Medisch
1: Trombose, Embolie, Arteriosclerose, Cerebovasculair Accident (CVA)
De begrippen trombose, trombus, embolus en embolie en hun ontstaan uit te leggen
Trombose:
- Aandoening dat er in een bloedvat een bloedstolsel, de
zogenaamde trombus, gevormd wordt
- Trombose kan ontstaan in slagaderen en aderen
- Een veneuze trombose in de bloedbaan kan vastlopen in de
longen. Dit heet een longembolie
- Bij veneuze trombose ontstaat een stolsel, dat vaak bestaat uit de
erytrocyten. Hier gaan fibrinedraden omheen zitten. Bloedvat
raakt verstopt, en deze gaat opzwellen -> trombosebeen
Embolie:
- Afsluiting van een slagader of een ader, door wat voor materiaal dan
ook, dat zich in het bloedvat kan huisvesten en zijn holte kan
afsluiten
- Wanneer de embolus een bloedstolsel is spreken we hier van een
trombo-embolie, embolus van erytrocyten en fibrine is de meest
voorkomende
- Een embolie kan ook door een ander vreemd voorwerp gevormd
worden
- Bloedstolsel kan losbreken. Dit stukje (embolus) kan verderop in het
bloedvatenstelsel vastlopen bij een vernauwing (embolie)
, Uit te leggen wat wordt verstaan onder ‘arteriosclerose’ en ‘atherosclerose’
Arteriosclerose:
- De arteriewanden worden dikker en stugger
- 2 soorten: focale verkalking en atherosclerose
Atherosclerose:
- (in het Nederlands aderverkalking) is een gecompliceerd en langzaam voortschrijdende
ziekte waarbij vetachtige stoffen in de wand van slagaders worden afgezet; de zogenaamde
"fatty streak", waardoor het bloed minder gemakkelijk of zelfs helemaal niet meer door de
slagader kan stromen
- In een later stadium wordt de atherosclerotische plaque gevormd (atheromen)
- Bloedplaatjes (trombocyten) hechten zich hieraan en vernauwen het lumen
- Gevolgen:
o Hypertensie
o Hartinfarct
o CVA
, 1: Risicofactoren atherosclerose:
- Leeftijd, (hogere leeftijd is hoger risico)
- Mannelijk geslacht
- Roken
- Ongezond eetpatroon (veel suiker en verzadigde vetten)
- Suikerziekte
- Hoge bloeddruk
- Een hoog cholesterolgehalte
- Inactiviteit
- Overgewicht/obesitas
- Genetische predispositie
2: Cholesterol:
- Is een vet (=‘lipide’ ) in ons bloed
- Wordt aangemaakt in onze lever
- Krijgen we binnen door voeding
- Hebben we nodig (hormonen)
- Wordt op twee manieren in de
bloedbaan vervoert door lipoproteïnen
o Low-density lipoproteïn (te veel
cholesterol, meer kans op
atherosclerose)
o High- density lipoproteïn (minder
cholesterol)
1: Trombose, Embolie, Arteriosclerose, Cerebovasculair Accident (CVA)
De begrippen trombose, trombus, embolus en embolie en hun ontstaan uit te leggen
Trombose:
- Aandoening dat er in een bloedvat een bloedstolsel, de
zogenaamde trombus, gevormd wordt
- Trombose kan ontstaan in slagaderen en aderen
- Een veneuze trombose in de bloedbaan kan vastlopen in de
longen. Dit heet een longembolie
- Bij veneuze trombose ontstaat een stolsel, dat vaak bestaat uit de
erytrocyten. Hier gaan fibrinedraden omheen zitten. Bloedvat
raakt verstopt, en deze gaat opzwellen -> trombosebeen
Embolie:
- Afsluiting van een slagader of een ader, door wat voor materiaal dan
ook, dat zich in het bloedvat kan huisvesten en zijn holte kan
afsluiten
- Wanneer de embolus een bloedstolsel is spreken we hier van een
trombo-embolie, embolus van erytrocyten en fibrine is de meest
voorkomende
- Een embolie kan ook door een ander vreemd voorwerp gevormd
worden
- Bloedstolsel kan losbreken. Dit stukje (embolus) kan verderop in het
bloedvatenstelsel vastlopen bij een vernauwing (embolie)
, Uit te leggen wat wordt verstaan onder ‘arteriosclerose’ en ‘atherosclerose’
Arteriosclerose:
- De arteriewanden worden dikker en stugger
- 2 soorten: focale verkalking en atherosclerose
Atherosclerose:
- (in het Nederlands aderverkalking) is een gecompliceerd en langzaam voortschrijdende
ziekte waarbij vetachtige stoffen in de wand van slagaders worden afgezet; de zogenaamde
"fatty streak", waardoor het bloed minder gemakkelijk of zelfs helemaal niet meer door de
slagader kan stromen
- In een later stadium wordt de atherosclerotische plaque gevormd (atheromen)
- Bloedplaatjes (trombocyten) hechten zich hieraan en vernauwen het lumen
- Gevolgen:
o Hypertensie
o Hartinfarct
o CVA
, 1: Risicofactoren atherosclerose:
- Leeftijd, (hogere leeftijd is hoger risico)
- Mannelijk geslacht
- Roken
- Ongezond eetpatroon (veel suiker en verzadigde vetten)
- Suikerziekte
- Hoge bloeddruk
- Een hoog cholesterolgehalte
- Inactiviteit
- Overgewicht/obesitas
- Genetische predispositie
2: Cholesterol:
- Is een vet (=‘lipide’ ) in ons bloed
- Wordt aangemaakt in onze lever
- Krijgen we binnen door voeding
- Hebben we nodig (hormonen)
- Wordt op twee manieren in de
bloedbaan vervoert door lipoproteïnen
o Low-density lipoproteïn (te veel
cholesterol, meer kans op
atherosclerose)
o High- density lipoproteïn (minder
cholesterol)