MODULE 1: HANDELSVERRICHTINGEN
Voorbeeld examenvraag: dia 6 (les 3)
HOOFDSTUK 1: WAAROM HANDEL?
1. WELVAARTSVOORDELEN
Elke maatschappij kent de tegenstelling tussen:
Oneindigheid van de behoeften
- Divers en heterogeen Keuzes maken:
- Bv. Voedsel, huisvesting, kleding, medicijnen, … Oneindig veel stuks van alle G&D gaat niet
Eindigheid (beperktheid) van de beschikbare middelen MEER van A, betekent MINDER van B
- Bv. Arbeidskrachten, #grondstoffen, #kapitaalgoederen, …
Doel van de maatschappij
- Maximale bevrediging
- Zo ruim mogelijk palet aan G&D
Meer productiemiddelen gebruiken
→ Meer immigratie beschikbare arbeidskracht (+) (KT)
→ Hoger geboortecijfer beschikbare arbeidskracht (+) (LT)
→ Technologische vooruitgang efficiëntie (+)
→ Wijziging/verbetering arbeidsorganisatie (door gemeenschap)
Arbeidsorganisatie
Hoe is het werk in een organisatie georganiseerd
Autarkie
- Iedereen in gemeenschap probeert maximaal in eigen behoeften te voorzien
→ Voordeel: onafhankelijkheid (handig bij oorlog of crisis)
→ Nadeel: talenten worden niet maximaal benut
Beter om arbeid te verdelen en te specialiseren
Arbeidsverdeling en specialisatie
- Ondernemingen: bepaalde talenten samenbundelen
- Landen: geografisch, klimatologisch, technologisch, … voordeel
→ Nadeel land: land maakt vooruitgang, maar kleinere groepen in het land niet
Bv. Belg die graanteelt verliest zijn job, en moet zich omscholen
Productiemogelijkheden per dag
brood stoelen
Koen 4 2
Karen 8 1
Door arbeidsverdeling en
Totaal (autarkie) 12 3 specialisatie
hebben de producenten een
Totaal (specialisatie) 16 4 OVERSCHOT aan hun product A, maar
Koen stoelen Specialisatie een TEKORT aan product B
Karen brood loont
- Zie volgende pagina, uitgewerkt voorbeeld
,
,2. WERELDHANDELSORGANISATIE (WHO)
Achtergrond
General Agreement on Tariffs and Trade (GATT)
- 1947 – Genève (ondertekend)
- 23 landen: vrije handel tussen deelnemende landen
World Trade Organization (WTO)
- 1995 – Genève (hoofdkantoor)
- 164 landen
World Trade Organization (WTO)
- Intergouvernementele organisatie
- Ruimere bevoegdheden (<> GATT)
- DOEL: Bevordering internationale handel
- HOE: 1) Naleving afspraken internationale handel tussen landen
2) Elimineren handelsbarrières
3) Stoppen handelsconflicten
HOOFDSTUK 3: HANDELSDOCUMENTEN
1. COGNOSSEMENT OF CONNOSSEMENT
Wat is het?
- Document gebruikt bij vervoer van goederen over zee
- Opgesteld en verstrekt door scheepvaartmaatschappij (of kapitein)
De 3 belangrijke functies
1) Ontvangstbewijs
- Verklaring dat vermelde goederen ontvangen zijn aan boord van het schip
- Omschrijving van goederen; aard en aantal (= werkelijkheid)
2) Vervoersovereenkomst
- De scheepvaartmaatschappij gaat akkoord de vermelde goederen te vervoeren
- Van verschepingshaven naar bestemmingshaven
- Verplicht goederen afleveren aan houder connossement in bestemmingshaven
3) Waardepapier
- Een connossement is geen eigendomstitel
- De drager van het connossement is niet per sé de eigenaar van de goederen
→ Vaak wordt het connossement door de koper aan een transportmaatschappij gegeven
→ Zij brengen dit naar (bv.) de fabriek van de koper
HOOFDSTUK 4: BETALINGSTECHNIEKEN
Doelstellingen in transactie
Verkoper
, - Voorafbetaling
- Vóór het leveren van de goederen (nadeel koper)
Koper
- Achteraf betalen
- Ná het leveren van de goederen (nadeel verkoper)
Documentair incasso & documentair krediet
Virtuele levering
- De documentatie wordt uitgewisseld (beschikkingsmacht; verkoper koper)
- De goederen blijven (voorlopig) tijdens deze transactie bij de verkoper
- Via de bank
- Verkleinen van risico
1. DOCUMENTAIR INCASSO
Achtergrond
- Internationale transactie over zee
→ Verkoper: exporteur (+ bank exporteur)
→ Koper: importeur (+ bank importeur)
→ Transport: kapitein/scheepvaartmaatschappij 1. Contract
Werking documentair incasso - Handelscontract tussen importeur
en exporteur. Afspraak dat betaling
1. via documentair incasso zal
Contract verlopen.
