6.1 EEN WERELDECONOMIE
BASISKENNIS EN VAARDIGHEDEN
1
a - economisch systeem waarbij mensen geld in bedrijven steken om winst te maken
- de tijd van steden en staten
b
- vroege vorm van kapitalisme waarbij handelaren een leidende rol hadden in de economie
- handel en nijverheid
c Bijvoorbeeld: Voor de reizen overzee was veel geld nodig. Rijke kooplieden leverden dit
geld en verdienden daardoor aan succesvolle handelsreizen.
2
Bijvoorbeeld:
Er kon meer kapitaal bij elkaar gelegd worden. Of: Er was geen concurrentie tussen
meerdere compagnieën, waardoor meer winst kon worden gemaakt.
b De VOC mocht:
- als enig Nederlands bedrijf handel drijven in Azië
- verdragen sluiten met vorsten
- oorlog voeren
- veroverde gebieden besturen
c Mensen die een aandeel kochten waren mede-eigenaar werden van het bedrijf. Zo had de
VOC geld om te betalen wat nodig was voor de handel. De aandeelhouders kregen jaarlijks
een deel van de winst. De rest werd in het bedrijf gestoken.
d - De VOC was het eerste bedrijf met aandeelhouders die hun geld in de onderneming
lieten zitten. Vóór die tijd betaalden de handelskapitalisten telkens voor één reis.
- De VOC werd niet geleid door aandeelhouders maar door aparte bestuurders.
3
Een langzame ontwikkeling (bijvoorbeeld) want deze begon in de tijd van steden en staten
en duurde tot de 19e eeuw.
4
Bijvoorbeeld:
Ja, want het was een handelskapitalistische onderneming die met steun van de overheid
was opgezet, en dat gebeurde ook in andere West-Europese landen.
5
a peper, kaneel, kruidnagelen, muskaatnoten
b Bijvoorbeeld:
- De VOC verjoeg de Portugezen, Spanjaarden en Engelsen.
- De VOC dwong Molukkers alleen met de VOC te handelen en sloeg opstanden neer.
c Batavia was het hoofdkwartier van de gouverneur-generaal en de verzamelplek van alle
VOC-schepen die van en naar Europa voeren.
6
Bijvoorbeeld:
a De VOC was een onderneming met vestigingen in meerdere landen zoals Indonesië,
China en Zuid-Afrika.
b De VOC kocht met zilver zijde in China en katoen in India en ruilde dat op de Molukken
tegen specerijen.
1
© Noordhoff Uitgevers bv, 2019
,Geschiedeniswerkplaats Tweede Fase vwo | antwoorden opdrachtenboek
b zijde uit China, katoen uit India, thee uit China, koffie uit Jemen en Indonesië
7
Bijvoorbeeld:
- 6.4: In 1780 werd veel handel gedreven in Batavia. Of: De VOC had een stevig fort nodig
om zich staande te houden.
- 6.5: De VOC raakte in Indonesië verwikkeld in stevige oorlogen.
8
Bijvoorbeeld:
De VOC haalde in het begin vooral specerijen naar Nederland, vooral peper. Aan het eind
van de 17e eeuw werd textiel de belangrijkste koopwaar. In de 18e eeuw bleven specerijen,
textiel en koffie en thee ongeveer even belangrijk.
9
a de Atlantische oceaan met omliggende gebieden (West-Afrika, Amerika)
b handel en kaapvaart (tegen Spanje)
c - handelspost: Nieuw-Amsterdam
- fort: Elmina
- eiland: Curaçao
- kustgebied: Suriname
10
Bijvoorbeeld:
De afbeelding gaat over de handelspost Nieuw-Amsterdam (op de achtergrond) met op de
voorgrond een Nederlandse man en vrouw met gewassen daarachter zwarte slaven uit
Afrika. De handelspost, de slaven en de gewassen hebben te maken met de
wereldeconomie.
