Samenvatting Onderneming &
Recht
Onderdeel Ondernemingsrecht
Week 1: Ondernemingsvormen, rechtsvormen, wijzen van ontstaan resp.
oprichting
Kern ondernemingsrecht: de afzondering van vermogensbestanddelen in een entiteit waarbinnen
maatschappelijke (al dan niet economische) activiteiten plaatsvinden mislukking blijft beperkt tot die
entiteit (ratio ondernemingsrecht)– dus privéeigendom wordt niet besmet door activiteiten.
Voor afzondering vermogensbestanddelen zijn rechtsvormen (niet ondernemingen) nodig. Twee categorieën
binnen ondernemingsrecht:
• Contractuele rechtsvormen (personenvennootschappen)
• Institutionele rechtsvormen (rechtspersonen)
Begrip onderneming: art. 5 Hrgw jo. art. 2 Hregb.
Rechtsvormen zijn de entiteiten / juridische jas. De onderneming bestaat uit de maatschappelijke activiteiten
(en/of economische activiteiten). De onderneming wordt onder een rechtsvorm geschaard, de rechtsvorm
houdt de onderneming in stand (niet de natuurlijke persoon). Er kan ook een rechtspersoon zijn zonder
onderneming (dus ondernemingsrecht is niet alleen een juridisch jasje geven aan ondernemingen).
Contractuele rechtsvormen / personenvennootschappen
• Maatschap (Boek 7A BW)
• Vennootschap onder firma (‘firma’ betekent (handels)naam): vof (WvK)
• Commanditaire vennootschap (‘commanditer’ betekent financieren): cv (WvK)
Dit zijn contracten tussen de deelnemers aan het contract, het contract is dan de maatschap, vof of cv. Vof en
cv zijn maatschappen in een ander jasje / bijzonder of gekwalificeerde maatschap.
Er moet altijd zijn voldaan aan art. 7A:1655 BW een overeenkomst tussen minstens twee personen, waarbij
zij allebei iets inbrengen (in gemeenschap brengen) met het oogmerk om het behaalde voordeel te delen.
Wat ingebracht is behoort tot de maten gezamenlijk toe, ongeacht wie het heeft ingebracht. Deze inbreng
vormt de vennootschappelijke gemeenschap. Dit is afgescheiden vermogen = een exclusief verhaalsobject
voor de schuldeisers – als het mis gaat kunnen de schuldeisers van de personenvennootschap zich hierop
verhalen (en niet op privévermogen).
Institutionele rechtsvormen / rechtspersonen
Vermogensrechtelijk staat een rechtspersoon gelijk aan een natuurlijk persoon (art. 2:5 BW). Er wordt geen
overeenkomst gesloten zoals bij de maatschap, maar een zelfstandig instituut wordt opgericht.
Rechtspersonen kunnen drager zijn van eigen rechten en plichten. Goederen en vermogensbestanddelen,
indien aanwezig, zijn van de rechtspersoon zelf.
NV en BV zijn verwant; dit zijn beide kapitaalvennootschappen. Vereniging en stichting zijn ook verwant.
Materiële kenmerken voor de rechtspersonen staan in Boek 2 BW. Hier alleen privaatrechtelijke
rechtspersonen (art. 2:3 BW - lijstje).
De betekenis van de materiële kenmerken van rechtspersonen is klein, want voor bijna allemaal moet je naar
de notaris en middels notariële akte oprichten. Behalve bij een informele vereniging.
Vereniging
Art. 2:26 BW.
Materiële kenmerken: heeft leden, is gericht op een bepaald doel, mag geen winst onder haar leden verdelen
(verbod). Ook: opgericht bij meerzijdige rechtshandeling = 2 of meer personen. Art. 3:32 (natuurlijke persoon
1
,is bekwaam om rechtshandelingen te verrichten, jo. art. 2:5 BW) en 3:33 (rechtshandeling vereist op
rechtsgevolg gerichte wil + verklaring).
