1. Human-Animal Interaction (HAI)
De relatie tussen mensen en dieren is complex en wederzijds. Mensen gebruiken dieren
o.a. voor gezelschap, voedsel, onderzoek, sport en entertainment, maar ontwikkelen ook
emotionele banden met dieren.
HAI onderzoekt daarom zowel:
de invloed van dieren op mensen;
de invloed van mensen op dieren;
de wederzijdse interactie en beïnvloeding.
Centrale vraag: wat zijn de gevolgen van onze relatie met dieren voor mens, dier en
leefomgeving?
2. Antrozoölogie
Antrozoölogie (Anthrozoology) = wetenschappelijke studie van mens-dierinteractie.
anthropos = mens
zoion = dier
HAI: vooral sociale en levenswetenschappelijke benadering van mens-dierinteractie.
Human-Animal Studies (HAS): vaker geesteswetenschappelijk; kijkt o.a. naar de plaats van
dieren in menselijke sociale en culturele werelden.
3. Interdisciplinair vakgebied
HAI combineert kennis uit o.a. psychologie, biologie, geneeskunde, diergeneeskunde,
antropologie, ethologie, neurowetenschappen en criminologie, maar ook geschiedenis,
literatuur, religie en kunst.
Dit is nodig omdat mens-dierinteracties niet vanuit één discipline volledig verklaard
kunnen worden.
4. Ontwikkeling van HAI-onderzoek
Wetenschappelijke HAI-studie ontwikkelde zich vooral vanaf de jaren 1980.
,Ontwikkeling van onderzoek:
gezelschapsdieren → landbouwhuisdieren → wilde dieren, proefdieren en
dierentuindieren
Aanvankelijk lag de nadruk vooral op de band tussen mens en gezelschapsdier. Bij
landbouwhuisdieren kwamen o.a. dierenwelzijn en productiviteit centraal te staan.
5. HAI, HAR en HAB
Dit onderscheid is belangrijk:
HAI – Human-Animal Interaction
= een afzonderlijke gebeurtenis/interactie tussen één mens en één dier. Deze kan
unidirectioneel of bidirectioneel zijn.
HAR – Human-Animal Relationship
= ontstaat wanneer interacties zich herhalen. Er ontstaat een duurzame relatie waarin
beide partijen verwachtingen ontwikkelen op basis van eerdere ervaringen.
HAB – Human-Animal Bond
= een blijvende, wederzijdse relatie tussen mens en dier die het welzijn van beide partijen
bevordert.
Kort onthouden:
HAI → interactie
HAR → herhaalde interacties/relatie
HAB → duurzame wederzijdse band + welzijn
Herhaaldelijk positieve HAI's kunnen bijdragen aan het ontstaan van een HAB.
6. Terminologie
HAI, HAR en HAB worden in onderzoek niet altijd consequent gebruikt. Kijk daarom altijd
naar hoe een onderzoeker het begrip definieert.
7. Speciesisme
Speciesisme = de aanname van menselijke superioriteit ten opzichte van andere
diersoorten.
De term human-animal interaction kan impliciet een onderscheid tussen mensen en dieren
benadrukken. Interaction between humans and other animals zou dit beter kunnen
vermijden.
,8. Pet vs. companion animal
Pet: benadrukt bezit/eigendom en de rol van de eigenaar.
Companion animal: benadrukt de psychologische band, wederkerigheid en het
gezelschap.
Terminologie kan dus beïnvloeden hoe de mens-dierrelatie wordt gezien.
9. Ecotourism en greenwashing
Ecotourism was oorspronkelijk toerisme waarbij positieve effecten op biodiversiteit,
natuurbehoud en lokale gemeenschappen groter zijn dan negatieve effecten.
Door commercialisering kan de term echter worden gebruikt voor activiteiten die niet
daadwerkelijk milieuvriendelijk zijn: greenwashing.
→ Ook positief klinkende termen moeten kritisch worden beoordeeld.
10. Ethiek
Ethiek is fundamenteel binnen HAI. Er moet rekening worden gehouden met:
belangen en welzijn van mensen;
belangen en welzijn van dieren;
verantwoordelijkheid van onderzoekers.
HAI is extra complex omdat zowel menselijke als dierlijke ethische belangen moeten
worden beoordeeld.
11. Onderzoeksbias
HAI-onderzoek is niet automatisch representatief voor alle mensen, dieren en culturen.
Culturele/genderbias:
Veel onderzoek vindt plaats in WEIRD-landen: Western, Educated, Industrialised,
Rich, Democratic.
Onderzochte honden zijn vaak NATIVE dogs: Neutered, Alimented, Trained, Isolated,
Vaccinated, Engineered.
In onderzoek zijn vrouwen vaak oververtegenwoordigd.
Gevolg: beperkte representativiteit → beperkte generaliseerbaarheid.
, 12. Species bias
Ook bepaalde diersoorten zijn oververtegenwoordigd in onderzoek. Honden komen veel
voor, terwijl bijvoorbeeld vissen en insecten nauwelijks worden onderzocht.
→ Hierdoor ontstaan kennishiaten: we weten relatief veel over mens-hondinteractie, maar
veel minder over interacties met andere soorten.
13. One Biology – One Health – One Welfare
Mens, dier en fysieke/sociale omgeving zijn onderling verbonden.
One Biology: mens en dier delen een biologische basis en evolutionaire principes.
One Health: gezondheid van mens, dier en omgeving is onderling verbonden.
One Welfare: welzijn van mens en dier is met elkaar verbonden.
Kern: mens-dierinteracties moeten worden begrepen binnen de gedeelde omgeving van
mens en dier.
14. Belang van interdisciplinair samenwerken
One Biology, One Health en One Welfare laten zien waarom samenwerking tussen
disciplines belangrijk is.
Bijvoorbeeld bij dierenmishandeling en interpersoonlijk geweld kunnen verschillende
professionals signalen combineren. Interdisciplinair samenwerken kan bijdragen aan:
behandeling;
beperken van gevolgen van mishandeling;
preventie.
Kortom: HAI vraagt om een brede, interdisciplinaire benadering waarin mens, dier en
omgeving samen worden bekeken.
Opdracht 1.1.2 – Interventies met dieren
Animal-Assisted Interventions (AAI)
Animal-Assisted Intervention (AAI) is de overkoepelende term voor geplande, doelgerichte
en/of gestructureerde interventies waarbij bewust een dier wordt ingezet.