11
Bijvoorbeeld:
a De VOC was in de 17e eeuw veruit de grootste Europese onderneming in Azië. In Afrika
en Amerika waren Nederlanders met de WIC veel minder actief dan Spanjaarden,
Portugezen, Engelsen en Fransen.
b Gebieden over de hele wereld raakten toen door steeds meer handel met elkaar
verbonden.
c De WIC bracht wapens (ijzer, alcohol) van Europa naar West-Afrika, bracht slaven van
Afrika naar Amerika en bracht suiker (tabak, koffie) van Amerika naar Europa.
d - van Amerika naar Europa: kalkoen (aardappel, maïs) tomaat
- van Europa naar Amerika: paard (varken, koe, tarwe, suikerriet) koffie
12
Bijvoorbeeld:
De wereldeconomie kwam tot ontwikkeling vanaf de tijd van steden en staten toen
Europeanen in havens in het oosten van de Middellandse Zee koopwaar uit Azië kochten en
naar Europa brachten. Na de ontdekkingsreizen in de tijd van ontdekkers en hervormers
breidden Europeanen de wereldhandel steeds meer uit.
EINDOPDRACHTEN
13
5, 4, 1, 6, 3, 2, 7
2
© Noordhoff Uitgevers bv, 2019
, Geschiedeniswerkplaats Tweede Fase vwo | antwoorden opdrachtenboek
14
Bijvoorbeeld:
a - gebeurtenis: De bijeenkomst van negen kooplieden in 1594 in Amsterdam, waarbij ze
geld bij elkaar legden voor schepen en mensen voor een ontdekkings- en handelsreis naar
Azië. Daarmee bevorderden het handelskapitalisme en de wereldeconomie met wereldwijde
handelscontacten.
- ontwikkeling: De uitbreiding van de VOC-vestigingen in Azië laat zien dat het
handelskapitalisme van de VOC in ontwikkeling was, dat wereldwijde handelscontacten
toenamen en de wereldeconomie groeide.
- verschijnsel: De steun van de Staten-Generaal aan de VOC is een kenmerkend
verschijnsel in de 17e eeuw, waarbij overheden handelaars steunden in het leiding geven
aan de economie.
- handeling van een persoon: Coens optreden op Banda in 1621 past bij dat
handelskapitalisme, wereldwijde handelscontacten en de wereldeconomie, want het laat zien
dat hij geld verdienen met handel door de VOC, zonodig met hard optreden, het belangrijkste
vond.
- gedachtegang van een persoon: Er waren Europeanen die slaven zagen als handelswaar
wat past bij dat handelskapitalisme, wereldwijde handelscontacten en de wereldeconomie,
want het laat zien dat ze geld verdienen met handel door de WIC het belangrijkste vond.
b Door mijn kennis van dit kenmerkend aspect begrijp ik beter dat veel rijkdom in Nederland
het resultaat is van Nederlanders die in de afgelopen eeuwen grote reizen organiseerden en
maakten om met handel geld te verdienen. En dat gebeurt nog steeds.
HERHALING
15
B, C
16
Bijvoorbeeld:
Op de afbeelding worden schepen in- of uitgeladen in Londen. Uit het feit dat dit in 1700 de
grootste haven van Europa was, kun je afleiden dat Londen in de 17e eeuw actief was in het
handelskapitalisme en de wereldeconomie.
17
A
18
Bijvoorbeeld:
De afbeelding gaat over schepen bij Batavia. De schepen van de VOC en de handel met de
schepen passen bij het handelskapitalisme, waarbij ondernemers zich met nijverheid én
handel bezighouden.
19
Bijvoorbeeld:
Omdat de oorlog met Spanje toen eindigde.
20
Bijvoorbeeld:
Op de afbeelding varen twee roeiboten van fort Elmina naar een Nederlands schip. Op deze
manier zijn veel slaven door de WIC uit Afrika gehaald, op weg naar Amerika. Dit is een
voorbeeld van de wereldeconomie.
3
© Noordhoff Uitgevers bv, 2019