Informele vereniging
Een vereniging die aan de materiële kenmerken voldoet, maar waarvan de statuten niet zijn opgenomen in
een notariële akte. Het kan gebeuren dat de rechter achteraf constateert dat sprake is van een informele
vereniging The Lord’s Choir arrest: onenigheid over eigendom piano en drumstel tussen kerk en koor. Het
koor vroeg om afgifte van de items, maar de kerk voerde aan dat ‘The Lord’s Choir’ geen vereniging was maar
slechts een ‘werkgroep’ binnen de parochie, ‘waardoor het geen eigendom kon hebben’. Hof: het is niet
vereist dat een vereniging bij rechtshandeling is opgericht; het kan ook ontstaan doordat een
samenwerkingsverband van personen als eenheid gaat deelnemen aan het rechtsverkeer, ongeacht of er de
wil was om een rechtspersoon op te richten. Koor had een doel, bestuur, leden, eigen administratie en was
financieel zelfstandig, maar geen statuten notarieel opgenomen informele vereniging. Het koor heeft dus
rechtspersoonlijkheid en kan eigendom bezitten.
Stichting
Art. 2:285 BW.
Materiele kenmerken: geen leden, een vermogen om een statutair doel te verwezenlijken (doelvermogen), dit
doel mag niet bestaan uit het doen van uitkeringen (uitkeringsverbod), behalve als die uitkeringen een ideële
of sociale strekking hebben (bijv. geld aan vrouwelijke studenten die lid zijn van een kerk).
Coöperatie
Art. 2:53 lid 1 BW.
Is een vorm van een vereniging. Moet zich ten doel stellen in de behoeften van haar leden te voorzien, door
een met hen gesloten overeenkomst. Er mag wel winst worden uitgedeeld aan de leden. Bijv. 100 agrariërs die
een coöperatie oprichten en overeenkomen allen melk te produceren. Als je lid bent van coöperatie heb je een
dubbele band: je bent lid en hebt ook overeenkomst die zegt dat jouw melk naar de coöperatie gaat (in ruil
voor winst).
Naamloze Vennootschap (NV)
Art. 2:64 lid 1 BW.
Is een rechtspersoon met aandelen. Van de NV ben je aandeelhouder. Zo kom je aan vermogen: je hebt
allemaal aandelen van een bepaalde waarde en mensen kunnen zo’n aandeel aanschaffen.
Materiële kenmerken: een in overdraagbare aandelen verdeeld kapitaal (een aandeelhouder ‘neemt’ één of
meer aandelen en ‘stort’ op die aandelen) en een aandeelhouder is niet aansprakelijk voor de verbintenissen
van de NV, en is niet verplicht de verliezen die de NV lijdt aan te vullen.
Besloten Vennootschap (BV)
Art. 2:175 lid 1 BW.
Zelfde idee als een NV – ook een rechtspersoon met aandelen. Maar BV heeft flexibelere regels.
Materiële kenmerken: een in overdraagbare aandelen verdeeld kapitaal (een aandeelhouder ‘neemt’ één of
meer aandelen en ‘stort’ op die aandelen) en een aandeelhouder is niet aansprakelijk voor de verbintenissen
van de BV, en is niet verplicht de verliezen die de BV lijdt aan te vullen.
Aandelen
In aandelen verdeeld kapitaal: de aandeelhouder(s) ne(e)m(t)en ieder één of meer aandelen die de NV/BV
uitgeeft/emitteert/plaatst (uitgifte/emissie/plaatsing) en storten op die aandelen. De aandelen zijn
overdraagbaar (en dus verhandelbaar): een aandeelhouder kan haar aandelen overdragen aan een derde die
door het verkrijgen van die aandelen aandeelhouder wordt.
De aandelen zijn gestandaardiseerd (‘units’): de aandelen hebben een nominale waarde die het precieze
gedeelte van het aandeel in het kapitaal weergeeft.
2
,Week 2: Ondernemingsvormen, rechtsvormen, wijzen van ontstaan resp.
oprichting (vervolg)
Een personenvennootschap is een in de wet als zodanig ‘benoemde’ overeenkomst – is een kwalificatie. Bij
een geschil kan de vraag ontstaan of er sprake is van een maatschap (zoals bij de Astense dierenartspraktijk),
dan moet worden getoetst aan de wettelijke regels om te kijken of het ook zo kwalificeert.
