Leerdoelen week 1
Na afloop van week 1 kan de student:
uitleggen wat bedoeld wordt met de begrippen missie, visie en strategie;
een advies geven over de formulering van een visie van een onderneming.
verschillende partijen en omgevingsfactoren (DESTEP-factoren) benoemen die van invloed
zijn op een organisatie;
In eigen woorden weergeven wat Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO)
inhoudt.
Strategie
De langetermijndoelen van een organisatie en de inzet van middelen en activiteiten om die doelen te
realiseren.
Strategie gaat over de manier waarop je probeert om je organisatiedoelen te bereiken. Strategie gaat
in ieder geval over de lange(re) termijn. Een gangbare termijn voor strategische beslissingen voor
organisaties ligt tussen de drie en vijf jaar.
Missie
Geeft aan wat de bestaansgrond van een organisatie is en geeft antwoord op de vraag: ‘waarom
bestaan we, waarom doen we wat we doen?’
Heeft te maken met de identiteit van de organisatie en kan je ook beschouwen als motto.
Visie
Schetst een toekomstbeeld voor de organisatie en geeft antwoord op de vraag ‘Wat willen we zijn?’.
De visie geeft richting aan de activiteiten die voor en namens de organisatie worden gedaan.
Ambitie
De missie + visie samen. ‘Waar gaan we voor?’.
Kernwaarden
Zijn eigenschappen of drijfveren die laten zien waar de organisatie voor staat ‘Waar geloven we in?’.
Doelstellingen
Verbinden de huidige situatie van de organisatie met de gewenste, toekomstige situaties. Ze worden
uit de missie, visie en ambitie afgeleid. SMART formuleren.
Maatschappelijk verantwoord Ondernemen (MVO)
Bedrijfsbeslissingen gericht op het verbeteren van zowel het bedrijfsrendement alsook het milieu,
het welzijn van medewerkers en de maatschappij (denk aan de ISO 26000 norm).
People: sociale verantwoordelijkheid van de organisatie tegenover de mensen. Vervullen de
organisaties de behoeften van mensen en hoe gaan ze om met hun belangen?
Planet: hoe beschermt de organisatie het leefmilieu. Welke invloed hebben de
producten/diensten en processen van de organisatie op de planeet?
Profit: staat voor winst en voor het genereren van continue inkomsten. Winst en inkomsten
zijn noodzakelijk voor een duurzame groei van een onderneming en de verbetering van
kennis en kwaliteit.
Na afloop van week 1 kan de student:
uitleggen wat bedoeld wordt met de begrippen missie, visie en strategie;
een advies geven over de formulering van een visie van een onderneming.
verschillende partijen en omgevingsfactoren (DESTEP-factoren) benoemen die van invloed
zijn op een organisatie;
In eigen woorden weergeven wat Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO)
inhoudt.
Strategie
De langetermijndoelen van een organisatie en de inzet van middelen en activiteiten om die doelen te
realiseren.
Strategie gaat over de manier waarop je probeert om je organisatiedoelen te bereiken. Strategie gaat
in ieder geval over de lange(re) termijn. Een gangbare termijn voor strategische beslissingen voor
organisaties ligt tussen de drie en vijf jaar.
Missie
Geeft aan wat de bestaansgrond van een organisatie is en geeft antwoord op de vraag: ‘waarom
bestaan we, waarom doen we wat we doen?’
Heeft te maken met de identiteit van de organisatie en kan je ook beschouwen als motto.
Visie
Schetst een toekomstbeeld voor de organisatie en geeft antwoord op de vraag ‘Wat willen we zijn?’.
De visie geeft richting aan de activiteiten die voor en namens de organisatie worden gedaan.
Ambitie
De missie + visie samen. ‘Waar gaan we voor?’.
Kernwaarden
Zijn eigenschappen of drijfveren die laten zien waar de organisatie voor staat ‘Waar geloven we in?’.
Doelstellingen
Verbinden de huidige situatie van de organisatie met de gewenste, toekomstige situaties. Ze worden
uit de missie, visie en ambitie afgeleid. SMART formuleren.
Maatschappelijk verantwoord Ondernemen (MVO)
Bedrijfsbeslissingen gericht op het verbeteren van zowel het bedrijfsrendement alsook het milieu,
het welzijn van medewerkers en de maatschappij (denk aan de ISO 26000 norm).
People: sociale verantwoordelijkheid van de organisatie tegenover de mensen. Vervullen de
organisaties de behoeften van mensen en hoe gaan ze om met hun belangen?
Planet: hoe beschermt de organisatie het leefmilieu. Welke invloed hebben de
producten/diensten en processen van de organisatie op de planeet?
Profit: staat voor winst en voor het genereren van continue inkomsten. Winst en inkomsten
zijn noodzakelijk voor een duurzame groei van een onderneming en de verbetering van
kennis en kwaliteit.