100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Psychologie, een inleiding, 8e editie ISBN: 9789043034593, Inleiding Psychologie (R_Inl.psy)

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
122
Geüpload op
21-03-2021
Geschreven in
2020/2021

Samenvatting van het boek Psychologie, een inleiding, 8e editie ISBN: 4593. In deze samenvatting zijn de hoofdstukken 1 t/m 11 compleet verwerkt. Ook zijn college aantekeningen hierin verwerkt. Het vak op de VU voor de studie criminologie heet: Inleiding Psychologie (R_I).

Meer zien Lees minder













Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
1 t/m 11
Geüpload op
21 maart 2021
Aantal pagina's
122
Geschreven in
2020/2021
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

INLEIDING PSYCHOLOGIE
SAMENVATTING
HOOFDSTUK 1 – GEEST, GEDRAG EN PSYCHOLOGISCHE
WETENSCHAP

Psychologie
 Afkomstig uit Oudgrieks → psyche = geest en ologie = gebied van studie
 Kernconcept 1: psychologie is een breed veld, met vele specialismen, maar
in wezen is psychologie de wetenschap van gedrag en geestelijke processen
 Terrein van de psychologie beslaat zowel interne geestelijke processen, die
we alleen indirect waarnemen (zoals denken, voelen en begeren) als externe
waarneembare gedragingen (zoals praten, lachen en lopen)
 Wetenschap van de psychologie is gebaseerd op objectieve, verifieerbare
gebeurtenissen

Drie soorten psychologen
1. Experimenteel psychologen / onderzoekspsychologen
- = een psycholoog die onderzoek doet naar elementaire psychologische
processen – in tegenstelling tot een toegepast psycholoog
- Vormen de kleinste van de drie groepen
- Voeren het meeste onderzoek uit dat nieuwe psychologische kennis
creëert
2. Docenten psychologie
- = een psycholoog met als primaire taak het geven van onderwijs op
bijvoorbeeld een hbo- of bacheloropleiding of aan een universiteit
3. Toegepast psychologen
- = een psycholoog die de door experimenteel psychologen vergaarde
kennis gebruikt om problemen van mensen op te lossen
- Doen ze door middel van trainingen, het ontwerpen van speciale
gereedschappen of psychologische behandeling

Specialisaties in de toegepaste psychologie
 Arbeids- en organisatiepsychologen (A&O-psychologen): hebben zich
gespecialiseerd in aanpassingen aan de werkplek die de productiviteit en de
arbeidsmoraal van werknemers moeten maximaliseren
 Sportpsychologen: helpen atleten hun prestaties en motivatie te verbeteren,
door trainingssessies te plannen en door hen te leren hun emoties onder druk
te beheersen → kunnen ook onderzoek doen
 Schoolpsychologen: zijn deskundig op het gebied van lesgeven en leren
- Houden zich bezig met onderwerpen op het gebied van leren, het gezin of
persoonlijke omstandigheden die schoolprestaties kunnen beïnvloeden
- Richten zich ook op sociale omstandigheden van leerlingen, zoals
tienerzwangerschappen en verslavingen
- Diagnosticeren leer- en gedragsproblemen en adviseren leraren, ouders
en leerlingen

,  Klinisch psychologen en counselors: helpen mensen zich aan te passen op
sociaal en emotioneel gebied, of om moeilijke keuzes in relaties, hun carrière
of opleiding te maken
 Forensisch psychologen: leveren hun psychologische expertise aan het wets-
en rechtssysteem → kunnen bijvoorbeeld oordelen of gedetineerden vrij
kunnen komen of verklaringen beoordelen
 Omgevingspsychologen: proberen de interactie met onze omgeving en het
milieu te verbeteren
 Gerontopsychologen: door de American Psychological Association in het
leven geroepen om ouderen te helpen hun gezondheid en welzijn te
behouden en effectief te leren omgaan met leeftijd gerelateerde problemen →
beoordelen het functioneren van ouderen en versterken begeleiding, in
overleg met cliënten, families, verzorgers en artsen, om ouderen te helpen
hun potentieel maximaal te benutten in de latere fases van hun leven

Psychiatrie: een medisch specialisme dat zich richt op de diagnose en behandeling
van mentale stoornissen → zien mensen als ‘patiënten’ met een geestelijke ‘ziekte’

Pseudopsychologie: niet-onderbouwde psychologische aannamen die als
wetenschappelijke waarheden worden gepresenteerd

