Zintuigcellen (receptoren) ontstaan onder invloed van prikkels impulsen:
1. Mechanische receptoren reageren op aanraking en geluid (buitenaf)
2. Chemische receptoren binden bepaalde moleculen uit de omgeving.
Prikkels:
1. Adequate prikkel: prikkel waarvoor de drempel van een zintuigcel het laagst
is.
2. Adaptatie (gewenning: aanpassing van de gevoeligheid
3. Sleutelprikkel: prikkel die een doorslaggevende rol speelt. De respons op
een sleutelprikkel is gebaseerd op erfelijke informatie en is voorspelbaar
4. Supranormale prikkel: heftigere prikkel
Gedrag is alle waarneembare activiteiten van een dier of een mens.
Adequaat gedrag: de overlevingskansen en fitness van een dier worden vergroot
wanneer het gedrag goed is aangepast aan de omgeving.
Een handeling is een respons op een prikkel:
1. Gedragssysteem: handelingen met een gemeenschappelijk doel
2. Gedragsketen: als het effect van de ene handeling leidt tot het volgende
handeling