100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Inleiding Methodenleer Blok 1 & 2: ALLE Tentamenstof, Samenvatting boek en College Aantekeningen (9,5 gehaald)

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
52
Geüpload op
23-01-2026
Geschreven in
2025/2026

Dit is een Volledige Samenvatting van ALLE tentamenstof voor het vak Inleiding Methodenleer Blok 1 en 2. College Aantekeningen zijn erin verwerkt. Met deze Samenvatting heb ik een 9,5 gehaald.












Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
23 januari 2026
Aantal pagina's
52
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

Week 1
Hoofdstuk 1: Psychologie is een manier van denken
Psychologische wetenschap is gebaseerd op onderzoek uitgevoerd door psychologen.
Psychologen zijn empiristen, wat betekent dat ze hun conclusies baseren op systematische
observaties.
1.1 Producenten en consumenten van onderzoek
Producenten van onderzoek: zijn de producenten van een onderzoek, ze nemen
vragenlijsten af, observeren kinderen op school of analyseren gegevens.
Consumenten van onderzoek: consumeren informatie die ze later kunnen toepassen op
hun onderzoek of werk.
Psychologen vervullen beide rollen. Onderzoeksproducenten en -consumenten delen
ook een toewijding aan empirisme → psychologische vragen beantwoorden met directe,
formele observaties.
1.2 Hoe wetenschappers werken
Er zijn fundamentele manieren waarop psychologen hun onderzoek benaderen.
-​ Ze gedragen zich als empiristen.
-​ Ze testen theorieën door middel van onderzoek en herzien hun theorieën op
basis van de resulterende gegevens.
-​ Ze volgen normen in de wetenschappelijke gemeenschap die objectiviteit en
eerlijkheid vooropstellen.
-​ Ze hanteren een empirische benadering van zowel toegepast als fundamenteel
onderzoek.
-​ Psychologen maken hun werk openbaar.
1.3 Wetenschappers zijn empiristen
Empirisme (empirische methode of empirisch onderzoek): omvat het gebruik van bewijs
van de zintuigen of van instrumenten die de zintuigen helpen als basis voor conclusies.
Empiristen streven naar systematiek en nauwkeurigheid in hun werk
1.4 De empirische cyclus
De empirische cyclus is een systematische methode die in de wetenschap wordt gebruikt
om kennis te vergaren en hypotheses te toetsen. De cyclus bestaat uit vijf fasen die elkaar
logisch opvolgen.
Hieronder volgt een uitleg van elke fase.
1. Observatie: In deze fase begint de onderzoeker met het verzamelen van gegevens en
observaties over een bepaald onderwerp. Dit kan bijvoorbeeld door literatuuronderzoek, het
doen van experimenten of het observeren van natuurlijke fenomenen. De observaties leiden
tot het opmerken van bepaalde patronen/problemen die verder onderzocht moeten worden.
2. Theorie (inductie): Op basis van de verzamelde observaties probeert de onderzoeker
een hypothese te formuleren. Dit is een veronderstelling of verklaring die nog niet bewezen
is, maar een mogelijke verklaring biedt voor het onderwerp. Deze fase wordt inductie
genoemd, omdat de onderzoeker van specifieke observaties naar een meer algemene
conclusie gaat.
3. Voorspelling (deductie): In de voorspellingsfase wordt de algemene hypothese omgezet
in toetsbare voorspellingen. De onderzoeker stelt specifieke, toetsbare verwachtingen op
die logisch volgen uit de hypothese. Dit proces wordt deductie genoemd, omdat de
onderzoeker van een algemene regel naar specifieke voorspellingen gaat.
4. Toetsing: In deze fase worden de voorspellingen getoetst aan de hand van
experimenten, verdere observaties of andere empirische methoden. Het doel is om te kijken

