Taak 1
Leerdoel 1: Wat zijn de definities van gezondheid van de WHO en Huber?
World Health Organization (WHO)
➔ In1948 opgericht, na WO II als onderdeel van de Verenigde Naties.
➔ De volgende definitie van gezondheid hielden zij aan:
‘’een toestand van volledig fysiek, mentaal en sociaal welbevinden en niet alleen de
afwezigheid van ziekte’’
De WHO zette meer het stimuleren van gezondheid en het voorkomen van ziekte centraal en
minder het genezen van ziekte. Gezondheid moest geen levensdoel zijn, maar de bron
voor het alledaagse leven. De WHO ontwikkelde verschillende classificatiesystemen om
ziekte en gezondheid te meten.
WHO-classificatiesystemen (WHO-FIC) = OBJECTIEF
ICD (International Classification of Diseases)
➔ Richt zich op oorzaken van sterfte, diagnoses en morbiditeit.
➔ Internationale standaard voor epidemiologie.
ICPC (International Classification of Primary Care)
➔ Voor huisartsen.
➔ Combineert informatie over: reden van consult, zorgproces en gezondheidsproblemen
in de eerste lijn.
ICF (International Classification of Functioning, Disability and Health)
➔ Meet gezondheidstoestanden, functioneren en beperkingen.
➔ 6 domeinen:
1. Bestaande ziekten of aandoeningen
2. Lichaamsfuncties en -structuren
3. Activiteiten in het dagelijks leven
4. Participatie in de maatschappij
5. Omgevingsfactoren (sociaal/fysiek)
6. Persoonlijke factoren (onder discussie, bijv. zingeving, empowerment)
,Kwaliteit van leven en subjectieve gezondheid
➔ Quality of Life (QOL)
o Subjectieve perceptie van iemands positie in het leven, afhankelijk van cultuur,
waarden en doelen.
➔ Health-Related Quality of Life (HRQoL)
o Kwaliteit van leven in relatie tot symptomen en beperkingen.
➔ QALY (Quality Adjusted Life Year) & DALY (Disability Adjusted Life Year).
o QALY: combineert kwaliteit en kwantiteit van leven.
o DALY: meet verlies aan gezondheid en ziektelast, “omgekeerde” QALY.
• Kritiek: moeilijk universeel objectief te meten, beïnvloed door cultuur, leeftijd,
sociale factoren en individuele verschillen.
Huber
➔ Uitte kritiek op de oude definitie van de WHO
➔ Louis Bolk instituut (kippenexperiment)
o Gezondheid is niet makkelijk te meten, maar wordt intuïtief erkend
➔ Samen met ZonMw & de Gezondheidsraad (14 anderen, Huber leider) nieuwe definitie
‘’niet afwezigheid van ziekte maar het vermogen zich aan te passen en eigen regie te
voeren (veerkracht), in het licht van de lichamelijke, emotionele en sociale uitdagingen
van het leven’’
➔ Gezondheid moet geen doel op zich zijn, gezondheid is een middel zodat mensen een
zinvol leven kunnen leiden
➔ Gaat meer om afwezigheid van ziekte → positieve gezondheid
➔ Huber stelde na een vervolgonderzoek 6 pijlers op voor positieve gezondheid waaraan
weer 32 verschillende aspecten zijn verbonden:
,Leerdoel 2: Wat zijn de verschillen en overeenkomsten tussen deze definities?
VERSCHILLEN
WHO
➔ Gezondheid = statisch
➔ Het gaat om je toestand, en niet hoe je er mee omgaat
Huber
➔ Gezondheid = dynamisch, het kan per dag verschillen
➔ Hoe je omgaat met je gezondheid of ziekte: veerkracht
OVEREENKOMST
➔ Er wordt bij beide definities gekeken naar gezondheid op fysiek, psychisch en sociaal
gebied.
Leerdoel 3: Welke kritiek is er op de definitie van de WHO?
➔ Compleet = onhaalbaar
o Bijna niemand is ooit echt gezond
o MEDICALISERING (vroeger veel infecties, nu chronisch)
➔ Moeilijk meetbaar
o Een toestand van volledig welbevinden is niet te meten
o → Iedereen ervaart welbevinden en gezondheid op een andere manier
➔ Veerkracht ontbreekt
o Er wordt niet gekeken hoe met gezondheid wordt omgegaan, terwijl veerkracht
erg belangrijk is bij het ervaren van gezondheid.
o Chronische zieke mensen zouden nooit volledig gezond zijn, ook niet als ze
goed functioneren
➔ Statisch
o Houdt geen rekening met voortdurende aanpassingen aan uitdagingen
o Gezondheid = dynamisch
Reactie Huber
➔ Heel idealistisch & onpraktisch
o Wanneer heeft iemand een toestand van compleet welbevinden bereikt?
