SAMENVATTING
Nathalie Desmet
VASTGOED 1A
,Inhoudsopgave
1
, 1. Hout
DEFINITIE
Hout is een compacte en harde stof die wordt gevormd door de vaten waarlangs het plantensap
stroomt, met wanden die veel cellulose (50%) en lignien (20%) bevatten. Deze stoffen bestaan uit
organische hoofdbestanddelen zoals koolstof, zuurstof, waterstof enzovoort.
Bomen hebben water, CO2 en zon nodig om te kunnen groeien. Natuurlijk materiaal
Anatomische structuur
Het hout heeft 3 belangrijke functies (door middel van cellen in hout)
- Sterkte geven aan stam
- Sap transporteren
- Voedsel en andere bestanddelen opslaan
Macroscopische structuur
Als je een stam dwars doorsnijdt zie je dat ze bestaat uit groeiringen, die gemakkelijk te
onderscheiden zijn van elkaar door het vroeghout (winter) en het laathout (zomer).
2
, 1. Merg (centrum van stam): transport en opslag van voeding tijdens de eerste jaren van de boom
jong weefsel
2. Kernhout (rondom merg): een mechanisch en biologisch weerstand biedend geraamte.
3. Spinthout (rondom kernhout): vervoer van ruw sap (onttrokken door wortels) tot in bladeren.
! Kernhout heeft meestal een grote natuurlijke weerstand (afhankelijk van soort) + is donkerder +
droogt minder traag door chemische bestanddelen.
< -- >
Spinthout is altijd aantastbaar (onafhankelijk van soort) + is bleker dan kernhout + droogt sneller
dan kernhout
4. Cambium : (teellaag) vorming van nieuwe houtcellen diktegroei boom
5. Bast (levende laag): verspreiding van sappen over de stam + vervoer naar cellen voor voeding
6. Korst/Schors (dode laag want afgestorven deel van bast): bescherming levende deel van boom
(stam en takken)
! De bast + de korst = de schil
Vlakken en richtingen
1. Axiale richting: (= draadrichting) door of evenwijdig aan lengteas.
Kopsvlak = loodrecht op de as
2. Radiale richting: (= dwarsrichting) van omtrek van de stam loodrecht naar het hart
Radiaal vlak = vlak door hart van stam
3. Tangentiale richting: (= raaklijkrichting) loodrecht op as maar NIET door hart
Tangentiaal vlak = evenwijdig aan as van stam
Hout heeft anisotropische eigenschappen de materiaaleigenschapen zijn niet dezelfde is alle
richtingen. (bv: hout kan tot 15x sneller drogen in axiale richting dan in radiale richting).
De verhouding tussen de axiale, radiale en tagentiële krimp bedraagt: 1:10:20
3