Lens & cataract
De anatomie van de lens
De lens heeft een biconvexe vorm. Hierbij is anterior iets
platter dan posterior.
De lens bestaat uit verschillende lagen:
- Epitheel (zit alleen aan de voorkant)
- Cortex
- Nucleus
- Lenskapsel
Denk hierbij aan een m&m (zonder lenskapsel).
Het lenskapsel
De lens zit in een doorzichtig, elastisch zakje: het lenskapsel.
Het is een elastisch basaalmembraan dat de hele lens omsluit. Het bestaat uit ongeveer 40
laagjes met reticulinevezels (dus zeer rekbaar).
De lens heeft de neiging om bol te gaan staan. Via het lenskapsel wordt de lens plat
getrokken door middel van de zonulavezels.
De lens, het kubisch epitheel en het basaalmembraan zorgen voor een barrière tegen cellen
van het immuunsysteem.
, Lensvezels
Lensvezels zijn gedifferentieerde epitheelcellen. Deze lensvezels zijn cilindrische cellen.
In deze cellen wordt crystalline aangemaakt.
Hoe dichter de lensvezels bij de kern zijn, hoe minder organellen ze zullen bevatten.
De lensvezels zijn stevig met elkaar verbonden door zwaluwstaartverbindingen.
Lensvezels groeien vanaf beide kanten, waardoor ze in het midden van de lens aangehecht
worden aan een Y-vormig aanhechtingspunt.
Zonulavezels
Zonulavezels zitten vast aan de ciliare processus, die
geïnnerveerd wordt door de m.ciliaris.
Deze vezels zitten vast aan de verdikte delen van het
lenskapsel.
Zonulavezels zijn gemaakt van het eiwit fibrilline-1.
De bouw van de zonulavezels zijn te verdelen in 3 regio’s:
- Anterior
- Equar
- Posterior
Bij het syndroom van Marfan zullen de vezels slapper zijn.
De vezels zijn zwakker door een genetisch defect bij
aanmaak fibrilline eiwit.
Dit kan zorgen voor het loslaten van de lens.