100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Farmacologie Tentamenstof – alle colleges (incl. plaatjes)

Beoordeling
5,0
(1)
Verkocht
1
Pagina's
77
Geüpload op
30-04-2021
Geschreven in
2019/2020

Translationele neurowetenschappen college aantekeningen. Dit bestand bestaat uit colleges die zijn gegeven tijdens het vak Translationele wetenschappen (AB_1179). Schrik niet van het aantal pagina's, want dit komt door de vele ondersteunde plaatjes uit de dia’s en het boek (hierdoor wordt de stof nog duidelijker). Dit vak is een verplicht vak voor 2e jaars studenten Gezondheid&Leven met de biomedisch en klinische wetenschappen major in periode 5. Dit is alle stof voor het tentamen. Ik had zelf een openboek tentamen (in 2020). Mijn aantekeningen (totaal 13 colleges) heb ik gestudeerd en verder mocht ik alleen het boek gebruiken, hierdoor heb ik zelf een 6,8 kunnen halen.

Meer zien Lees minder












Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk: 1 t/m 3, 8 t/m 15, 58 en 60.
Geüpload op
30 april 2021
Aantal pagina's
77
Geschreven in
2019/2020
Type
Samenvatting

Voorbeeld van de inhoud

Farmacologie

Farmacologie Hoorcollege’s

Week 1
HC 1 Het geneesmiddel – Ch. 1 p. 2 t/m 6
HC 2 Farmacodynamiek – Ch. 2 + 3 p. 7 t/m 14
HC 3 Farmacokinetiek – deel I p. 15 t/m 20
Absorptie – Ch. 9

Week 2
HC 4 Farmacokinetiek – deel I p. 20 t/m 24
Eiwitverbinding
Distributie – Ch. 9
Excretie – Ch. 10
HC 5 Farmacokinetiek – deel II p. 25 t/m 28
Metabolisme – Ch. 10
HC 6 Farmacokinetiek in de praktijk – Ch. 11 p. 29 t/35
HC 7 Ethische overwegingen p. 36 t/m 39
HC 8 Algemeen zenuwstelsel – deel I p. 40 t/m 48
Autonome zenuwstelsel – Ch. 13 p. 40 t/m 44
Cholinerge neurotransmissie – Ch. 14 p. 44 t/m 48

Week 3
HC 9 Algemeen zenuwstelsel – deel II p. 49 t/m 55
Noradrenerge neurotransmissie – Ch. 15 p. 49 t/m 52
Ach en Na in CZS (Neurotransmitters) – Ch. 40 p. 53 t/m 55
HC 10 Geneesmiddel toxiciteit – Ch. 58 p. 56 t/m 59
HC 11 Polyfarmacie in ouderen en kinderen – Ch. 12 p. 60 t/m 64
HC 12 Klinisch farmacologisch onderzoek – Ch. 8 + 60 p. 65 t/m 71

Week 7
HC 13 Farmacotherapie – de 6-step p. 72 t/m 77




1

,Farmacologie
HC 1, 2-4
Het geneesmiddel – Ch. 1
- farmacologie -> verklaring van de werking van farmaca in het lichaam van mens (of dier).
- farmaca -> biologische actieve verbindingen, inclusief toxines.
- toxicologie vormt onderdeel van farmacologie – dus niet ‘geneesmiddelenleer’ dat alleen over
- geneesmiddel -> farmacon (‘drug’) toegepast voor therapie. geneesmiddelen gaat.
- dus geen verslaving, dat is ‘drug abuse’.
- 2 hoofdkenmerken: - farmacodynamiek – metafoor: wat doet farmacon met lichaam.
- meeste belangstelling voor deze karakteristieken, want: hoe het farmacon zijn
werk doet (aangrijpingspunten in een lichaam).
- faramcokinetiek – metafoor: wat doet het lichaam met farmacon.
- farmacon betreedt het lichaam, normale algemene processen spelen een rol om
het farmacon te bewerken tot een metaboliet.

Farmacotherapie -> toepassen van kennis en kunde uit de farmacologie voor het verantwoorde, met als
doel: effectieve en veilige wijze behandelen van de zieke mens (of dier) – toegepaste farmacologie.
(- farmacologie is de wetenschap die zoekt naar de verklaring van farmaca in het lichaam van een ziek mens.)
- toepassing vindt plaats in de geneeskunde.

