Basisbegrippen:
○ Uitwijking u in m = afstand trillend voorwerp tot evenwichtsstand.
○ Amplitude A in m = maximale waarde van uitwijking.
○ Trillingstijd T/periode in s = tijdsduur van 1 trilling
○ Frequentie f in Hz = aantal trillingen per seconde
➢ f = 1 / T (T=1/f)
Fase geeft de hoeveelheid trillingen op een bepaald moment aan. Tellen als het door de
evenwichtsstand gaat. Bij gereduceerde fase haal je de hele getallen eraf.
➢ φ = t / T
➢ Bij faseverschil = 0 versterken de trillingen elkaar, bij tegenfase dooft het geluid
elkaar uit (noise canceling)
Een harmonische trilling is een zuivere trilling, grafieken hebben sinusvorm:
➢ Uitwijking: u (t) = A • sin (2π • f • t) RADIALEN INSTELLEN
Vmax in de evenwichtsstand:
➢ Bepalen: raaklijn → helling berekenen Δy / Δx
➢ Berekenen: Vmax = (2π • A) / T
Er is altijd een resultante terugdrijvende kracht naar de evenwichtsstand
➢ Fres = -C • u
○ C krachtconstante N/m
Eigentrilling = trilling die een voorwerp uit zichzelf doet, heeft eigenfrequentie.
Resonantie = als de gedwongen trilling (bijv. speaker) gelijk is aan een bepaalde
eigenfrequentie wil het voorwerp mee trillen.
Trillingstijd van een massa-veersysteem:
𝑚
➢ T = 2π ⋅ 𝐶