- Dat partijen hun ovk een maatschap/vof/cv noemen hoeft niet te betekenen dat het er een is;
- Dat partijen hun ovk geen maatschap/vof/cv noemen sluit niet uit dat het een PV is;
- Dat personen in een relatie tot elkaar staan en niet realiseerden dat hun rechtsbetrekking een PV zou
kunnen zijn, sluit niet uit dat dit een PV is.
Van de personenvennootschappen vormt de maatschap de basis, de vof en cv zijn hier bijzondere vormen van
en moeten dus altijd ook voldoen aan de eisen voor een maatschap.
Maatschap
Art. 7A:1655 BW.
Astense dierenartspraktijk arrest. HR: verschillende elementen van een maatschap:
Overeenkomst
o Een maatschap wordt aangegaan (niet opgericht)
o Geen rechtspersoon, maar een contractuele samenwerkingsvorm
o Geen vormvereisten (kan ook mondeling) en geen noodzaak van een notariële akte
(schriftelijkheidsvereiste vof art. 22 WvK is alleen voor interne verhouding)
o Geen statuten die bij het handelsregister door derden kunnen worden geraadpleegd
Samenwerking: op voet van gelijkheid/gelijkwaardigheid
o Geen hiërarchische relatie - dus niet arbeidsovereenkomst (art. 7:610 lid 1), want daar is
ondergeschiktheid
o Beslissingsinvloed – als een vennoot niet mee mag beslissen, dan is er geen sprake van
samenwerking op voet van gelijkheid
Verdeling van voordeel
o Art. 7A:1670 BW: zonder eigen bepaling is winst evenredig verdeeld naar inbreng. Bij geen
materiële inbreng, maar arbeid wordt winstaandeel gelijk gesteld aan minste inbreng.
Inbreng
o Elk van de maten moet wat inbrengen voor alle deelnemers.
o Art. 7A:1662 lid 1: inbreng bestaat uit geld, goederen, genot van goederen en arbeid.
Gerichtheid op voordeel voor alle deelnemers
o Art. 7A:1672 BW – lees als: de ovk is nietig als je een vennoot uitsluit van de winst. Dat zou
een societas leonina (leeuwenmaatschap) zijn. Bij verlies hoeft niet iedereen het te dragen,
daar kan wel één iemand voor zijn aangewezen.
o Kostenmaatschap: besparing van kosten en vermindering van verlies is ook ‘gerichtheid op
voordeel voor alle deelnemers’. Door samenwerking bestaande ondernemingen/
schaalvergroting besparing van de kosten.
Ontbinding: art. 7A:1683 - als een vennoot opzegt wordt de vennootschap ontbonden. Dit kan je voorkomen
door een voortzettingsbeding in de ovk. Zolang er maar meer dan 1 persoon overblijft.
VDV Totaalbouw arrest. HR: faillissement personenvennootschap betekent niet faillissement vennoten.
Aansprakelijkheid en vertegenwoordiging
Art. 7A:1679 BW – vennoten zijn niet ieder voor het geheel der schulden verbonden / geen hoofdelijke
aansprakelijkheid. Uitwerking in art. 7A:1680 en 1681.
Art. 7A:1680 – er geldt gedeeltelijke / proportionele aansprakelijkheid; ieder is voor gelijke som en gelijk
aandeel aansprakelijk. Dit is naar rato, dus bij 2 maten ieder voor de helft, bij 5 maten ieder voor 1/5 deel.
Uitzondering: soms hoofdelijke aansprakelijkheid buiten maatschapsrecht om, bijv. bij opdrachtovk door twee
maten gegeven (art. 7:407 lid 2).
3
, Art. 7A:1681 – bij een ovk wordt slechts de maat gebonden die de ovk is aangegaan. Alleen wanneer alle
andere maten een volmacht hebben gegeven wordt de maatschap gebonden.
Vennootschap onder firma (vof)
Een vof is een ‘bijzondere’, ‘gekwalificeerde’ maatschap. Art. 15-34 WvK (muv art. 19-21).