Historische aspect van farmacologie
- wellicht de oudste wetenschap?
- duizenden jaren geleden de eerst therapeutische toepassingen van extracten verkregen kruiden en bomen.
- deze extracten hadden bepaalde effecten.
- bijv. soort crème van wilgenbast, pijnklachten verdwijnen en dit gebeurde niet bij drank.
- men wist alleen niet hoe ze dit moesten verklaren.
- vanuit basiskennis therapeutische effecten van natuurlijke extracten iets commercieels -> apothekers
- voorlopers van de huidige farmaceutische industrie.
- nieuwe stoffen maken -> synthetische middelen die kunnen worden toegepast is farmacotherapie.
- biofarmaceutische industrie -> gaat om het ontwikkelen van therapeutische eiwitten.
- recombinante eiwitten van eiwitten die in het lichaam van de mens gemaakt worden.
- bijv. insuline voor de behandeling van diabetes mellitus.
- ook antilichamen (en vaccin ontwikkeling).
- krijgt aandacht door het ontwikkelen van vaccins.
- specifieke kennis en kunde, maar ook technologie nodig die niet bij de klassieke ontwikkeling van
geneesmiddelen werd gebruikt.
- diergeneesmiddelen, waar de farmaceutische industrie bij betrokken is, kleine moleculaire verbindingen.
- klein omdat ze relatief een lager molecuul gewicht hebben vergeleken dan de grote eiwitten die door de
biofarmacie ontwikkeld worden.
- scheikunde had een wetenschappelijke revolutie begin 17e eeuw, later (18e en begin 19e eeuw) meer
impact door ontwikkelingen.
- vervolgens kon uit de natuurlijke extracten (eerst duizenden jaren omloop) nu:
- actieve substanties isoleren
- chemisch karakteriseren
- waardoor: structuur van actieve verbindingen bekend werden -> gevolgen van dien -> synthese proces.
- als je de structuur kende en kon namaken, spelen om nieuwe moleculen te maken -> synthetic drugs.
- gedurende 19e eeuw meer kennis en kunde uit andere wetenschapsgebieden.
- biomedische wetenschappen – fysiologie, psychologie, biochemie.
- in de 2e helft van de 20e eeuw de moleculaire biologie.
-> allemaal in kennis en kunde bijgedragen aan farmacologie.
- gevolg: is op zichzelf geen basale wetenshap, maar wetenschap die gebruik maakt van kennis en kunde
verkregen van allerlei gebieden – in het bijzonder: scheikunde, fysiologie en moleculaire biologie.
- integratieve wetenschap.



2

,Farmacologie




Alle historische ontwikkelingen hebben in de moderne farmacologie geleid – naast de basis van farmacologie
en systeem farmacologie, veel deelgebieden eromheen.
- basis farmacologie -> farmacodynamiek en faramcokinetiek.
- systeem farmacologie -> neuro-, cardiovasculair -, gastrointestinal -, immuno- en respiratoir farmacologie.
- deze deelgebieden voorzien/verkrijgen de informatie van/uit farmacologie.
- bovenaan – een vakgebied is apart ontwikkelt, toch geeft het veel informatie door aan de centrale tak van “
- bijv. toxicologie vanuit de pathologie naar farmacologie. en systeem farmacologie.
- bijv. biofarmaceutische die vanuit de biotechnologie wordt ‘gevoed’ van informatie.
- ontwikkeling tot biologische actieve verbinding, kan leiden tot toepassing in de farmacotherapie.
- nadat deze door ontwikkel- en researchproces.
- onderaan – een vakgebied met informatie verkregen uit de farmacologie (gekoppeld).
- bijv. genetica voor personalized medicine.
- bijv. klinische epidemiologie voor onderzoek naar grote groepen naar effectiviteit van farmacologie.
- bijv. farmaco-economie voor informatie die wordt verwerkt in evaluatie naar effectiviteit en kosten.
- tegenwoordig erg belangrijk voor de maatschappelijke discussie.

Wat is farmacologie en de consequenties van de definitie
Wat is farmacologie?
- farmacologie is de wetenschap die zich bezighoudt met het onderzoek wat geneesmiddelen doen en hoe ze
werken (verklaringen van het werkingsmechanisme).
- farmacon is ALTIJD een chemische substantie.
- dit is ook de rede waarom basis scheikunde een hoofdrol heeft in farmacologie.
- geneesmiddel is een chemische substantie die gewoonlijk gebruikt wordt voor het behandelen van ziektes.
- het gaat om chemische verbindingen die een interactie met het lichaam ondergaan, dit heeft als
consequentie dat het geneesmiddel bedoeld is om een selectief effect te bewerkstelligen.
- zoals het therapeutische effect bij iemand die last heeft van hoofdpijn.
- maar het ideaal wordt zelden bereikt, als voornaamste rede de farmacodynamische karakter van de stof.
- consequentie van een absoluut selectieve werking, naast hoofdwerkingen (dat wat je beoogt), daar is ook
altijd een risico op het optreden van bijwerkingen.
- kennis van de basis farmacologie is essentieel voor farmacotherapie, dit kan je niet bedrijven (effectief
veilig en verantwoord inzetten van farmaca) dan moet je er wel iets van af weten.
- voornamelijk de hoofdrol bij de actieve geneeskunde.