➔ Statisch
o Het gaat om een toestand waarin iemand moet zijn
o Werkelijkheid: mensen zijn heel flexibel : VEERKRACHT ontbreekt
, Leerdoel 4: Welke kritiek is er op de definitie van Huber?
Positief aan deze definitie
➔ Het benadrukt dat mensen een eigen rol spelen in het managen van hun gezondheid.
Negatief aan deze definitie:
➔ Ziekte wordt geminimaliseerd
o Mensen met chronische ziekten die zich kunnen aanpassen, worden als
‘gezond’ beschouwd.
➔ Moeilijk meetbaar
o “Goed aangepast zijn” is subjectief
o Het is onduidelijk wanneer iemand als goed aangepast geldt, waardoor
operationalisatie lastig is.
➔ Verwarring tussen toestand en gedrag
o Gezondheid als toestand (objectief fysiek en mentaal functioneren) wordt verward
met gezondheid als gedrag (aanpassingsvermogen en zelfmanagement).
o Hierdoor lijkt gezondheid het hele leven te omvatten, wat conceptueel en
praktisch problematisch is.
➔ Risico van schuld en verantwoordelijkheid
o Door de nadruk op adaptatie en zelfmanagement kan impliciet worden
aangenomen dat individuen verantwoordelijk zijn voor hun eigen gezondheid,
ook bij situaties buiten hun controle.
➔ Focus op individu
o Sociale, maatschappelijke en structurele factoren worden minder benadrukt,
terwijl deze juist cruciaal zijn voor echte gezondheid.
➔ Het is verwarrend, mensen kunnen op een gezonde en ongezonde manier omgaan met
hun (on)gezondheid en het hangt dus af van de beoordelaar of mensen als gezond of
als ongezond worden beoordeeld.
➔ Definitie is te breed (32 subdimensies) & niet origineel
DEFINITIE IS NODIG:
➔ Geeft richting aan het beleid & aan de inrichting van de zorg
➔ Is voor de overheid belangrijk als ze de effecten van gezondheidsbevorderende
maatregelen willen meten
➔ Aanbeveling goede definitie
o Rekening houden met context, leeftijd en cultuur bij functioneringsvermogen
o Onderscheidt gezondheid (toestand) en gedrag/coping
o Wees terughoudend met het label ‘nieuw’ → aansluiten bij bestaande literatuur
o Goed beleid: evenwichtige, heldere en afgebakende definitie = noodzakelijk
o Pas de rule of parsimony toe: definities moeten kernachtig blijven
Leerdoel 1: Wat zijn de definities van gezondheid van de WHO en Huber?
World Health Organization (WHO)
➔ In1948 opgericht, na WO II als onderdeel van de Verenigde Naties.
➔ De volgende definitie van gezondheid hielden zij aan:
‘’een toestand van volledig fysiek, mentaal en sociaal welbevinden en niet alleen de
afwezigheid van ziekte’’
De WHO zette meer het stimuleren van gezondheid en het voorkomen van ziekte centraal en
minder het genezen van ziekte. Gezondheid moest geen levensdoel zijn, maar de bron
voor het alledaagse leven. De WHO ontwikkelde verschillende classificatiesystemen om
ziekte en gezondheid te meten.
WHO-classificatiesystemen (WHO-FIC) = OBJECTIEF
ICD (International Classification of Diseases)
➔ Richt zich op oorzaken van sterfte, diagnoses en morbiditeit.
➔ Internationale standaard voor epidemiologie.
ICPC (International Classification of Primary Care)
➔ Voor huisartsen.
➔ Combineert informatie over: reden van consult, zorgproces en gezondheidsproblemen
in de eerste lijn.
ICF (International Classification of Functioning, Disability and Health)
➔ Meet gezondheidstoestanden, functioneren en beperkingen.
➔ 6 domeinen:
1. Bestaande ziekten of aandoeningen
2. Lichaamsfuncties en -structuren
3. Activiteiten in het dagelijks leven
4. Participatie in de maatschappij
5. Omgevingsfactoren (sociaal/fysiek)
6. Persoonlijke factoren (onder discussie, bijv. zingeving, empowerment)
,Kwaliteit van leven en subjectieve gezondheid
➔ Quality of Life (QOL)
o Subjectieve perceptie van iemands positie in het leven, afhankelijk van cultuur,
waarden en doelen.
➔ Health-Related Quality of Life (HRQoL)
o Kwaliteit van leven in relatie tot symptomen en beperkingen.
➔ QALY (Quality Adjusted Life Year) & DALY (Disability Adjusted Life Year).
o QALY: combineert kwaliteit en kwantiteit van leven.
o DALY: meet verlies aan gezondheid en ziektelast, “omgekeerde” QALY.
• Kritiek: moeilijk universeel objectief te meten, beïnvloed door cultuur, leeftijd,
sociale factoren en individuele verschillen.
Huber
➔ Uitte kritiek op de oude definitie van de WHO
➔ Louis Bolk instituut (kippenexperiment)
o Gezondheid is niet makkelijk te meten, maar wordt intuïtief erkend
➔ Samen met ZonMw & de Gezondheidsraad (14 anderen, Huber leider) nieuwe definitie
‘’niet afwezigheid van ziekte maar het vermogen zich aan te passen en eigen regie te
voeren (veerkracht), in het licht van de lichamelijke, emotionele en sociale uitdagingen
van het leven’’
➔ Gezondheid moet geen doel op zich zijn, gezondheid is een middel zodat mensen een
zinvol leven kunnen leiden
➔ Gaat meer om afwezigheid van ziekte → positieve gezondheid
➔ Huber stelde na een vervolgonderzoek 6 pijlers op voor positieve gezondheid waaraan
weer 32 verschillende aspecten zijn verbonden:
,Leerdoel 2: Wat zijn de verschillen en overeenkomsten tussen deze definities?
VERSCHILLEN
WHO
➔ Gezondheid = statisch
➔ Het gaat om je toestand, en niet hoe je er mee omgaat
Huber
➔ Gezondheid = dynamisch, het kan per dag verschillen
➔ Hoe je omgaat met je gezondheid of ziekte: veerkracht
OVEREENKOMST
➔ Er wordt bij beide definities gekeken naar gezondheid op fysiek, psychisch en sociaal
gebied.
Leerdoel 3: Welke kritiek is er op de definitie van de WHO?
➔ Compleet = onhaalbaar
o Bijna niemand is ooit echt gezond
o MEDICALISERING (vroeger veel infecties, nu chronisch)
➔ Moeilijk meetbaar
o Een toestand van volledig welbevinden is niet te meten
o → Iedereen ervaart welbevinden en gezondheid op een andere manier
➔ Veerkracht ontbreekt
o Er wordt niet gekeken hoe met gezondheid wordt omgegaan, terwijl veerkracht
erg belangrijk is bij het ervaren van gezondheid.
o Chronische zieke mensen zouden nooit volledig gezond zijn, ook niet als ze
goed functioneren
➔ Statisch
o Houdt geen rekening met voortdurende aanpassingen aan uitdagingen
o Gezondheid = dynamisch
Reactie Huber
➔ Heel idealistisch & onpraktisch
o Wanneer heeft iemand een toestand van compleet welbevinden bereikt?
➔ Statisch
o Het gaat om een toestand waarin iemand moet zijn
o Werkelijkheid: mensen zijn heel flexibel : VEERKRACHT ontbreekt
, Leerdoel 4: Welke kritiek is er op de definitie van Huber?
Positief aan deze definitie
➔ Het benadrukt dat mensen een eigen rol spelen in het managen van hun gezondheid.
Negatief aan deze definitie:
➔ Ziekte wordt geminimaliseerd
o Mensen met chronische ziekten die zich kunnen aanpassen, worden als
‘gezond’ beschouwd.
➔ Moeilijk meetbaar
o “Goed aangepast zijn” is subjectief
o Het is onduidelijk wanneer iemand als goed aangepast geldt, waardoor
operationalisatie lastig is.
➔ Verwarring tussen toestand en gedrag
o Gezondheid als toestand (objectief fysiek en mentaal functioneren) wordt verward
met gezondheid als gedrag (aanpassingsvermogen en zelfmanagement).
o Hierdoor lijkt gezondheid het hele leven te omvatten, wat conceptueel en
praktisch problematisch is.
➔ Risico van schuld en verantwoordelijkheid
o Door de nadruk op adaptatie en zelfmanagement kan impliciet worden
aangenomen dat individuen verantwoordelijk zijn voor hun eigen gezondheid,
ook bij situaties buiten hun controle.
➔ Focus op individu
o Sociale, maatschappelijke en structurele factoren worden minder benadrukt,
terwijl deze juist cruciaal zijn voor echte gezondheid.
➔ Het is verwarrend, mensen kunnen op een gezonde en ongezonde manier omgaan met
hun (on)gezondheid en het hangt dus af van de beoordelaar of mensen als gezond of
als ongezond worden beoordeeld.
➔ Definitie is te breed (32 subdimensies) & niet origineel
DEFINITIE IS NODIG:
➔ Geeft richting aan het beleid & aan de inrichting van de zorg
➔ Is voor de overheid belangrijk als ze de effecten van gezondheidsbevorderende
maatregelen willen meten
➔ Aanbeveling goede definitie
o Rekening houden met context, leeftijd en cultuur bij functioneringsvermogen
o Onderscheidt gezondheid (toestand) en gedrag/coping
o Wees terughoudend met het label ‘nieuw’ → aansluiten bij bestaande literatuur
o Goed beleid: evenwichtige, heldere en afgebakende definitie = noodzakelijk
o Pas de rule of parsimony toe: definities moeten kernachtig blijven