De vof is een maatschap, onder een gemeenschappelijke naam aangegaan (art. 16).
Afwijkende en aanvullende bepalingen op maatschapsrecht hebben voorrang.
Een advocatenkantoor kan nooit een vof zijn, want dat is een beroepsuitoefening en geen bedrijfsuitoefening.
Alleen bedrijfsuitoefeningen kunnen een vof zijn.
Aansprakelijkheid en vertegenwoordiging
Art. 17 lid 1 WvK: elke vennoot is bevoegd om namens de vennootschap te handelen en om de vennootschap
te binden, behalve wanneer haar vertegenwoordigingsbevoegdheid is uitgesloten of wanneer haar
vertegenwoordigingsbevoegdheid is beperkt.
Art. 18: de vennoten van een vof zijn volledig (hoofdelijk) aansprakelijk voor de verbintenissen van de vof.
Commanditaire vennootschap (cv)
De cv is een bijzondere, gekwalificeerde maatschap. Art. 19-21 WvK.
Art. 19 lid 1: voor een cv is er ten minste 1 persoon en ten minste 1 geldschieter. De geldschieter heeft een
financierende functie (commandité = financieren). Dus een cv bestaat uit ‘gewone’ vennoten en geldschieters.
Bij winst delen de geldschieters ook mee in de winst.
Art. 19 lid 2: een cv kan een gekwalificeerde vof zijn, wanneer er meerdere vennoten zijn en er onder een
gemeenschappelijke naam wordt gehandeld + een geldschieter.
Dus er zijn twee typen cv’s:
Basisvorm (lid 2): maatschap, vof én cv twee of meer ‘gewone’ vennoten en één of meer
commanditaire vennoten. Die twee ‘gewone’ vormen de vof, met die andere erbij vormt het de cv;
Nevenvorm. Maatschap en cv, maar geen vof. Één ‘gewone’ vennoot en één of meer commanditaire
vennoten.
o Dus art. 7A:1679-1681 spelen geen rol – er is geen hoofdelijke aansprakelijkheid of vereiste
volmacht voor de andere maten, want er is maar 1 persoon. Is eigenlijk eenmanszaak plus cv.
Bijzondere positie commanditaire vennoot (art. 20 WvK)
Lid 1: naamvoeringsverbod. De naam van de geldschieter mag niet in de naam van de firma zitten.
Uitzondering: als je al vennoot bij de vof was en nu van gewone, commanditaire vennoot wordt (art. 30 lid 2).
Lid 2: bestuursverbod. De commanditaire vennoot mag zich niet met de gang van zaken in de cv bemoeien.
Lid 3: een commanditaire vennoot van een cv is niet aansprakelijk voor de verbintenissen van de cv, maar
alleen voor zijn ingebracht deel (dit is alleen interne aansprakelijkheid!). Hij deelt mee in de winst, maar hoeft
niet bij te dragen aan het verlies. Uitzondering: wanneer hij lid 1 of 2 overtreedt wordt hij hoofdelijk
verbonden voor alle schulden en verbintenissen. Je blijft commanditair, maar met aansprakelijkheid.
Categorisering
Beroep: persoonlijke kwaliteiten en een vertrouwensband. Vooral in de sfeer van: accountants, advocaten,
artsen, dierenartsen, notarissen. Aanwijzing: ereregels en tuchtrecht.
Bedrijf: al het andere.
Niet onder gemeenschappelijke naam naar buiten treden: ‘niet openbaar’ of ‘stil’.
Wel gemeenschappelijke naam: dan presenteer je je naar buiten op een bepaalde manier – ‘openbaar’.
Stille maatschap: alleen intern kenbaar.
Openbare maatschap: gemeenschappelijke naam en met die naam moet je deelnemen aan het rechtsverkeer.
Beroep Bedrijf
Geen gem. naam (stille) Maatschap (stille) Maatschap
(bijv. medisch specialisten) (bijv. landbouwmaatschap)
Gem. naam (openbare) Maatschap Vof / cv
(bijv. advocatenkantoor)
4
Recht
Onderdeel Ondernemingsrecht
Week 1: Ondernemingsvormen, rechtsvormen, wijzen van ontstaan resp.
oprichting
Kern ondernemingsrecht: de afzondering van vermogensbestanddelen in een entiteit waarbinnen
maatschappelijke (al dan niet economische) activiteiten plaatsvinden mislukking blijft beperkt tot die
entiteit (ratio ondernemingsrecht)– dus privéeigendom wordt niet besmet door activiteiten.
Voor afzondering vermogensbestanddelen zijn rechtsvormen (niet ondernemingen) nodig. Twee categorieën
binnen ondernemingsrecht:
• Contractuele rechtsvormen (personenvennootschappen)
• Institutionele rechtsvormen (rechtspersonen)
Begrip onderneming: art. 5 Hrgw jo. art. 2 Hregb.
Rechtsvormen zijn de entiteiten / juridische jas. De onderneming bestaat uit de maatschappelijke activiteiten
(en/of economische activiteiten). De onderneming wordt onder een rechtsvorm geschaard, de rechtsvorm
houdt de onderneming in stand (niet de natuurlijke persoon). Er kan ook een rechtspersoon zijn zonder
onderneming (dus ondernemingsrecht is niet alleen een juridisch jasje geven aan ondernemingen).
Contractuele rechtsvormen / personenvennootschappen
• Maatschap (Boek 7A BW)
• Vennootschap onder firma (‘firma’ betekent (handels)naam): vof (WvK)
• Commanditaire vennootschap (‘commanditer’ betekent financieren): cv (WvK)
Dit zijn contracten tussen de deelnemers aan het contract, het contract is dan de maatschap, vof of cv. Vof en
cv zijn maatschappen in een ander jasje / bijzonder of gekwalificeerde maatschap.
Er moet altijd zijn voldaan aan art. 7A:1655 BW een overeenkomst tussen minstens twee personen, waarbij
zij allebei iets inbrengen (in gemeenschap brengen) met het oogmerk om het behaalde voordeel te delen.
Wat ingebracht is behoort tot de maten gezamenlijk toe, ongeacht wie het heeft ingebracht. Deze inbreng
vormt de vennootschappelijke gemeenschap. Dit is afgescheiden vermogen = een exclusief verhaalsobject
voor de schuldeisers – als het mis gaat kunnen de schuldeisers van de personenvennootschap zich hierop
verhalen (en niet op privévermogen).
Institutionele rechtsvormen / rechtspersonen
Vermogensrechtelijk staat een rechtspersoon gelijk aan een natuurlijk persoon (art. 2:5 BW). Er wordt geen
overeenkomst gesloten zoals bij de maatschap, maar een zelfstandig instituut wordt opgericht.
Rechtspersonen kunnen drager zijn van eigen rechten en plichten. Goederen en vermogensbestanddelen,
indien aanwezig, zijn van de rechtspersoon zelf.
NV en BV zijn verwant; dit zijn beide kapitaalvennootschappen. Vereniging en stichting zijn ook verwant.
Materiële kenmerken voor de rechtspersonen staan in Boek 2 BW. Hier alleen privaatrechtelijke
rechtspersonen (art. 2:3 BW - lijstje).
De betekenis van de materiële kenmerken van rechtspersonen is klein, want voor bijna allemaal moet je naar
de notaris en middels notariële akte oprichten. Behalve bij een informele vereniging.
Vereniging
Art. 2:26 BW.
Materiële kenmerken: heeft leden, is gericht op een bepaald doel, mag geen winst onder haar leden verdelen
(verbod). Ook: opgericht bij meerzijdige rechtshandeling = 2 of meer personen. Art. 3:32 (natuurlijke persoon
1
,is bekwaam om rechtshandelingen te verrichten, jo. art. 2:5 BW) en 3:33 (rechtshandeling vereist op
rechtsgevolg gerichte wil + verklaring).