Farmacologische basis van farmacotherapie
- toch van belang! – bijv. nieuwe geneesmiddelen wel of niet toelaten op de markt.
- therapeutisch raam -> hiertussen farmacotherapie – concentratie van de stof in het bloedplasma.
- ondergrens -> minimale effectieve concentratie van de stof in het bloedplasma.
- waarboven het beoogde therapeutische effect zichtbaar is.
- bovengrens -> minimale toxische concentratie.
- waarboven ongewenste effecten (mogelijk toxisch) gaan optreden.




3

,Farmacologie
Werking van geneesmiddelen
- hoofdwerking -> effect(en) waarvoor het middel wordt toegediend (ook wel: therapeutische effecten).
- bijwerking -> ongewenst effect (=adverse drug reaction).
- alle effecten waar je niet op zit te wachten, dus al het overige dan de hoofdwerking.
- ook wel toxische effecten – worden vaak apart genoemd, zoals orgaanschade.
-> wat hoofdwering of bijwerking is wordt bepaald door indicatie (het doel) waarvoor het farmacon wordt
- bijv. acetylsalicylzuur (aspirine, extract van wilgenbast) voor pijn of ontstolling. toegediend.
- bijv. maagbloedingen voor bloedplaatjes aggregatie die door acetylzuur worden tegengegaan.
- omkering van hoofd- en bijwerking, nu toegediend als secundaire preventie van recidief hartinfarct.

- placebo -> een preparaat dat geen farmacologisch actieve substantie bevat.
- nocebo -> een placebo dat ongewenste effecten (dus bijwerkingen) heeft.
- bijv. in de praktijk als farmaca oraal worden toegediend, is de meest frequente bijwerking misselijkheid.
- want mensen hebben de verwachting dat ze misselijk worden.
- maar er is geen effect van het actieve werkingsmechanisme.
- een placebo kan wel degelijke en (therapeutisch) effect hebben -> placebo effect.
- een essentiële rol hierbij speelt het verwachtingspatroon van de patiënt.
- hoe groter het verwachtingspatroon, hoe groter het placebo effect.
- bijv. bij depressies kunnen een placebo heel goed werken.
- de bijdrage van het placebo effect wordt onderzocht tijdens clinical trials (van nieuwe geneesmiddelen).
- belangrijk hoe effectief de bijdrage van het nieuwe farmacon zou zijn bij een nieuwe behandeling.
- hoe: door middel van een RCT.

Farmacologie -> verklaring van de werking van biologisch actieve verbindingen.
- farmacodynamiek – wat doet het farmacon met het lichaam.
- farmacokinetiek – wat doet het lichaam met farmacon.
(-> gaat om de combinatie hiervan, niet alleen de farmacodynamiek (dit is een misvatting))

Effecten van stoffen deelt een patiënt met zijn behandelaar -> patiënt geintreseerd in het effect.
- farmacoloog onghanding, want weet dan niet hoe dit werkt.
- geeft geen inzicht om concentratie / dosis en eventuele andere medicijnen.

Werking van farmaca – complex fenomeen
- houdt in: effecten bestaan uit effecten op verschillende niveaus – die met elkaar puur de som van de
effecten op individueel niveau zijn.
- gevolg: het identificeren van een bepaald niveau van effecten van farmaca, die eventueel kunnen bijdragen
aan het belang van de farmacoloog voor het ontwikkelen van betere, anders werkende, etc. stoffen.
- kijken naar de werking van farmaca – naast de macrscopische beschrijving (als het gebruik van de patiënt)
ook ander niveaus identificeren waar je onderzoek naar kunt doen om er achter te komen waar de
farmcoloog het meest aan heeft om onderzoek voort te zetten en nieuwe stoffen te maken.
- systeem niveau -> effecten van farmacon op systeem functie.
- bijv. effect van ingenomen stof op de frequentie van samentrekking van het hart.
- maar je weet niet hoe de stof dit bewerkstelligt.
- weefsel niveau -> effect op weefsel (dieper).
- bijv. wat is echt het effect van de stof op de frequentie van samentrekkenig, maar ook de spiervezel.
- effect van metabole activiteit, delingssnelheid, etc.
- maar je weet nog steeds niet hoe de chemische verbinding dit bewerkstelligt.
- cel niveau -> geïntresseerd in de signaal transductie fenomeen (dit achterhalen).
- bijv. bij toeding aan spiercellen, kijken wat er gebeurt met secondair messengers, cAMP, ionkanalen, etc.
- meer informatie, maar nog steeds niet wat precies het verband is tussen toediening en het effect.
- moleculair niveau -> interactie met het ‘ drug molecular target’ (aangrijpingspunt).
- wel van belang voor de farmacoloog,
- verklaring van effect op ander niveaus door dit moleculaire aangrijpingspunt.
- onderzoek naar relatie tussen chemischestructuur en interactie met geïdentificeerde moleculaire target
- effect van interactie met het geïdentificeerde moleculaire target – structuur-activiteits relatie.

