ETHIEK
LES 1 – INLEIDING
ALGEMENE INLEIDING: PLAATS VAN DE SOCIALE EN ETHISCHE FILOSOFIE IN DE
WIJSBEGEERTE
• Plaats van de sociale en ethische filosofie in de wijsbegeerte
- Vermeersch: filosofie als wachtkamer voor de wetenschap, een vorm van denken die vragen
behandelt die nog niet door de wetenschap beantwoord kunnen beantwoord worden
- Sterke (neo-)positivistische inslag: sterke klemtoon op wetenschap
- Getuigt van het verlichtingsideaal van bemeestering: geloof in de kracht van de wetenschap
en de technologie
- Wijsbegeerte: de vorm van kennisverwerving die ontstaat wanneer men geen vrede meer
neemt met de mythische, magische of dogmatische aanpak
- Ethiek: gaat altijd over het doen in een activiteit
- Mogelijke indeling die past bij de ideeën van de verlichting
5 vragen van Kant: trachtte het denken van de mensen in kaart te brengen
Hoe zit de wereld in elkaar?
Wat kunnen we kennen?
Wat moeten we doen?
Wat mogen we hopen?
Wat is de mens?
FACTISCHE PROBLEMEN: OORSPRONG VAN ALLES WAT BESTAAT
• Algemene metafysica/ontologie
- Bekende metafysici/ontologen: Thales, Anaximander, Anaximenes, Heidegger, …
- Centrale vragen:
Wat bestaat?
Waar komt de wereld vandaan?
Wat is bestaan? Wat is zijn? Wat is werkelijkheid?
Waarom is er iets en niet veeleer niets?
• Bijzondere metafysica: onderzoek naar de belangrijkste zijnden
3 DOMEINEN → indeling in de 18de eeuw (rationaliteit, ziel en God)
1. Rationele kosmologie
- Kosmos: wereld
- Logos: leer
- Bestudeert de basisstructuur van de wereld: hoe zit de wereld in elkaar, is de wereld
geordend of is er chaos
2. Rationele psychologie/antropologie
- Stelt de vraag naar de essentie van de mens
- De ziel als essentie van de mens/de onsterfelijkheid van de ziel
- Essentie van de mens wordt gezien als de ziel van de mens
1
, 3. Rationele theologie/theodicee
- De wijsgerige vraag naar God: bestaat God, hoe moeten we ons God voorstellen, welke
godsbewijzen kunnen we formuleren
- Theodicee: als God almachtig, algoed en alwetend is, waarom is er dan zoveel lijden en
onrechtvaardigheid in de wereld
- God heeft ook het kwade niet geschapen, enkel het goede: het kwade is de afwezigheid van
het goede
KENNISTHEORETISCHE PROBLEMEN: VERSCHILLENDE DEELGEBIEDEN
• Kennisleer/epistemologie
- Sinds de moderniteit kunnen we stellen dat de metafysica vervangen werd door de
epistemologie, dit na het ontstaan van de wetenschap
- We stellen niet alleen de kennis in vraag, maar ook diegene die kent
- Eén kenmerk van de historische figuren: stelt alles in vraag – de methodische twijfel van
Descartes als beginpunt
• Logica
- Houdt zich bezig met de vraag naar het geldige redeneren
- Tracht de wetten van het denken te achterhalen
- Men vertrekt vanuit een aantal gegevens en leiden dan via het gebruik van een regel
conclusies af (vb.: modus ponens, modus tollens)
• Wetenschapsfilosofie
- Bestudeert de wetenschap zelf: hoe komt men tot een wetenschappelijke ontdekking
- Versplintering: men zal één bepaalde wetenschap bestuderen (vb.: fysica)
ETHISCH-POLITIEKE PROBLEMEN
• Inleiding
- De sociale filosofie stelt de vraag naar hoe wij mensen kunnen samenleven en hoe de
maatschappij kan georganiseerd worden
- Ideeën over de economie spelen een belangrijke rol in het nadenken over de organisatie van
de samenleving
- Een specifiek mensbeeld naar voren schuiven en een visie op ethiek expliciteren
• Ethiek
- Bestudeert de normen en waarden van het menselijke handelen
- Stelt de vraag naar wat goed en kwaad is, wat een plicht is, …
- Waarden: motieven/idealen om na te streven, iets waar belang aan gehecht wordt (vb.:
respect, eerlijkheid, vriendelijkheid, …)
- Normen; toestand die voor een categorie van personen gewoon is, sterk verbonden met
achtergrond en context, concrete richtlijnen (vb.: niet stelen, niet liegen, …)
- Niet alle waarden en normen zijn moreel
• Politiek
- De politieke (of sociale filosofie) stelt de vraag hoe wij mensen kunnen samenleven en hoe de
maatschappij kan worden georganiseerd
2
, • Esthetica
- Stelt de vraag naar wat schoon en lelijk is
- Wat is kunst?
• Vanuit het perspectief van de mens
3 VERHOUDINGEN:
1. Mens
- De zelfrelatie van de mens
- Bij uitstek het studiegebied van de ethiek
- Hoe de mens zich ten aanzien van zichzelf kan gedragen
- Ethiek gaat over de vraag naar het eigen handelen
2. Mens → natuur
- Wederkerige afhankelijkheidsrelatie
- Studiegebied van de politieke of sociale filosofie
- Mensen zijn op elkaar aangewezen om te kunnen (over)leven
- Hoe kan men het beste samenleven
3. Mens → natuur
- Een éénzijdige afhankelijkheidsrelatie
- Mens is afhankelijk van de natuur, omgekeerd niet het geval: wij hebben de natuur nodig om
te kunnen leven
- Kunnen we omschrijven als het studiegebied van de economie: wijze waarop mensen in hun
behoeftes kunnen voorzien
INLEIDING: DE GRIEKSE POLIS
• Polis en agora
- Griekse democratie: alleen voor mannen boven de 18 jaar (beslissingen nemen in
volksvergaderingen)
- Bestond tussen 508-322 v.Chr.
- Scheiding tussen oikos en agora: oikos (huis, uitgebreide familie, man als hoofd van de oikos)
en agora (forum/marktplein/publieke ruimte waar handel en politieke discussies
plaatsvinden, alleen voor mannen)
- Polis als centraal begrip: stadsorganisatie en openbaar leven
- Basis van het westerse denken over de samenleving en ethiek
- Despotisme: man als despoot/hoofd van de oikos, problemen ontstaan als de scheiding
tussen oikos en polis vervaagt
- Gescheiden rollen tussen mannen en vrouwen
Agora/publieke ruimte voor mannen
Oikos/privéruimte voor vrouwen, kinderen en slaven
Mannen hadden verantwoordelijkheid in de oikos en agora, bij vrouwen beperkt tot de
oikos
• Plato
- Politeia of De Staat (belangrijk werk van Plato): beschrijft een ideale staat waarin
gerechtigheid centraal staat
- Bekritiseerd de democratie in Athene, omdat deze corrupt was en Socrates ter door
veroordeelde
- Schetst een utopie: een ideale wereld die onbereikbaar lijkt, men kan hier naar streven
3
, - Revolutionaire visie: bestaande staatsvorm vernietigen en vervangen door iets nieuws
gebaseerd op ideale principes
- Allegorie van de grot: metafoor voor de bevrijding van onwetendheid en het bereiken van
ware kennis, vergelijkbaar met de bevrijding van mensen in staat
- Ideeën van radicale verandering en bevrijding vertonen parallellen met het werk van Marx
- Doel: verwezenlijking van de ideale toestand
- Zijn ideeën zijn idealen die nog niet gerealiseerd zijn, het goede en het ware naar waar we
moeten streven
- Politieke problemen worden gereduceerd tot technische kwesties
- Stelt voor natuurlijke families af te schaffen en de staat als een grootfamilie te organiseren:
taken zoals opvoeden moeten worden uitgevoerd door specialisten van de staat
- Geen ruimte voor tegenstem
- Samenleving georganiseerd volgens economische principes: Platoonse staat is een
planeconomie waarin politiek en economie verweven zijn
• Aristoteles: vrijheid
- Beschouwt mensen als politieke dieren: politiek is een zaak van alle burgers en moet niet
overgelaten worden aan experts, dit kan leiden tot onderdrukking
- Vrijheid staat centraal: alle mannelijke burgers (geen vrouwen, kinderen en slaven) mogen
meebeslissen over maatschappelijke kwesties
- Benadrukt dat politiek geen vaste principes moet volgen, men moet verstandig handelen en
ethiek is vereist
- Natuurlijke familie blijft de basis van de samenleving: familie zorgt voor overleving en politiek
richt zich op het goede leven
- Wil een scheiding tussen het economische en het politieke
- Zijn ideeën vormen de basis van de moderne Westerse democratieën
• Conclusie: sociale rechtsstaat
- Politieke samenleving draait om 2 fundamentele kwesties: rechtvaardigheid en vrijheid
- Moderne sociale rechtsstaat: het sociale aspect en de rechtsstaat
- Westerse democratieën geven de voorkeur aan vrijheid, in het Oosten ligt de nadruk meer op
sociale gerechtigheid
- Spanning tussen gelijkheid en vrijheid is een centrale kwestie in de politiek
LES 2 – DE VERLICHTING
INLEIDING
• Inleiding
- Europa: opgedeeld in naties (nationalisme als ideologie – een volk als afgezonderde identiteit
heeft recht op een aparte natie)
- Verlichting is een Europees fenomeen, maar is anders ingevuld in de regio’s en tijdstippen
- Verwant met vragen naar identiteit
• Een aantal kritieken/inleidende opmerkingen
- Vaststelling: veel grote problemen en debatten in onze tijd worden teruggevoerd naar de
verlichting → verlichting fungeert als referentiepunt voor hedendaagse debatten, zowel als
inspiratiebron als kritiekpunt
- Ecologie: de verlichting wordt gezien als het begin van de exploitatie van de natuur en het
vooruitgangsdenken dat nu de planeet vernietigt
4