Informele vereniging
Een vereniging die aan de materiële kenmerken voldoet, maar waarvan de statuten niet zijn opgenomen in
een notariële akte. Het kan gebeuren dat de rechter achteraf constateert dat sprake is van een informele
vereniging The Lord’s Choir arrest: onenigheid over eigendom piano en drumstel tussen kerk en koor. Het
koor vroeg om afgifte van de items, maar de kerk voerde aan dat ‘The Lord’s Choir’ geen vereniging was maar
slechts een ‘werkgroep’ binnen de parochie, ‘waardoor het geen eigendom kon hebben’. Hof: het is niet
vereist dat een vereniging bij rechtshandeling is opgericht; het kan ook ontstaan doordat een
samenwerkingsverband van personen als eenheid gaat deelnemen aan het rechtsverkeer, ongeacht of er de
wil was om een rechtspersoon op te richten. Koor had een doel, bestuur, leden, eigen administratie en was
financieel zelfstandig, maar geen statuten notarieel opgenomen informele vereniging. Het koor heeft dus
rechtspersoonlijkheid en kan eigendom bezitten.
Stichting
Art. 2:285 BW.
Materiele kenmerken: geen leden, een vermogen om een statutair doel te verwezenlijken (doelvermogen), dit
doel mag niet bestaan uit het doen van uitkeringen (uitkeringsverbod), behalve als die uitkeringen een ideële
of sociale strekking hebben (bijv. geld aan vrouwelijke studenten die lid zijn van een kerk).
Coöperatie
Art. 2:53 lid 1 BW.
Is een vorm van een vereniging. Moet zich ten doel stellen in de behoeften van haar leden te voorzien, door
een met hen gesloten overeenkomst. Er mag wel winst worden uitgedeeld aan de leden. Bijv. 100 agrariërs die
een coöperatie oprichten en overeenkomen allen melk te produceren. Als je lid bent van coöperatie heb je een
dubbele band: je bent lid en hebt ook overeenkomst die zegt dat jouw melk naar de coöperatie gaat (in ruil
voor winst).
Naamloze Vennootschap (NV)
Art. 2:64 lid 1 BW.
Is een rechtspersoon met aandelen. Van de NV ben je aandeelhouder. Zo kom je aan vermogen: je hebt
allemaal aandelen van een bepaalde waarde en mensen kunnen zo’n aandeel aanschaffen.
Materiële kenmerken: een in overdraagbare aandelen verdeeld kapitaal (een aandeelhouder ‘neemt’ één of
meer aandelen en ‘stort’ op die aandelen) en een aandeelhouder is niet aansprakelijk voor de verbintenissen
van de NV, en is niet verplicht de verliezen die de NV lijdt aan te vullen.
Besloten Vennootschap (BV)
Art. 2:175 lid 1 BW.
Zelfde idee als een NV – ook een rechtspersoon met aandelen. Maar BV heeft flexibelere regels.
Materiële kenmerken: een in overdraagbare aandelen verdeeld kapitaal (een aandeelhouder ‘neemt’ één of
meer aandelen en ‘stort’ op die aandelen) en een aandeelhouder is niet aansprakelijk voor de verbintenissen
van de BV, en is niet verplicht de verliezen die de BV lijdt aan te vullen.
Aandelen
In aandelen verdeeld kapitaal: de aandeelhouder(s) ne(e)m(t)en ieder één of meer aandelen die de NV/BV
uitgeeft/emitteert/plaatst (uitgifte/emissie/plaatsing) en storten op die aandelen. De aandelen zijn
overdraagbaar (en dus verhandelbaar): een aandeelhouder kan haar aandelen overdragen aan een derde die
door het verkrijgen van die aandelen aandeelhouder wordt.
De aandelen zijn gestandaardiseerd (‘units’): de aandelen hebben een nominale waarde die het precieze
gedeelte van het aandeel in het kapitaal weergeeft.
2
,Week 2: Ondernemingsvormen, rechtsvormen, wijzen van ontstaan resp.
oprichting (vervolg)
Een personenvennootschap is een in de wet als zodanig ‘benoemde’ overeenkomst – is een kwalificatie. Bij
een geschil kan de vraag ontstaan of er sprake is van een maatschap (zoals bij de Astense dierenartspraktijk),
dan moet worden getoetst aan de wettelijke regels om te kijken of het ook zo kwalificeert.
- Dat partijen hun ovk een maatschap/vof/cv noemen hoeft niet te betekenen dat het er een is;
- Dat partijen hun ovk geen maatschap/vof/cv noemen sluit niet uit dat het een PV is;
- Dat personen in een relatie tot elkaar staan en niet realiseerden dat hun rechtsbetrekking een PV zou
kunnen zijn, sluit niet uit dat dit een PV is.
Van de personenvennootschappen vormt de maatschap de basis, de vof en cv zijn hier bijzondere vormen van
en moeten dus altijd ook voldoen aan de eisen voor een maatschap.
Maatschap
Art. 7A:1655 BW.
Astense dierenartspraktijk arrest. HR: verschillende elementen van een maatschap:
Overeenkomst
o Een maatschap wordt aangegaan (niet opgericht)
o Geen rechtspersoon, maar een contractuele samenwerkingsvorm
o Geen vormvereisten (kan ook mondeling) en geen noodzaak van een notariële akte
(schriftelijkheidsvereiste vof art. 22 WvK is alleen voor interne verhouding)
o Geen statuten die bij het handelsregister door derden kunnen worden geraadpleegd
Samenwerking: op voet van gelijkheid/gelijkwaardigheid
o Geen hiërarchische relatie - dus niet arbeidsovereenkomst (art. 7:610 lid 1), want daar is
ondergeschiktheid
o Beslissingsinvloed – als een vennoot niet mee mag beslissen, dan is er geen sprake van
samenwerking op voet van gelijkheid
Verdeling van voordeel
o Art. 7A:1670 BW: zonder eigen bepaling is winst evenredig verdeeld naar inbreng. Bij geen
materiële inbreng, maar arbeid wordt winstaandeel gelijk gesteld aan minste inbreng.
Inbreng
o Elk van de maten moet wat inbrengen voor alle deelnemers.
o Art. 7A:1662 lid 1: inbreng bestaat uit geld, goederen, genot van goederen en arbeid.
Gerichtheid op voordeel voor alle deelnemers
o Art. 7A:1672 BW – lees als: de ovk is nietig als je een vennoot uitsluit van de winst. Dat zou
een societas leonina (leeuwenmaatschap) zijn. Bij verlies hoeft niet iedereen het te dragen,
daar kan wel één iemand voor zijn aangewezen.
o Kostenmaatschap: besparing van kosten en vermindering van verlies is ook ‘gerichtheid op
voordeel voor alle deelnemers’. Door samenwerking bestaande ondernemingen/
schaalvergroting besparing van de kosten.
Ontbinding: art. 7A:1683 - als een vennoot opzegt wordt de vennootschap ontbonden. Dit kan je voorkomen
door een voortzettingsbeding in de ovk. Zolang er maar meer dan 1 persoon overblijft.
VDV Totaalbouw arrest. HR: faillissement personenvennootschap betekent niet faillissement vennoten.
Aansprakelijkheid en vertegenwoordiging
Art. 7A:1679 BW – vennoten zijn niet ieder voor het geheel der schulden verbonden / geen hoofdelijke
aansprakelijkheid. Uitwerking in art. 7A:1680 en 1681.
Art. 7A:1680 – er geldt gedeeltelijke / proportionele aansprakelijkheid; ieder is voor gelijke som en gelijk
aandeel aansprakelijk. Dit is naar rato, dus bij 2 maten ieder voor de helft, bij 5 maten ieder voor 1/5 deel.
Uitzondering: soms hoofdelijke aansprakelijkheid buiten maatschapsrecht om, bijv. bij opdrachtovk door twee
maten gegeven (art. 7:407 lid 2).
3
, Art. 7A:1681 – bij een ovk wordt slechts de maat gebonden die de ovk is aangegaan. Alleen wanneer alle
andere maten een volmacht hebben gegeven wordt de maatschap gebonden.
Vennootschap onder firma (vof)
Een vof is een ‘bijzondere’, ‘gekwalificeerde’ maatschap. Art. 15-34 WvK (muv art. 19-21).
