Aardrijkskunde – Hoofdstuk 2 – Nederland veranderd
Paragraaf 1
Binnenstad – De stadsdriehoek van Rotterdam ontstond aan de Rotte, een zijrivier van
de Nieuwe Maas. Samen met de eerste havens ontstond de stadsdriehoek van
Rotterdam. De eerste periode van stedelijke vernieuwing in de historische binnenstad is
die net na de Tweede Wereldoorlog. Een kenmerk van deze binnenstad was dat er bijna
niemand woonde. Het was vooral gericht op werken (centrale zakenwijk). De tweede
periode was na 1980, hierna werden de kenmerken anders: meer gericht op wonen, maar
ook een uitbreiding van voorzieningen (commerciële dienstverlening) en
werkgelegenheid, waaronder de quartaire sector.
Oude havens, nieuwe functies – De kenmerken van stedelijke vernieuwing in
oudere havengebieden zijn: nieuwe gebouwen. Onder andere nieuwe
stadsappartementen aan het water. De vernieuwingen vonden plaats in een groter
gebied dat de historische binnenstad. Het stadscentrum van Rotterdam is flink
uitgebreid. Ook is er spraak van ruimtelijke ordening.
Een nieuw station – Er was vernieuwing van het station nodig, omdat het aantal
reizigers enorm was toegenomen.
Aantrekkelijke stad – Re-urbanisatie is voor een stad heel belangrijk, omdat door er
bevolkingsgroei meer voorzieningen zijn en de levendigheid wordt verbeterd.
Paragraaf 2
De Afrikaanderwijk – De leefbaarheid is erg verschillend in Rotterdam. De
Afrikaanderwijken en andere woonwijken in Rotterdam-Zuid ontstonden, doordat er veel
nieuw werk was in de nieuwe havens. Door dat nieuwe werk kwamen daar veel
huishoudens op af en werden en in korte tijd wijken, zoals de Afrikaanderwijk, uit de
grond gestampt. Het waren goedkope huurwoningen die klein, slecht gebouwd en dicht
op elkaar gebouwd waren.
Achterstandswijk – De Afrikaanderwijk (en andere woonwijken) werden
achterstandswijken, omdat de achterblijvers en mensen die de vrijgekomen woningen
overnamen arm, werkloos en ongeschoold waren. Ook verhuisden inwoners met een goed
inkomen uit de Afrikaanderwijk (selectieve migratie) Grote problemen zijn de
criminaliteit en verloedering. Veel woningen zijn te klein en slecht onderhouden.
Stedelijke vernieuwing – De stedelijke vernieuwing in de Afrikaanderwijk verloopt
goed. In de plaats voor oude slecht huurwoningen komen nieuwe huur- en koopwoningen.
Er is ook renovatie. Een ander kenmerk is de inrichting. De oude spoorweg is
opgeruimd, daardoor krijgen straten een aansluiting op de hoofdwegen en is er meer
ruimte om te bouwen. Voorzieningen zijn ook verbeterd. In het centrum van de wijk ligt
het Afrikaanderplein: een markt waar veel culturen samenkomen.
Paragraaf 1
Binnenstad – De stadsdriehoek van Rotterdam ontstond aan de Rotte, een zijrivier van
de Nieuwe Maas. Samen met de eerste havens ontstond de stadsdriehoek van
Rotterdam. De eerste periode van stedelijke vernieuwing in de historische binnenstad is
die net na de Tweede Wereldoorlog. Een kenmerk van deze binnenstad was dat er bijna
niemand woonde. Het was vooral gericht op werken (centrale zakenwijk). De tweede
periode was na 1980, hierna werden de kenmerken anders: meer gericht op wonen, maar
ook een uitbreiding van voorzieningen (commerciële dienstverlening) en
werkgelegenheid, waaronder de quartaire sector.
Oude havens, nieuwe functies – De kenmerken van stedelijke vernieuwing in
oudere havengebieden zijn: nieuwe gebouwen. Onder andere nieuwe
stadsappartementen aan het water. De vernieuwingen vonden plaats in een groter
gebied dat de historische binnenstad. Het stadscentrum van Rotterdam is flink
uitgebreid. Ook is er spraak van ruimtelijke ordening.
Een nieuw station – Er was vernieuwing van het station nodig, omdat het aantal
reizigers enorm was toegenomen.
Aantrekkelijke stad – Re-urbanisatie is voor een stad heel belangrijk, omdat door er
bevolkingsgroei meer voorzieningen zijn en de levendigheid wordt verbeterd.
Paragraaf 2
De Afrikaanderwijk – De leefbaarheid is erg verschillend in Rotterdam. De
Afrikaanderwijken en andere woonwijken in Rotterdam-Zuid ontstonden, doordat er veel
nieuw werk was in de nieuwe havens. Door dat nieuwe werk kwamen daar veel
huishoudens op af en werden en in korte tijd wijken, zoals de Afrikaanderwijk, uit de
grond gestampt. Het waren goedkope huurwoningen die klein, slecht gebouwd en dicht
op elkaar gebouwd waren.
Achterstandswijk – De Afrikaanderwijk (en andere woonwijken) werden
achterstandswijken, omdat de achterblijvers en mensen die de vrijgekomen woningen
overnamen arm, werkloos en ongeschoold waren. Ook verhuisden inwoners met een goed
inkomen uit de Afrikaanderwijk (selectieve migratie) Grote problemen zijn de
criminaliteit en verloedering. Veel woningen zijn te klein en slecht onderhouden.
Stedelijke vernieuwing – De stedelijke vernieuwing in de Afrikaanderwijk verloopt
goed. In de plaats voor oude slecht huurwoningen komen nieuwe huur- en koopwoningen.
Er is ook renovatie. Een ander kenmerk is de inrichting. De oude spoorweg is
opgeruimd, daardoor krijgen straten een aansluiting op de hoofdwegen en is er meer
ruimte om te bouwen. Voorzieningen zijn ook verbeterd. In het centrum van de wijk ligt
het Afrikaanderplein: een markt waar veel culturen samenkomen.