2. 10. Doc
11. Goederen 2. Goederen
Goederen - De exporteur levert de goederen
3. Connos
aan de kapitein van het schip.
9. Geld
4. Doc 6.Doc 7. Geld 3. Connossement
- De kapitein levert in ruil voor de
goederen het connossement af aan
de exporteur.
4. Documentatie
- De exporteur verzamelt alle
documentatie, die relevant zijn voor
de importeur (bv. Connossement,
5. Doc factuur, vergunningen, …) om de
goederen in ontvangst te nemen.
8. Geld - Deze zendt hij naar zijn bank met
opdracht tot incassering
5. Documentatie
- De bank van de exporteur stuurt de
documenten naar de bank van de
Voordelen importeur.
Verkoper (exporteur)
- Hij levert de goederen pas, nadat de koper betaald heeft 6. Documentatie
- De importeur bekijkt (samen met
Koper (importeur) zijn bank) of de documenten
- Hij betaalt de goederen pas, na controle van documentatie conform zijn met de afspraken in
- Op juistheid en volledigheid ( zekerheid) het handelscontract.
7. Geld
Gevaren - Klopt de documentatie, betaald de
koper zijn schuld aan ZIJN bank
Verkoper (exporteur)
(bank importeur).
- De goederen zijn onderweg of al gearriveerd met het schip
- MAAR koper betaald niet omdat: 8. Geld
1) Hij betwist de documentatie - De bank importeur transfereert het
geld naar de bank exporteur.
2) Hij de goederen niet meer kan betalen (o.a. faillissement)
9. Geld
- Goederen moeten terug naar exporteur - De bank exporteur maakt het geld
over aan de exporteur (verkoper).
→ Kost tijd en geld
10. Documentatie
- De importeur gebruikt de
ontvangen documenten (vooral het
Oplossing:
connossement) om de goederen af
2.Documentair
DOCUMENTAIR KREDIET
krediet; meer garantie voor te halen bij de kapitein
verkoper
Achtergrond 11. Goederen
- Onherroepelijke verbintenis tot betaling tussen de bank van de- koper en de verkoper
De kapitein controleert de goederen
- Meer zekerheid en levert vervolgens de goederen
→ De bank van de koper verbindt zich te betalen (mits goeie documentatie)
→ Verkoper niet afhankelijk van de goodwill van de koper
Voorbeeld examenvraag: dia 6 (les 3)
HOOFDSTUK 1: WAAROM HANDEL?
1. WELVAARTSVOORDELEN
Elke maatschappij kent de tegenstelling tussen:
Oneindigheid van de behoeften
- Divers en heterogeen Keuzes maken:
- Bv. Voedsel, huisvesting, kleding, medicijnen, … Oneindig veel stuks van alle G&D gaat niet
Eindigheid (beperktheid) van de beschikbare middelen MEER van A, betekent MINDER van B
- Bv. Arbeidskrachten, #grondstoffen, #kapitaalgoederen, …
Doel van de maatschappij
- Maximale bevrediging
- Zo ruim mogelijk palet aan G&D
Meer productiemiddelen gebruiken
→ Meer immigratie beschikbare arbeidskracht (+) (KT)
→ Hoger geboortecijfer beschikbare arbeidskracht (+) (LT)
→ Technologische vooruitgang efficiëntie (+)
→ Wijziging/verbetering arbeidsorganisatie (door gemeenschap)
Arbeidsorganisatie
Hoe is het werk in een organisatie georganiseerd
Autarkie
- Iedereen in gemeenschap probeert maximaal in eigen behoeften te voorzien
→ Voordeel: onafhankelijkheid (handig bij oorlog of crisis)
→ Nadeel: talenten worden niet maximaal benut
Beter om arbeid te verdelen en te specialiseren
Arbeidsverdeling en specialisatie
- Ondernemingen: bepaalde talenten samenbundelen
- Landen: geografisch, klimatologisch, technologisch, … voordeel
→ Nadeel land: land maakt vooruitgang, maar kleinere groepen in het land niet
Bv. Belg die graanteelt verliest zijn job, en moet zich omscholen
Productiemogelijkheden per dag
brood stoelen
Koen 4 2
Karen 8 1
Door arbeidsverdeling en
Totaal (autarkie) 12 3 specialisatie
hebben de producenten een
Totaal (specialisatie) 16 4 OVERSCHOT aan hun product A, maar
Koen stoelen Specialisatie een TEKORT aan product B
Karen brood loont
- Zie volgende pagina, uitgewerkt voorbeeld
,
,2. WERELDHANDELSORGANISATIE (WHO)
Achtergrond
General Agreement on Tariffs and Trade (GATT)
- 1947 – Genève (ondertekend)
- 23 landen: vrije handel tussen deelnemende landen
World Trade Organization (WTO)
- 1995 – Genève (hoofdkantoor)
- 164 landen
World Trade Organization (WTO)
- Intergouvernementele organisatie
- Ruimere bevoegdheden (<> GATT)
- DOEL: Bevordering internationale handel
- HOE: 1) Naleving afspraken internationale handel tussen landen
2) Elimineren handelsbarrières
3) Stoppen handelsconflicten
HOOFDSTUK 3: HANDELSDOCUMENTEN
1. COGNOSSEMENT OF CONNOSSEMENT
Wat is het?