De vof is een maatschap, onder een gemeenschappelijke naam aangegaan (art. 16).
Afwijkende en aanvullende bepalingen op maatschapsrecht hebben voorrang.
Een advocatenkantoor kan nooit een vof zijn, want dat is een beroepsuitoefening en geen bedrijfsuitoefening.
Alleen bedrijfsuitoefeningen kunnen een vof zijn.
Aansprakelijkheid en vertegenwoordiging
Art. 17 lid 1 WvK: elke vennoot is bevoegd om namens de vennootschap te handelen en om de vennootschap
te binden, behalve wanneer haar vertegenwoordigingsbevoegdheid is uitgesloten of wanneer haar
vertegenwoordigingsbevoegdheid is beperkt.
Art. 18: de vennoten van een vof zijn volledig (hoofdelijk) aansprakelijk voor de verbintenissen van de vof.
Commanditaire vennootschap (cv)
De cv is een bijzondere, gekwalificeerde maatschap. Art. 19-21 WvK.
Art. 19 lid 1: voor een cv is er ten minste 1 persoon en ten minste 1 geldschieter. De geldschieter heeft een
financierende functie (commandité = financieren). Dus een cv bestaat uit ‘gewone’ vennoten en geldschieters.
Bij winst delen de geldschieters ook mee in de winst.
Art. 19 lid 2: een cv kan een gekwalificeerde vof zijn, wanneer er meerdere vennoten zijn en er onder een
gemeenschappelijke naam wordt gehandeld + een geldschieter.
Dus er zijn twee typen cv’s:
Basisvorm (lid 2): maatschap, vof én cv twee of meer ‘gewone’ vennoten en één of meer
commanditaire vennoten. Die twee ‘gewone’ vormen de vof, met die andere erbij vormt het de cv;
Nevenvorm. Maatschap en cv, maar geen vof. Één ‘gewone’ vennoot en één of meer commanditaire
vennoten.
o Dus art. 7A:1679-1681 spelen geen rol – er is geen hoofdelijke aansprakelijkheid of vereiste
volmacht voor de andere maten, want er is maar 1 persoon. Is eigenlijk eenmanszaak plus cv.
Bijzondere positie commanditaire vennoot (art. 20 WvK)
Lid 1: naamvoeringsverbod. De naam van de geldschieter mag niet in de naam van de firma zitten.
Uitzondering: als je al vennoot bij de vof was en nu van gewone, commanditaire vennoot wordt (art. 30 lid 2).
Lid 2: bestuursverbod. De commanditaire vennoot mag zich niet met de gang van zaken in de cv bemoeien.
Lid 3: een commanditaire vennoot van een cv is niet aansprakelijk voor de verbintenissen van de cv, maar
alleen voor zijn ingebracht deel (dit is alleen interne aansprakelijkheid!). Hij deelt mee in de winst, maar hoeft
niet bij te dragen aan het verlies. Uitzondering: wanneer hij lid 1 of 2 overtreedt wordt hij hoofdelijk
verbonden voor alle schulden en verbintenissen. Je blijft commanditair, maar met aansprakelijkheid.
Categorisering
Beroep: persoonlijke kwaliteiten en een vertrouwensband. Vooral in de sfeer van: accountants, advocaten,
artsen, dierenartsen, notarissen. Aanwijzing: ereregels en tuchtrecht.
Bedrijf: al het andere.
Niet onder gemeenschappelijke naam naar buiten treden: ‘niet openbaar’ of ‘stil’.
Wel gemeenschappelijke naam: dan presenteer je je naar buiten op een bepaalde manier – ‘openbaar’.
Stille maatschap: alleen intern kenbaar.
Openbare maatschap: gemeenschappelijke naam en met die naam moet je deelnemen aan het rechtsverkeer.
Beroep Bedrijf
Geen gem. naam (stille) Maatschap (stille) Maatschap
(bijv. medisch specialisten) (bijv. landbouwmaatschap)
Gem. naam (openbare) Maatschap Vof / cv
(bijv. advocatenkantoor)
4