Inleiding
Leerstof
Theorie : syllabus + slides
Practicum : syllabus + verslagen + slides + leerpad
Verslagen enkelzijdig afprinten en meenemen (staat op punten)
Leerpad doorlopen vóór aanvang practicum wordt gecontroleerd!
Nalezen laboreglement campus Schoonmeersen + signeren document ‘akkoord verklaring’
klassikaal tijdens eerste practicum
ALLE informatie staat in de syllabus!
Slides + examen = leerstof
Puntenindeling
Vaardigheidstest = open boek examen Tonen dat je de zaken van de practica onder de knie hebt!
1
, HT 1 : Inleiding – Microbiologie algemeen
Wat is microbiologie?
Microbiologie = Studie van micro-organismen
Micro-organismen zijn levende wezens die met het blote oog (meestal) niet zichtbaar zijn!
Micro-organismen :
Bacteriën bv. Salmonella, E Colli, Listeria, de Pest
Virussen bv. Corona, influenza virus
Parasieten protozoa en metazoa
Fungi gisten en schimmels
Algen
MAAR
Sommige soorten micro-organisme zijn WEL met het blote oog te zien :
1) PADDENSTOELEN
Zijn micro-organismen die behoren tot de Fungi!
2) SCHIMMELS
Je kunt soms ‘schimmelplekken’ zien
3) LINTWORMEN
= Parasieten : Metazoa
Een individuele bacterie kan je NOOIT met het blote oog zien, MAAR wel als er heel veel samen zijn!
2
,Indeling van organismen
1) Meercellige organismen = eukaryoten!
Dieren
Planten
Metazoa
- Helminthen
- Arthropoda
Schimmels
Algen (wieren)
2) Eencellige organismen
2 categorieën : prokaryoten en eukaryoten
Bacteriën = prokaryoot
Gisten
Protozoa
- Sporozoa Eukaryoot
- Flagellaten
- Amoeben
- Ciliaten
*Protozoa
Sommige ervan bezitten een flagel, andere bezitten pseudopodiën, andere hebben geen voortbewegingstructuren
3) Virussen
Virussen bestaan NIET uit cellen, dus zijn strikt genomen geen organismen.
Het zijn infectieuze partikels / deeltjes
DUS is eigenlijk een aparte categorie!
Ze bevatten een nucleïnezuur (RNA of DNA) die in een gastheercel binnendringen en deze dwingen tot de
aanmaak van viraal nucleïnezuur en een eiwitmantel. Virussen kunnen zich uitsluitend in een gastheercel
vermenigvuldigen.
3
, Eukaryoot VS prokaryoot
Eukaryoot
Heeft celkern met DNA (= erfelijk materiaal)
Afgelijnd door kernmembraan
Bv. planten, dieren, algen, schimmels en metazoa
Prokaryoot
GEEN celkern
Erfelijk materiaal (DNA) ligt vrij in het cytoplasma
Bv. bacteriën en archaea
TIP EXAMEN
NOOIT groottes kennen MAAR bv. wel kunnen rangschikken op grote!
= Dus ken de relatieve grote van de verschillende micro-organismen
Virussen < Bacteriën < Fungi < Algen < Parasieten
4