- Document gebruikt bij vervoer van goederen over zee
- Opgesteld en verstrekt door scheepvaartmaatschappij (of kapitein)
De 3 belangrijke functies
1) Ontvangstbewijs
- Verklaring dat vermelde goederen ontvangen zijn aan boord van het schip
- Omschrijving van goederen; aard en aantal (= werkelijkheid)
2) Vervoersovereenkomst
- De scheepvaartmaatschappij gaat akkoord de vermelde goederen te vervoeren
- Van verschepingshaven naar bestemmingshaven
- Verplicht goederen afleveren aan houder connossement in bestemmingshaven
3) Waardepapier
- Een connossement is geen eigendomstitel
- De drager van het connossement is niet per sé de eigenaar van de goederen
→ Vaak wordt het connossement door de koper aan een transportmaatschappij gegeven
→ Zij brengen dit naar (bv.) de fabriek van de koper
HOOFDSTUK 4: BETALINGSTECHNIEKEN
Doelstellingen in transactie
Verkoper
, - Voorafbetaling
- Vóór het leveren van de goederen (nadeel koper)
Koper
- Achteraf betalen
- Ná het leveren van de goederen (nadeel verkoper)
Documentair incasso & documentair krediet
Virtuele levering
- De documentatie wordt uitgewisseld (beschikkingsmacht; verkoper koper)
- De goederen blijven (voorlopig) tijdens deze transactie bij de verkoper
- Via de bank
- Verkleinen van risico
1. DOCUMENTAIR INCASSO
Achtergrond
- Internationale transactie over zee
→ Verkoper: exporteur (+ bank exporteur)
→ Koper: importeur (+ bank importeur)
→ Transport: kapitein/scheepvaartmaatschappij 1. Contract
Werking documentair incasso - Handelscontract tussen importeur
en exporteur. Afspraak dat betaling
1. via documentair incasso zal
Contract verlopen.
2. 10. Doc
11. Goederen 2. Goederen
Goederen - De exporteur levert de goederen
3. Connos
aan de kapitein van het schip.
9. Geld
4. Doc 6.Doc 7. Geld 3. Connossement
- De kapitein levert in ruil voor de
goederen het connossement af aan
de exporteur.
4. Documentatie
- De exporteur verzamelt alle
documentatie, die relevant zijn voor
de importeur (bv. Connossement,
5. Doc factuur, vergunningen, …) om de
goederen in ontvangst te nemen.
8. Geld - Deze zendt hij naar zijn bank met
opdracht tot incassering
5. Documentatie
- De bank van de exporteur stuurt de
documenten naar de bank van de
Voordelen importeur.
Verkoper (exporteur)
- Hij levert de goederen pas, nadat de koper betaald heeft 6. Documentatie
- De importeur bekijkt (samen met
Koper (importeur) zijn bank) of de documenten
- Hij betaalt de goederen pas, na controle van documentatie conform zijn met de afspraken in
- Op juistheid en volledigheid ( zekerheid) het handelscontract.
7. Geld
Gevaren - Klopt de documentatie, betaald de
koper zijn schuld aan ZIJN bank
Verkoper (exporteur)
(bank importeur).
- De goederen zijn onderweg of al gearriveerd met het schip
- MAAR koper betaald niet omdat: 8. Geld
1) Hij betwist de documentatie - De bank importeur transfereert het
geld naar de bank exporteur.
2) Hij de goederen niet meer kan betalen (o.a. faillissement)
9. Geld
- Goederen moeten terug naar exporteur - De bank exporteur maakt het geld
over aan de exporteur (verkoper).
→ Kost tijd en geld
10. Documentatie
- De importeur gebruikt de
ontvangen documenten (vooral het
Oplossing:
connossement) om de goederen af
2.Documentair
DOCUMENTAIR KREDIET
krediet; meer garantie voor te halen bij de kapitein
verkoper
Achtergrond 11. Goederen
- Onherroepelijke verbintenis tot betaling tussen de bank van de- koper en de verkoper
De kapitein controleert de goederen
- Meer zekerheid en levert vervolgens de goederen
→ De bank van de koper verbindt zich te betalen (mits goeie documentatie)
→ Verkoper niet afhankelijk van de goodwill van de koper