen en zijn huid krijgt een rode kleur
Wat kan er mis gaan?
• Te veel? te weinig? • Nat? • Droog? • Vettig? • Soepel? • Stug?
Huid/embryologie
De huid ontstaat uit 2 lagen
Epidermis/adnexen: ectoderm
dermis: mesoderm
Zweetklieren
• welke soorten zweetklieren zijn er ?
• waar bevinden deze klieren zich ?
• wat is de functie van zweet ?
• Hebben dieren ook deze zweetklieren? Alle zoogdieren
Talgklieren
• wat is de functie van talg?
• waar komen in onze huid geen talgklieren voor ?
• welke hormonen beinvloeden de talgklier productie ?
• wat voor soort klier is de talgklier en wat betekent dit ?
,Klier
• is een weefsel dat het produceren of transporteren van bepaalde stoffen als doel heeft
• of glandula, orgaan dat een bepaalde stof afscheidt
• deze stoffen kunnen zeer verschillend van aard zijn: traanvocht, melk, zweet, speeksel, maagsap,
darmsap hormonen
• klieren met interne secretie (endocrien)
• klieren met externe secretie (exocrien)
Klieren
• endocriene klieren geven hun product direct af aan het bloed
• exocriene klieren hun product dmv een buisje naar buiten toe afgeven of aan een holte in het
lichaam
endocriene klieren, interne secretie:
– alvleesklier (insuline, glucagon)
– schildklier
– hypofyse
– bijnier
– geslachtsklier
exocriene klieren, externe secretie:
– alvleesklier: maakt hormonen aan insuline en glucagon(endo) en maakt verteringsenxymen
(exocrien)
– speekselklieren
– zweetklieren
– talgklieren
– traanklieren
– melkklieren
Een lymfeklier is eigenlijk geen echte klier, omdat deze zelf geen afscheidingsproduct maakt. In de
lymfoklieren zitten lymfocyten.
Exocriene klieren
• droppen hun producten aan het huidoppervlak of in lichaamsholten
• hebben wel een afvoerbuis
• productie kan op drie verschillende manieren
Aantal secretie cellen (exocrien):
– eencellig (unicellulair); gobletcel, dat zijn hele kleine kliertjes die slijm aanmaken die je kan terug
vinden in de maag maar ook bij het oog maken ze bepaalde soort slijm, en daarom kunnen we
makkelijk onze ogen open en dicht doen.
– meercellig (multicellulair); speekselklier, zweet en talgklier
Soort afscheiding (dus wat is het product van het soort kliertje)
– talg, sereus (waterig), muceus (meer dikkig) en een mix daarvan
Vorm
, – buis (tubulus), tros (alveolus), mix
Afvoer
– simpel, gecompliceerd
Werkwijze productie-cellen
– merocriene, holocriene, apocriene
Meercellige exocriene klieren (zweetklier en talgklier)
vorm
– alveolus
– tubulus
– mix
bouw
– productiecellen (secretory)
– uitvoer-cellen(duct)
werkwijze productie-cellen (dus hoe wordt het product aangemaakt)
– exocytose (merocrien) (blaasjestransport)
– turn-over (holocrien)
– mix (apocrien)
Werkwijze productie-cellen
(meercellige exocriene klieren):
• merocrien (exocytose)
• holocrien (turn-over)
• apocrien (mix)
Merocriene secretie:
• exocytose (blaasjestransport). Dus stel voor het product wordt aangemaakt dan kijk je per cel in
elke cel wordt product aangemaakt en dan moet het product naar buiten dus die moet in de
afvoerbuis geplaatst worden en dat gaat via blaasjestransport. Dus de cel gaat hier niet kapot.