Uitleg leerdoelen ‘Tijd voor Geschiedenis’ van hoofdstuk 7
Paragraaf 1: Actuele Oriëntatie
1. Je kunt drie verschillende industriële revoluties onderscheiden.
De tekst onderscheidt drie industriële revoluties:
• Eerste industriële revolutie: Deze begon in Engeland en legde de nadruk op ijzer,
stoomtechnologie en textielproductie. Dit was een tijdperk waarin machines en
stoomkracht productieprocessen sterk veranderden.
• Tweede industriële revolutie: Rond 1860 startte deze fase, die zich richtte op
staalproductie, spoorwegen en de aanleg van elektriciteitsnetwerken. Deze revolutie
duurde tot de Eerste Wereldoorlog en bracht grootschalige technologische vooruitgang.
• Derde industriële revolutie: Volgens Jeremy Rifkin leven we nu in deze fase. Het internet
speelt hierin een cruciale rol. Fossiele brandstoffen raken op, en er is een verschuiving
naar groene energie, geproduceerd door individuen en kleinere bedrijven.
Decentralisatie en digitalisering staan centraal.
2. Je kunt de derde industriële revolutie uitleggen aan de hand van de denkbeelden van
Jeremy Rifkin.
Volgens Rifkin wordt de derde industriële revolutie gekenmerkt door:
• Het internet als de centrale innovatie. Het heeft productie en communicatie
gedigitaliseerd en veranderd.
• Groene energie: Mensen en bedrijven produceren energie lokaal, bijvoorbeeld via
zonnepanelen en windmolens.
• Decentralisatie: In tegenstelling tot de vorige revoluties, waar grote bedrijven dominant
waren, spelen kleinere bedrijven en organisaties nu een grotere rol.
• Een minder centraal georganiseerde maatschappij, waarin informatie, energie en
andere middelen gedeeld worden via netwerken.
Rifkin voorspelt dat de traditionele maatschappijstructuren zullen veranderen, maar de uitkomst
hiervan blijft onzeker.
Hoofdstuk 7: Stoom en Fabrieken
, Tijd voor Geschiedenis Leerjaar 2 HAVO/VWO
3. Je kunt verschillende gebeurtenissen uit een tijdbalk koppelen aan de kenmerkende
aspecten van dit hoofdstuk.
Op basis van de tekst kun je gebeurtenissen op een tijdbalk koppelen aan kenmerkende
aspecten:
• Eerste industriële revolutie: Begin in Engeland (18e eeuw), introductie van
stoomtechnologie en textielmachines.
• Tweede industriële revolutie: Rond 1860, ontwikkeling van staalproductie, aanleg van
spoorwegen en elektrische netwerken. Dit leidde tot een grote economische groei en
technologische vooruitgang.
• Derde industriële revolutie: Startpunt rond de late 20e eeuw, met de opkomst van het
internet, digitale technologie en de overgang naar groene energie.
Hoofdstuk 7: Stoom en Fabrieken