Stroming 1: Postmodernisme
Architect 1: Alessandro Mendini
Gebouw 1: Groninger Museum
De naam van het gebouw verklapt eigenlijk de functie al, het functioneert als een museum en
tegelijkertijd ook als een van de trekpleisters van de provincie Groningen. Het museum bestaat uit
verschillende "eilanden" en deze zijn weer opgedeeld in paviljoenen. Mendini heeft er hiervan 2
ontworpen: het middenpaviljoen en medini 1 en 2. Het middelpaviljoen is het paviljoen waar de
gouden toren op staat. Voorheen was dit het depot van het museum. Door de jaren heen was de
collectie echter te groot geworden om nog opgeslagen te kunnen worden in de toren en daarom
bezit het Groninger Museum tegenwoordig een depot ergens anders in de stad. Het middenpaviljoen
bestaat tevens uit een openbare weg met ophaalbrug waar per dag duizenden mensen over het dak
van het museum naar de stad lopen. Het Mendinipaviljoen is aan de buitenzijde bekleed met het
zogenaamde 'Proust-motief'. Mendini ontwikkelde dit patroon aan de hand van
een pointillistisch schilderij. Hij vergrootte details sterk uit en verwerkte deze in zijn ontwerpen. Aan
de binnenkant zijn deze twee verdiepingen traditioneel, met een rondgang en een middenzaal. Dit
noemt men ook wel het 'klassieke' museummodel. Het verschil met echte klassieke musea is dat hier
geen ramen aanwezig zijn. Mendini en Frans Haks vonden de toelating van daglicht minder ideaal; zij
wilden dat het museum zelf belichting en sfeer kan bepalen. De uitbundige kleuren, vrije vormen en
speelse details zijn kenmerkend voor het Postmodernisme. Je ziet kleuren als geel, groen, oranje en
blauw. Ook zijn er verschillende patronen te zien op de verschillende de delen. De vormen zou ik zelf
ook wel willen gebruiken in mijn ontwerp omdat het creativiteit uitstraald. Het gebouw bestaat
voornamelijk uit steen, glas en metaal. Mendini zijn mening was dat alles al een keer verzonnen en
gemaakt is. Verschillende stijlen zoals het impressionisme, het kubisme en het futurisme waren voor
hem een rijke inspiratiebron in de schilderkunst. Voor het museum bewerkte hij bijvoorbeeld een
deurklink van Walter Gropius (Bauhaus), als voorbeeld van functionalisme en nieuwe zakelijkheid.
Hier voegde hij vervolgens een terrazzo-motief aan toe; een typisch Italiaans product van inlegwerk
voor vloeren. Mendini beschouwde het aanbrengen van versieringen als iets uit de diepste kern van
de mens. In tegenstelling tot onpersoonlijke ontwerpen van andere architecten, wilde hij juist door
decoratie laten zien dat alles en iedereen individueel anders kan zijn. De buitenkant van het museum
is bedekt met vrolijk gekleurde tegels en de entree en de trap zijn bedekt met mozaïek.