4

, Farmacologie
Farmacologie -> verklaring voor werking van biologische actieve verbindingen niet alleen
te maken met farmacodynamische karakteristieken, maar ook farmacokinetische aspecten.
- verklaart de dosis-response relatie – werking van farmaca van geïntresseerde stof.
- en deze stof zou een potentieel geneesmiddel kunnen worden.
- inizcht in de werking van farmaca.
- doel: sterkere, selectievere of langere werkings stoffen maken.
- hangt af van het onderzoeksdoel.

Fasen in de farmacotherapie
- kan niet in het echt, want de stappen farmacokinetiek en -dynamiek
zijn samen bepalend voor de dosis-response relatie.
- zorgen voor nieuwe chemische actieve verbinding
- farmacie -> richt zich op farmaceutische vormgeving van een geneesmiddel.
- zorgen voor de vormgeving en samenstelling, dusdanig dat ze een bepaald
doel in het lichaam kunnen bewerkstelligen.
- dat hier mee wordt ‘gespeeld’, heeft bepaalde redenen.
- bijv. tablet of drank.

Verloop van de plasmaconcentratie in de tijd in relatie tot de orale toedieningsvorm
- farmacon in dezelfde dosering maar een andere farmaceutische vormgeving.
- toegediende biologische actieve verbinding is net als de hoeveelheid hetzelfde.
- profielen van de plasma concentratie vs het begin van de behandeling, liggen ander afhankelijk van de
farmaceutische vormgeving.
- wat valt op: - bij een drank is de piek hoog & er is relatief snel een hoge plasma concentratie.
- bij tablet is de piek lager & het langer duurt dat deze is bereikt.
- bij tablet met gereguleerde werking is de piek zowel lager en deze daalt langzaam.
- gereguleerde werking -> stof blijft langer in het lichaam.
- reden hiervoor: voordeel dat als die stof een concentratie een waarde bereikt boven de
minimale effectieve concentratie (in therapeutische raam), dan hoeft de patiënt minder
vaak het farmacon in te nemen t.o.v. van normaal tablet (laat staan drank).
- positief effect: zowel de therapietrouw als de ..
- het niet vergeten/overslaan/niet uitkomen van medicatie.
- .. effectiviteit van farmacotherapie wordt bevorderd.
- Farmacie houden zich, naast het direct maken, ook bezig met de medicatievormen
die ze kunnen maken om in de apotheken te verkopen.
(- getal 4 het heilige getal van farmacologie – zowel farmacotherapie als farmacokinetiek)

De vier processen van farmacokinetiek
- absorptie – maag-darm kanaal -richting-> de systemische bloedcirculatie (oraal van farmaca).
- distributie – systemische bloedcirculatie -bereikt-> alle organen en weefsels van het lichaam.
- metabolisme – lever (belangrijkste orgaan voor metabolisme (biotransformatie), grootste capaciteit)
- eigenlijk alle cellen die worden blootgesteld aan moleculen van het farmacon.
- excretie – nier -via-> urine of dikke darm en anus -via-> faeces.
- hangt af van de aard van de processen die ten grondslag liggen aan het metabolisme.
- bijv. alcohol – lever, nier en darmen.
-> staan samen bekend als de ADME – farmacokinetische karakteristieken van het geneesmiddel/stof.
- processen gebeuren niet altijd achter elkaar, maar lopen door
elkaar heen als het farmacon in het lichaam komt.
- beschrijft de relatie tussen de hoeveelheid van de stof die
ergens is toegediend, de hoeveelheid die terechtkomt in het
plasma en de hoeveelheid van de stof die in onveranderde of
gemetaboliseerde vorm wordt uitgescheiden uit het lichaam via
de urine, gal en/of fecaliën.
-> relatie tussen in- en output wordt beschreven bij de
farmacokinetiek – voor ieder farmacon apart worden opgesteld.

5

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
3 jaar geleden

5,0

1 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
ninaburgering Vrije Universiteit Amsterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
285
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
168
Documenten
40
Laatst verkocht
6 dagen geleden

3,5

41 beoordelingen

5
8
4
13
3
13
2
4
1
3

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen