ALGEMENE MENSELIJKE FYSIOLOGIE
MANNELIJK VOORTPLANTINGSSTELSEL
1. Doel
doel = voortplanting
- zaadcellen produceren
o productie is super hoog
afhankelijk van omgevingstemperatuur < 37°C
o kwaliteit kan dalen
kernrampen
klimaatverandering
processed foods (obesitas)
o zaadvocht
bescherming spermatozoa
zuren (urine) neutraliseren
- ervoor zorgen dat zaadcellen bij de eicellen geraken
basismechanisme
zaadcellen geproduceerd in de testes (=teelballen)
in testis: verschillende zaadbuisjes die cellen bevat die aanleiding geven voor
aanmaak spermatozoa
spermatozoa moeten afgevoerd worden via afvoerkanaal
zaadcellen moeten voorbereid worden
- nood aan energie
- voldoende hormonen
- eens vrouw bereikt: nog energie nodig voor tot eicel te geraken
- optimale bewegingsactiviteit: extra materiaal nodig = zaadblaasjes
2. Testes
buiten het lichaam
bestaan uit verschillende zaadcompartimenten met daarin zaadbuisjes
zaadbuisjes
- zeer gekronkeld (opp. vergroting)
- eindigen in vasa recta testis
o = verbinding naar bijbal (=epididymis)
o bijbal: reserve voor spermatozoa
o daarna ductus deferens (=zaadleider)
- bevatten verschillende soorten cellen
o cellen van Sertoli
o cellen van Leydig
bindweefselsepta met elastisch bindweefsel zorgen voor onderscheiding
zaadbuisjes
2.1 cellen van Sertoli
ondersteunende functie in spermatogenese
voorzien voldoende voeding en bescherming voor mitose/meiose
1) stamcel => mitose
2) meiose diploïd => haploïd
3) spermatide
4) spermatozoa
1 stamcel = 4 spermatozoa