,of de gegevens overeenkomen met de verwachtingen die uit de hypothese voortkomen.
Deze fase is cruciaal, omdat de hypothese bevestigd of weerlegd kan worden.
5. Evaluatie: In de laatste fase wordt de hypothese geëvalueerd op basis van de resultaten
van de toetsing.
-​ Als de resultaten consistent zijn met de voorspellingen, wordt de hypothese
sterker ondersteund.
-​ Als de resultaten niet consistent zijn, moet de hypothese worden aangepast of
verworpen. Soms leidt dit tot het formuleren van een nieuwe hypothese,
waardoor de cyclus opnieuw begint.
Wat als een voorspelling uitkomt?
Hoe interpreteren we resultaten in lijn met de theorie?
Als de voorspelling uitkomt, dan kun je niet zeggen dat de theorie is bewezen. Maar dan zeg
je: de theorie is niet weerlegd.
Het is vrijwel onmogelijk om een theorie te bewijzen omdat je:
-​ nooit alle alternatieve verklaringen kunt uitsluiten
-​ slechts één concrete voorspelling nagaat, en een theorie er eigenlijk oneindig veel
doet
Wat als de voorspelling niet uitkomt?
Hoe interpreteren we resultaten die niet in lijn zijn met de theorie?
Als de voorspelling niet uitkomt, dan kun je niet zeggen dat de theorie is weerlegd. Maar dan
is er een probleem.
Het is vrijwel onmogelijk om een theorie met één onderzoek te weerleggen, omdat:
-​ er altijd iets fout gegaan kan zijn
Wat kan er fout gegaan zijn?
-​ Misschien is de studie niet goed gegaan
-​ Misschien klopt de voorspelling niet
Wat je kan doen is de theorie aanpassen. Maar pas op!
Je kan niet oneindig de theorie blijven aanpassen. Op gegeven moment loop je dan het
risico dat je theorie onfalsificeerbaar wordt en dus niet meer wetenschappelijk is.
1.5 De voedingstheorie versus de contact-comforttheorie
De voedingstheorie (cupboard theory) van moeder-kindgehechtheid stelt dat een moeder
waardevol is voor een baby-zoogdier, omdat ze een bron van voedsel is.
Een alternatief voor deze theorie is de contact-comfort theorie, die stelt dat baby's zich
aan hun moeder hechten door de warmte en zachtheid die moeders uitstralen.
→ Welke theorie is juist?
In de natuur biedt een moeder tegelijkertijd troost en voedsel, dus als een baby zich aan zijn
moeder vastklampt, is het onmogelijk om te zeggen waarom.
Om de alternatieve theorieën te testen, bouwde Harlow twee ‘pleegmoeders’ voor apen.
Een van de moeders was gemaakt van een draad met een fles melk erin gebouwd → deze
aap gaf eten, maar geen troost.
De andere moeder was bedekt met een donzige doek en werd verwarmd door een
gloeilamp, maar gaf geen melk → deze aap bood wel troost, maar geen eten.
Dit experiment geeft drie mogelijke uitkomsten:
1. De contact-comfort theorie zal worden ondersteund.
2. De voedingstheorie wordt ondersteund.
3. Geen van beide theorieën zou worden ondersteund en de aap zou evenveel tijd
doorbrengen met beide moeders.

,→ Bij het opzetten van dit experiment creëerde Harlow doelbewust een situatie die zou
kunnen bewijzen dat zijn theorie fout was (= falsificeerbaarheid). Het bewijs van het
experiment was in het voordeel van de contact-comfort theorie.
1.6 Theorie, hypothese en gegevens
Een theorie is een verzameling verklaringen die algemene principes beschrijven over hoe
variabelen zich tot elkaar verhouden. Theorieën leiden tot specifieke hypothesen.
Kenmerken voor een goede theorie:
-​ Goede theorieën worden ondersteund door data uit wetenschappelijk onderzoek.
-​ Goede theorieën zijn falsificeerbaar
-​ Goede theorieën zijn simpel.
Een hypothese (voorspelling) wordt geformuleerd in termen van de onderzoeksopzet. Het
is de specifieke uitkomst die de onderzoekers in een onderzoek zouden observeren als de
theorie juist is. Eén theorie kan tot meerdere hypothesen leiden.
Gegevens zijn de verzameling waarnemingen en kunnen de theorie ondersteunen of in
twijfel trekken.
Als gegevens niet overeenkomen met de hypotheses van de theorie, geeft dit aan dat de
theorie moet worden herzien of dat het researchdesign moet worden verbeterd.
Idealiter worden hypotheses vooraf geregistreerd: nadat het onderzoek is ontworpen,
maar voordat de gegevens worden verzameld, verklaart de onderzoeker publiekelijk wat de
uitkomsten van het onderzoek zouden moeten zijn.
Data kan slechts inconsistent zijn met een theorie of een theorie gecompliceerder maken. Je
gaat kijken wat er mis is gegaan in het onderzoek om zo de theorie te kunnen houden. Maar,
stel je voorspelling kan niet aangepast worden, er geen fouten in het onderzoek zijn en bij
replicaties de voorspelling nog steeds niet uitkomt. Dan is er een anomalie, een onbegrepen
inconsistentie in theorie tegen data. Als er een nieuwe theorie komt die de anomalie wel kan
verklaren is de theorie verslagen (niet weerlegd want zoveel zekerheid is er niet).
1.7 Studies bewijzen geen theorieën
Onderzoekers zeggen nooit dat ze een bepaalde hypothese of theorie hebben bewezen.
In plaats daarvan, als een hypothese wordt bevestigd, zeggen we dat de gegevens van
het onderzoek de theorie ondersteunen of ermee overeenstemmen.
Als een hypothese niet wordt ondersteund door de gegevens, stellen onderzoekers dat
de gegevens niet consistent zijn met de theorie.
Replicatie: een onderzoek wordt opnieuw uitgevoerd om te testen of de resultaten
consistent zijn.
Wetenschappers evalueren hun theorieën op basis van het gewicht van het bewijs → de
verzameling onderzoeken, waaronder replicaties van dezelfde theorie.
1.8 Goede theorieën zijn falsifieerbaar
Een goede theorie zou moeten leiden tot een hypothese die bij toetsing de theorie niet zou
kunnen ondersteunen; dit is falsificeerbaarheid.
Daarentegen zijn sommige pseudowetenschappelijke technieken gebaseerd op theorieën
die niet falsifieerbaar zijn → er kan niet bewezen worden dat ze fout zijn.
Falsificeerbaarheid is een belangrijk begrip en komt vaak terug op het tentamen! Onthoud
dat een goede theorie altijd falsifieerbaar moet zijn. Dit betekent dat het mogelijk moet zijn
om gegevens te verzamelen die de theorie kunnen weerleggen.
Theorieën die niet falsifieerbaar zijn, kunnen niet wetenschappelijk worden getest.
MAAR LET OP: Een theorie kan falsificeerbaar zijn, ook als er nooit een observatie tégen
de theorie is gedaan. Een voorbeeld hiervan is zwaartekracht, het feit dat het nooit gebeurd
is (omhoog vallen) maakt hierbij niet uit.