Zes vaardigheden voor kritisch denken
1. Wat is de bron?
2. Is de bewering redelijk of extreem?
3. Wat is het bewijsmateriaal?
- Anekdotisch bewijsmateriaal: getuigenissen die de ervaringen van iemand
of enkele personen schetsen, maar ten onrechte voor wetenschappelijk
bewijs worden aangezien
- Om zeker te weten of een bepaalde oplossing werkt, is er
wetenschappelijk bewijsmateriaal nodig, waarvoor wetenschappelijk
onderzoek moet worden verricht
4. Kan de conclusie zijn beïnvloed door bias?
- Bias: een vooroordeel, vervorming of vertekening van een situatie, meestal
op basis van persoonlijke ervaringen en waarden
- Emotionele bias: de neiging om oordelen te vellen gebaseerd op attitudes
en gevoelens, in plaats van op een rationale analyse van het
bewijsmateriaal
- Confirmation bias (bevestigingsbias): de neiging om informatie die niet bij
je opvattingen aansluit te negeren of te bekritiseren en om in plaats
daarvan informatie te zoeken waar je het wel mee eens bent
5. Worden veelvoorkomende denkfouten vermeden?
- Bijvoorbeeld de aanname dat ‘gezond verstand’ een substituut is voor
wetenschappelijk bewijs
- Correlatie-causaliteit-denkfout: als we aannemen dat als twee dingen
tegelijkertijd voorkomen, het een het ander moet veroorzaken
6. Zijn voor het oplossen van het probleem verschillende invalshoeken nodig?

,Kernconcept 2: zes belangrijke perspectieven domineren het snel veranderende
veld van de moderne psychologie: het biologische, cognitieve, behavioristische,
whole-person-, ontwikkelings- en socioculturele perspectief. Alle kwamen voort uit
radicaal nieuwe ideeën over geest en gedrag.

René Descartes (1596-1650)
 Stelde het eerste radicaal nieuwe idee voor dat uiteindelijk leidde tot de
moderne psychologie → een scheiding tussen de spirituele geest en het
fysieke lichaam
 Denkbeeld van Descartes sloot aan bij de nieuwe ontdekkingen over de
biologie van zenuwbanen van dieren → wetenschappers konden voor het
eerst aantonen dat er biologische processen ten grondslag liggen aan de
sensaties en eenvoudige reflexmatige gedragingen, in plaats van mysterieuze,
spirituele krachten
 Behoorde tot het rationalisme

Rationalisme: een filosofiestroming die de ratio, het denken, als enige middel zag om
aan wetenschap en filosofie te doen.
Empirisme: zien het denken als onnodig en zelfs storend in wetenschap en filosofie.
Zij beweren dat waarnemingen, ervaringen en experimenten de enige ware bronnen
van kennis zijn.

Tabula Rasa (John Locke): een onbeschreven blad dat door ervaring, leerprocessen
en opvoeding persoonlijkheid en vaardigheden (zoals intelligentie) krijgt.

Biologisch perspectief: het psychologische perspectief dat de oorzaken van gedrag
zoekt in het functioneren van de genen, de hersenen en het zenuwstelsel en
hormoonstelsel → onze persoonlijkheid, voorkeuren, gedragspatronen en
vaardigheden komen voort uit onze lichamelijke eigenschappen → beschouwen de
geest als een product van de hersenen

Twee variaties op het biologische thema
1. Neurowetenschap: het vakgebied dat zich richt op begrip van hoe de
hersenen gedachten, gevoelens, motieven, bewustzijn, herinneringen en
andere mentale processen creëren
2. Evolutionaire psychologie: een relatief nieuw specialisme in de psychologie
dat gedrag en mentale processen beschouwt op basis van hun genetische
aanpassingen aan overleving en voortplanting
- Natuurlijke selectie (Darwin): de invloeden in de omgeving hebben de
stamboom van de mens ‘gesnoeid’, waarbij individuen met de meest
adaptieve psychische en lichamelijke kenmerken bevoordeeld werden,
want ze leefden langer en waren daardoor beter in staat zich voort te
planten en zo hun eigen kenmerken door te geven



Het begin van de wetenschappelijke psychologie en het cognitieve perspectief

,  Wilhelm Wundt (1832-1920) dacht dat het mogelijk was de menselijke geest
op eenzelfde manier te simplificeren als het periodieke systeem de
scheikunde had vereenvoudigd → dit maakte hij echter niet waar
 Wel baanbrekend inzicht: de wetenschappelijke methoden konden ook
gebruikt worden om zowel de geest als het lichaam te bestuderen
 Formele begin van psychologie → oprichting eerste psychologielaboratorium
 Eerste psychologische experimenten in de geschiedenis: onderzoek naar wat
volgens Wundt en zijn studenten de ‘elementen’ van het bewustzijn waren,
met inbegrip van gewaarwording en waarneming, geheugen, aandacht,
emotie, denken, leren en taal → al onze verstandelijke activiteit bestond
volgens hen uit verschillende combinaties van deze elementaire processen
 Introspectie: beschrijving van je eigen innerlijke, bewuste ervaringen
 Wundts pupil Edward Bradford Titchener (1867-1927) bracht de zoektocht
naar de elementen van het bewustzijn naar Amerika, waar hij het
structuralisme begon te noemen: historische stroming binnen de psychologie
die de basisstructuren van de geest en gedachten trachtte te ontrafelen,
zochten de ‘elementen’ van de bewuste ervaring
 Kritiek was dat de introspectieve methode te subjectief was en
onwetenschappelijk
 Gestaltpsychologen: concentreerden zich op het geheel van onze
bewustzijnservaringen als meer dan de som van de delen en probeerden te
begrijpen hoe we ‘perceptuele gehelen’ vormen → beweerden dat onze
ervaringen niet gereduceerd kunnen worden tot een serie afzonderlijke
elementen
 William James (1842-1910) beargumenteerde dat de benadering van Wundt
veel te beperkt was → psychologie moest zich richten op de functie van het
bewustzijn en niet alleen op de structuur ervan → functionalisme: historische
stroming binnen de psychologie die meende dat psychische processen het
beste begrepen kunnen worden in het licht van hun adaptieve nut en functie
 Functionalisten ontwikkelden de eerste toegepaste psychologie; zij waren
geïnteresseerd in de wijze waarop de psychologie kon worden toegepast om
het menselijk leven te verbeteren
 Navolger van James, John Dewey was grondlegger van ‘het nieuwe leren’

Moderne cognitieve perspectief
 = een van de belangrijkste psychologische perspectieven, waarbij de nadruk
ligt op mentale processen, zoals leren, geheugen, perceptie en denken als
vormen van informatieverwerking
 Vanuit dit standpunt zijn iemands gedachten en handelingen het resultaat van
het unieke cognitieve patroon van waarnemingen en interpretaties van
ervaringen
 Door brain-imaging technieken (CT, PET, MRI en fMRI) kunnen
wetenschappers de hersenen tijdens allerlei mentale processen bestuderen


Het behavioristische perspectief

,  = een psychologische invalshoek die de bron van onze handelingen zoekt in
stimuli vanuit de omgeving, in plaats van innerlijke mentale processen
 Verwerpt introspectieve methode en mentalistische verklaringen van gedrag
 Behaviorisme: een historische school die ernaar streefde om van de
psychologie een objectieve wetenschap te maken die zich alleen op gedrag
richtte (en niet op mentale processen)
 Behavioristen werden het beroemdst met het idee dat het bestuderen van de
geest helemaal geen deel van de psychologie zou moeten uitmaken
 John B. Watson betoogde dat een werkelijk objectieve psychologische
wetenschap zich uitsluitend met waarneembare gebeurtenissen zou moeten
bezighouden: fysieke stimuli vanuit de omgeving en de waarneembare
reacties van het organisme daarop
 B.F. Skinner zei dat de geest zoiets subjectiefs is dat we het bestaan ervan
niet eens kunnen bewijzen → iemands gedachten of emoties zijn irrelevant,
alleen gedrag kan betrouwbaar worden geobserveerd en gemeten
 Behavioristen deden geen subjectieve aannames over de interne aanleiding
(zoals angst) voor extern gedrag (vermijding)
 Vroeg vooral aandacht voor de manier waarop ons handelen wordt gevormd
door de consequenties ervan

De perspectieven vanuit de gehele persoon (whole person): psychodynamische
psychologie, humanistische psychologie en de psychologie van karaktertrekken en
temperament → draaien om een globaal inzicht in de persoonlijkheid

Sigmund Freud (1856-1939)
 en volgelingen ontwikkelden methode voor het behandelen van psychische
stoornissen die op een ander radicaal idee was gebaseerd: dat
persoonlijkheid en psychische stoornissen voornamelijk ontstaan uit
processen in de onbewuste geest, en niet in het bewustzijn
 De psychoanalytische theorie van Freud stelde dat deze methode de gehele
persoon kon verklaren, en niet slechts bepaalde onderdelen daarvan
 Doel was om elk aspect van de geest in één enkele grootse theorie te
verklaren
 Psychodynamische psychologie: een benadering die de nadruk legt op het
begrijpen van het menselijk functioneren in termen van onbewuste behoeften,
verlangens, herinneringen en conflicten → gebruiken deze term voor alle
neofreudiaanse theorieën die ontstonden uit het idee dat de geest (psyche),
vooral de onbewuste geest, een reservoir van energie (dynamica) voor de
persoonlijkheid is en dat deze energie ons motiveert
 Psychoanalyse: een benadering van de psychologie die is gebaseerd op de
veronderstellingen van Freud, die de nadruk legt op onbewuste processen →
de term verwijst zowel naar Freuds psychoanalytische theorie als naar zijn
psychoanalytische behandelmethode → oorspronkelijk ontwikkeld als
medische techniek voor de behandeling van psychische stoornissen

 Psychoanalytici leggen de nadruk op de analyse van dromen, versprekingen
en een techniek die vrije associatie wordt genoemd, om aanwijzingen te

, verkrijgen voor de onbewuste conflicten en verlangens waarvan wordt gedacht
dat ze door het bewustzijn worden gecensureerd
 Kritiek vanuit Karl Popper (1963): de psychoanalyse als wetenschappelijke
methode beantwoordt niet aan het criterium van falsificeerbaarheid → doet
uitspraken en voorspellingen die niet toetsbaar zijn aan de feitelijke
werkelijkheid

Humanistische psychologie
 = een klinische benadering die de nadruk legt op de mogelijkheden, groei,
potentie en vrije wil van de mens
 Ontwierpen, onder aanvoering van Carl Rogers en Abraham Maslow, een
model dat mensen zien als organismen met een vrije wil → op grond van die
vrije wil kunnen ze keuzes maken en zo hun leven beïnvloeden
 De opvattingen die je hebt over jezelf en je fysieke en emotionele behoeften
hebben een grote invloed op je gedachten, emoties en handelingen, die op
hun beurt weer allemaal invloed hebben op de ontwikkeling van je potentieel
 Veel invloed gehad op psychotherapie en counseling

Psychologie van karaktertrekken en temperament
 = een psychologisch perspectief dat gedrag en persoonlijkheid ziet als de
producten van fundamentele psychologische kenmerken
 Verschillen tussen mensen ontstaan uit verschillen in stabiele kenmerken en
neigingen, die karaktertrekken en temperamenten worden genoemd
 Fundamentele eigenschappen zijn o.a. introversie en extraversie, gevoel van
angst of comfort, openstaan voor nieuwe ervaringen of juist niet,
inschikkelijkheid of nauwgezetheid enz.
 Temperament zou volgens sommige psychologen ook de verschillende
neigingen van mensen verklaren (o.a. pasgeboren baby’s)
 Van al deze karaktereigenschappen wordt verondersteld dat ze op zijn minst
een deel biologisch van aard zijn en naar verwachting tamelijk consistent in de
tijd en in verschillende situaties

Het ontwikkelingsperspectief
 = een psychologisch perspectief die de nadruk legt op erfelijkheid en
omgeving, en op voorspelbare veranderingen die zich voordoen tijdens de
levensloop
 Samenkomst van nature en nurture
 Ontwikkelingsprocessen gaan gedurende het hele leven door
 Idee dat bepalend is voor dit perspectief: mensen veranderen op voorspelbare
wijze naarmate de invloeden van erfelijkheid en omgeving zich in de loop van
de tijd ontplooien, ofwel mensen denken en handelen verschillend op
verschillende momenten in hun leven
- Lichamelijk is de ontwikkeling te zien in voorstelbare processen zoals
groei, puberteit en menopauze
- Psychologisch is de ontwikkeling waarneembaar in het verwerven van taal,
logisch denken en het aannemen van verschillende rollen op verschillende
momenten in het leven

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
evavanhees Vrije Universiteit Amsterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
311
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
245
Documenten
16
Laatst verkocht
1 week geleden

4,2

46 beoordelingen

5
16
4
22
3
7
2
1
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen