CRIMINOLOGIE
&
VICTIMOLOGIE
SAMENVATTING
,Denken als een criminoloog? – Criminologisch en
wetenschappelijk
Denken over criminaliteit/bestraffing ≠ criminologie
Historiciteit van “fenomeen” criminaliteit en bestraffing
Afstand door wetenschap
Een historisch perspectief
o Criminaliteit en bestraffing doorheen de tijd B deel van geschiedenis
van de menselijke samenleving
o Politieke ontwikkeling (politieke macht!) laatste 1000 jaar
o Maatschappelijke (sociaal/economisch) ontwikkelingen
o Culturele ontwikkelingen
o …
Criminologisch wetenschappelijk denken is NIET van alle tijden, het denken
over criminaliteit en bestraffing wel…
o Verschillende soorten kennisproductie
Wetenschap én wetenschappelijk denken kent ook ontstaansgeschiedenis
o art wetenschap
o Geen inname van hiërarchische posities
“Popular” “academic” criminologisch denken
N.Rafter & M. Brown, Criminology goes to the movies
Defending the disciplinary identity of criminology against incursions from
“elsewhere”’, (…) is now as unfeasible as it is undesirable ... Given the
centrality, the emotiveness and the political salience of crime issues today,
academic criminology can no longer aspire to monopolize ‘criminological’
discourse or hope to claim exclusive rights over the representation and
disposition of crime.
o Garland and Sparks (2000: 2–3)
Popular (= fascinatie door samenleving die niet wetenschappelijk
onderbouwd is.
Kruispuntdiscipline
Vele gezichten
1
,En is criminologie dan een wetenschap en welke?
Wat is wetenschap?
Wetenschap is zoekend “waarnemen”
Zoekend = selectieprincipe!
o Aandacht focussen
o Tunnelperspectief (= focus op “iets” (afhankelijk van de vraag); dit
werd vooraf bepaald en vastgelegd.)
o Zoeklicht theorie (Popper) wat zit er in de schaduw
o Isoleren – afbakenen
Wetenschap heeft dus altijd een selectieve focus
o Dat is een sterkte
o Tegelijkertijd ook een zwakte
Terug opentrekken
Cf. popular criminology
De “vraag” bepaalt waar onderzoeker naar kijkt
Dus: waarnemen is geen evidentie
o Details
Wetenschap is een praktijk van handelen => op basis daarvan kennisproductie
Inzichten en resultaten
Klassieke visie op wetenschap
1. Drie premissen model “natuurwetenschappen” – positivisme =>
logica
o 1. Orde en rationaliteit veronderstellen wetmatigheden
o 2. Mens is enig kennend wezen
Achterhaald maar handig
o 3. De scheiding tussen subject en object (waarnemer en
waargenomene)
2. Wetenschapper actief op zoek waarnemingen doen (feiten)
o Wetenschapper ondervraagt de natuur zoals een rechter een
getuige ondervraagt
o Systematiek en gerichtheid (vraagstelling en methode)
Niet selectief
3. Wetenschapper plaatst zichzelf buiten gebeuren (subject/object
onderscheiding)
o Ondanks eventuele pijn en schade
4. Controle en Toetsing (fragiel; resultaten die toetsing hebben doorstaan)
o Procedure en tests
o Intersubjectiviteit
o Falsificatieprincipe (= de houding die men aanneemt ten opzichte
van anderen en eerdere onderzoeken; Popper.)
Positivisme 19de eeuw - het denken mag zich niet onderwerpen… behalve aan de
feiten…
2
, Uitdrukking van klassieke wetenschapsvisie
Illustratie sociale fysica
Antwoord op vraag: Wat is wetenschap?
Wetenschap (kennisproductie) = praktijk van handelen (ontdekken van feiten)
gekenmerkt door:
1. Alle waarnemingen onvoorwaardelijk meenemen
2. Logica = ordening
3. Classificatie = “labelling” kwalificatie (zoals in gerechtelijke context!)
gedragingen worden misdrijven
o Betekenis geven
Door ons gemaakt
Kwalificeren
4. Ordening van classificaties begrippen (patronen in classificaties)
5. Van het particuliere naar het algemene én terug…
o Veralgemening vereenvoudiging
o De criminologische verbeelding!
C. Wright Mills
o Niet individueel van bij start
Afstand maar terugkomst door particulieren
6. Beweringen controleerbaar voor/door anderen (= toetsbaar!)
Wetenschappelijke kennis (in deze visie)
= abstracte kennis die op een systematische, objectieve en logische wijze
verkregen en getoetst werd of toetsbaar is, en die een zo precies mogelijk
omschreven deel van de werkelijkheid verklaart of tracht te verklaren …
Kenmerken van wetenschappelijk handelen
1. Voortbouwen op bestaande kennis
2. Vragende problematiserende houding ten aanzien van het
onderzoeksobject = systematisch stellen van (juiste) vragen
o Verklaren begrijpen (bedoeling van de vraag?)
3. Systematisch stellen van handelingen als oplossingsprocedure voor de
gestelde vragen (hoe-methode)
4. Twijfel, consensus, controverse: falsificatie stand van de kennis?
De criminologische verbeelding (AUDIO)
“the need to see the individual in the context of the social structure and
place this in historical period; he demands an analysis which moves from
the macro to the micro and back again”
o (Jock Young, 2011)
De sociologische verbeelding!
o C. Wright Mills, 1959
o Kritiek op doorgedreven en dominant positivisme
o Probleem van afstand tot werkelijkheid
o (feminisme) “The personal is the political”
3