, 1.9 Wetenschappers werken in een gemeenschap
Wetenschappers zijn leden van een gemeenschap en ze volgen een specifieke reeks
normen en gedeelde verwachtingen over hoe ze moeten handelen.
Merton identificeerde 4 normen:
1. Universalisme: wetenschappelijke beweringen worden beoordeeld op hun verdienste,
onafhankelijk van de referenties of reputatie van de onderzoeker.
Interpretatie: zelfs studenten kunnen wetenschap bedrijven, je hebt geen gevorderde
graad of positie nodig.
2. Gemeenschappelijkheid: wetenschappelijke kennis wordt gecreëerd door een
gemeenschap en de bevindingen behoren toe aan de gemeenschap.
Interpretatie: wetenschappers moeten de resultaten van hun werk vrij delen met
andere wetenschappers en het publiek.
3. Belangeloosheid: wetenschappers streven ernaar om de waarheid te ontdekken, wat die
ook is. Ze worden niet beïnvloed door idealisme, overtuiging, politiek of winstbejag.
Interpretatie: wetenschappers verdraaien het verhaal niet, maar accepteren wat de
gegevens hun vertellen. De eigen overtuigingen van een wetenschapper mogen hun
interpretatie van de gegevens niet beïnvloeden.
4. Georganiseerde scepsis: wetenschappers trekken alles in twijfel, inclusief hun eigen
theorieën.
Interpretatie: wetenschappers nemen bijna niets zomaar aan, ze moeten altijd vragen
het bewijs te zien.
1.10 Toegepaste en fundamentele problemen
De empirische methode kan worden gebruikt voor zowel toegepaste als fundamentele
onderzoeksvragen.
Toegepast onderzoek: wordt gedaan met een praktisch probleem in gedachten en de
onderzoekers voeren hun werk uit in een lokale, levensechte context.
Fundamenteel onderzoek: richt zich op het vergroten van de algemene kennis over een
bepaald onderwerp, in plaats van op het aanpakken van een specifiek, praktisch probleem
De kennis die basisonderzoekers genereren, kan later worden toegepast op echte
problemen. → Translationeel onderzoek: lessen uit fundamenteel onderzoek gebruiken om
toepassingen in de gezondheidszorg, psychotherapie of andere vormen van behandeling en
interventies te ontwikkelen en te testen.
De dynamische brug van fundamenteel naar toegepast onderzoek.
1.11 Wetenschappers maken hun werk openbaar
Wetenschappers publiceren hun onderzoeksresultaten in wetenschappelijke tijdschriften met
collegiale toetsing.
De artikelen in een wetenschappelijk tijdschrift worden door vakgenoten beoordeeld.
-​ De redacteur (editor) van het tijdschrift stuurt het artikel naar drie of meer experts
(peer-review) over het onderwerp, die op hun beurt de redacteur vertellen over de
deugdelijkheid en gebreken van het werk. Op basis van deze meningen beslist de
redacteur of het artikel het verdient om in het tijdschrift gepubliceerd te worden.
-​ Het proces van collegiale toetsing is zeer streng.
Tussen het onderzoek en publicatie zit meestal wel een hoop tijd, dit wordt de publication
lag genoemd.
De wetenschappelijke tijdschriften over psychologie worden voornamelijk gelezen door
andere wetenschappers en psychologiestudenten.
Journalistiek is daarentegen een verslag uit de tweede hand over het onderzoek,
geschreven door journalisten of leken. Journalisten hebben soms de neiging om de
€15,96
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
TopStudentTilburg

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Voordeelpakket Psychologie Jaar 1 Blok 1: Inleiding en geschiedenis vd psychologie & Inleiding Methodenleer. Volledige samenvatting en College Aantekeningen
-
2 2026
€ 35,92 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
TopStudentTilburg Tilburg University
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
Nieuw op Stuvia
Lid sinds
3 dagen
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
-
TopStudent

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen