,
,DEEL I – PUBLIEKRECHT
1. Grondwet
De Grondwet vormt het constitutionele fundament van de Nederlandse democratische rechtsstaat. Zij regelt
grondrechten, staatsorganen, bevoegdheidsverdelingen en de inrichting van het openbaar bestuur. Nederland
is een constitutionele monarchie met parlementaire democratie. Het Statuut voor het Koninkrijk der
Nederlanden vormt daarbij het constitutionele kader voor het Koninkrijk als geheel.
Koninkrijk der Nederlanden
Het Koninkrijk bestaat uit Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Nederland omvat daarnaast de
openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. De Grondwet geldt primair binnen Nederland; het Statuut
regelt de constitutionele verhouding binnen het Koninkrijk.
Een fundamenteel beginsel is dat Nederland een democratische rechtsstaat is. Overheidsmacht is gebonden
aan het recht en wordt uitgeoefend binnen constitutioneel en wettelijk vastgestelde bevoegdheden.
Grondrechten tent!!
Hoofdstuk 1 van de Grondwet bevat klassieke en sociale grondrechten. Klassieke grondrechten beschermen
burgers vooral tegen overheidsinmenging; sociale grondrechten verplichten de overheid tot zorg en
beleidsinspanningen.
Belangrijke rechten zijn:
gelijkheid en het discriminatieverbod;
vrijheid van godsdienst, meningsuiting, vereniging en vergadering;
bescherming van persoonlijke levenssfeer, lichamelijke integriteit en eigendom.
Grondrechten zijn niet absoluut. Beperkingen zijn slechts constitutioneel toegestaan wanneer daarvoor een
grondwettelijke basis bestaat en aan de toepasselijke voorwaarden wordt voldaan. De Grondwet bevat
bovendien sociale grondrechten betreffende onder meer werkgelegenheid, bestaanszekerheid,
volksgezondheid, onderwijs en leefomgeving.
,Regering
De regering bestaat constitutioneel uit de Koning en de ministers. De Koning is onschendbaar, terwijl ministers
politiek verantwoordelijk zijn. Deze ministeriële verantwoordelijkheid vormt een kernbeginsel van het
parlementaire stelsel.
De ministerraad beraadslaagt en besluit over het algemene regeringsbeleid. Staatssecretarissen maken geen
deel uit van de regering in constitutionele zin, maar functioneren binnen ministeriële verantwoordelijkheid.
Staten-Generaal
De Staten-Generaal bestaan uit de Tweede Kamer en de Eerste Kamer. De Tweede Kamer heeft 150 leden en
wordt rechtstreeks gekozen; de Eerste Kamer heeft 75 leden en wordt indirect gekozen door de leden van
Provinciale Staten en de kiescolleges voor de Eerste Kamer.
De Staten-Generaal vervullen wetgevende en controlerende functies. De Tweede Kamer beschikt onder meer
over het recht van amendement en initiatief. De Eerste Kamer beoordeelt wetsvoorstellen nadat deze door de
Tweede Kamer zijn aangenomen.
Wetgeving en bestuur
Wetgeving komt in beginsel tot stand door regering en Staten-Generaal gezamenlijk. Een wetsvoorstel wordt na
parlementaire behandeling bekrachtigd, afgekondigd en vervolgens volgens de toepasselijke regels in werking
gesteld.
Daarnaast bestaan onder meer algemene maatregelen van bestuur en ministeriële regelingen. De
bevoegdheidsgrondslag voor lagere regelgeving is juridisch essentieel: een bestuursorgaan kan slechts
regelgeving vaststellen binnen de daarvoor verleende bevoegdheid.
Rechtspraak
De rechterlijke macht ziet onder meer op berechting van strafbare feiten en geschillen over burgerlijke rechten
en schuldvorderingen. Onafhankelijke rechtspraak is een essentieel onderdeel van de rechtsstaat.
De Grondwet kent onder meer:
rechterlijke onafhankelijkheid en wettelijke regeling van de rechterlijke organisatie;
openbaarheid van terechtzittingen en uitspraken, behoudens wettelijke uitzonderingen;
constitutionele beperkingen op rechterlijke toetsing van wetten aan de Grondwet.
Nederland kent geen algemene bevoegdheid voor de rechter om formele wetten aan de Grondwet te toetsen.
Toetsing aan rechtstreeks werkende bepalingen van internationale verdragen en besluiten van
volkenrechtelijke organisaties kan daarentegen wel plaatsvinden.
, Provincies, gemeenten en andere openbare lichamen
Provincies en gemeenten beschikken over autonomie voor hun eigen huishouding en voeren daarnaast
medebewindstaken uit op basis van hogere regelgeving. Hun bevoegdheden zijn wettelijk begrensd.
De gemeenteraad en Provinciale Staten vertegenwoordigen de bevolking en functioneren als belangrijkste
democratisch gekozen bestuursorganen op decentraal niveau. Het college van burgemeester en wethouders
respectievelijk Gedeputeerde Staten vormt het dagelijks bestuur.
De Grondwet erkent daarnaast waterschappen en de openbare lichamen in Caribisch Nederland. Decentrale
bestuurslagen beschikken slechts over bevoegdheden die rechtstreeks uit de Grondwet, wet of geldige
delegatie voortvloeien.
2. Algemene Termijnenwet
De Algemene Termijnenwet bevat algemene regels voor de berekening van wettelijke termijnen. De regeling
voorkomt dat verschillende wetten voor vergelijkbare termijnkwesties uiteenlopende uitgangspunten
hanteren.
Bij de berekening is met name van belang:
de dag waarop een gebeurtenis plaatsvindt, wordt onder de wettelijke voorwaarden niet als eerste
dag van een termijn meegerekend;
wanneer de laatste dag van een termijn valt op een algemeen erkende feestdag, zaterdag of zondag,
wordt de termijn volgens de wettelijke regeling verlengd;
de wet kent specifieke regels voor termijnen die in maanden of jaren zijn gesteld.
De Algemene Termijnenwet moet steeds worden gelezen in samenhang met de bijzondere wet die de
betreffende termijn voorschrijft. Een bijzondere wettelijke regeling kan namelijk een afwijkende
termijnbepaling bevatten.
3. Provinciewet tentamen
De Provinciewet regelt de inrichting, bevoegdheden en financiële positie van provincies. Provincies vormen een
zelfstandige bestuurslaag tussen Rijk en gemeenten en vervullen vooral regionale taken.
De belangrijkste provinciale bestuursorganen zijn:
Provinciale Staten als rechtstreeks gekozen volksvertegenwoordiging;
Gedeputeerde Staten als dagelijks bestuur;
de commissaris van de Koning als voorzitter van Provinciale Staten en Gedeputeerde Staten en als
afzonderlijk bij wet geregelde functionaris.
Provinciale Staten stellen onder meer kaders en controleren Gedeputeerde Staten. Gedeputeerde Staten
voeren het provinciale beleid en beschikken over uitvoerende bevoegdheden binnen de wettelijke kaders.