Verkennen van de basisschool
Semester 1
I. De basiscompetenties van de leraar
1 basiscompetenties van de leraar
BASCO 1: DE LERAAR ALS BEGELEIDER VAN LEER- EN ONTWIKKELINGSPROCESSEN
De beginsituatie van leerlingen bepalen en lesdoelen formuleren
BASCO 2: DE LERAAR ALS OPVOEDER
Werkt met de leerlingen aan een positief klasklimaat
BASCO 3: DE LERAAR ALS INHOUDELIJK EXPERT
Moet de inhouden en didactische aanpak van verschillende leerdomeinen grondig
beheersen
BASCO 4: DE LERAAR ALS ORGANISATOR
Er moet orde zijn in de klas en er moeten afspraken gemaakt worden
BASCO 5: DE LERAAR ALS INNOVATOR EN ONDERZOEKER
Moet zijn eigen didactische aanpak in vraag stellen en heeft ook recht om
vernieuwingen met een kritische blik te beoordelen
BASCO 6: DE LERAAR ALS PARTNER VAN OUDERS
Ze moeten in goed contact staan met de ouders van de leerlingen zodat ze nodige
info van de leerlingen kunnen verkrijgen en doorspoelen
BASCO 7: DE LERAAR IS LID VAN EEN (SCHOOL)TEAM
Ze zijn nooit alleen, er is voortdurend overleg en samenwerking
- Directeur/team van directie
o leiding
- Leerkrachten
o ICT-toepassingen begeleiden
- ICT-coördinator
1
, - Zorgcoördinator/zorgleerkrachten
o Schoolniveau
schoolwerking
o Leerkracht niveau
De zorgcoördinator ondersteunt leerkracht en ouders
o Leerlingniveau
Lln ondersteunen in en buiten de klas
- Secretariaat
o Dagelijkse administratie
- Schoolbestuur
o Eindverantwoordelijke
BASCO 8: LERAAR ALS PARTNER VAN EXTERNEN
- CLB
- Therapeuten
- Ondersteuners uit het BuO
- Opvang
- Onderhoudsmensen
BASCO 9: DE LERAAR ALS LID VAN ODNERWIJSGEMEENSCHAP
Voelt zich betrokken op wat zich in de samenleving afspeelt met betrekking tot
onderwijs. Hij ontwikkelt zo een visie op onderwijs en stelt die regelmatig in de vraag
BASCO 10: DE LERAAR ALS CULTUURPARTICIPANT
(interesse omgeving buiten school)Interesseren zich voor de vele facetten binnen
onze cultuur. Wekt dit ook op bij de leerlingen
BASCO 11: DE LERAAR ALS BEZIEL(EN)DE PERSOON
Er moet enthousiasme en dynamiek zijn voor de klas. Dit brengt ook enthousiasme en
dynamiek op bij de leerlingen.
2 basisattitudes
BESLISSINGSVERMOGEN:
standpunt innemen en ernaar handelen
RELATIONELE GERICHTHEID:
2
Semester 1
I. De basiscompetenties van de leraar
1 basiscompetenties van de leraar
BASCO 1: DE LERAAR ALS BEGELEIDER VAN LEER- EN ONTWIKKELINGSPROCESSEN
De beginsituatie van leerlingen bepalen en lesdoelen formuleren
BASCO 2: DE LERAAR ALS OPVOEDER
Werkt met de leerlingen aan een positief klasklimaat
BASCO 3: DE LERAAR ALS INHOUDELIJK EXPERT
Moet de inhouden en didactische aanpak van verschillende leerdomeinen grondig
beheersen
BASCO 4: DE LERAAR ALS ORGANISATOR
Er moet orde zijn in de klas en er moeten afspraken gemaakt worden
BASCO 5: DE LERAAR ALS INNOVATOR EN ONDERZOEKER
Moet zijn eigen didactische aanpak in vraag stellen en heeft ook recht om
vernieuwingen met een kritische blik te beoordelen
BASCO 6: DE LERAAR ALS PARTNER VAN OUDERS
Ze moeten in goed contact staan met de ouders van de leerlingen zodat ze nodige
info van de leerlingen kunnen verkrijgen en doorspoelen
BASCO 7: DE LERAAR IS LID VAN EEN (SCHOOL)TEAM
Ze zijn nooit alleen, er is voortdurend overleg en samenwerking
- Directeur/team van directie
o leiding
- Leerkrachten
o ICT-toepassingen begeleiden
- ICT-coördinator
1
, - Zorgcoördinator/zorgleerkrachten
o Schoolniveau
schoolwerking
o Leerkracht niveau
De zorgcoördinator ondersteunt leerkracht en ouders
o Leerlingniveau
Lln ondersteunen in en buiten de klas
- Secretariaat
o Dagelijkse administratie
- Schoolbestuur
o Eindverantwoordelijke
BASCO 8: LERAAR ALS PARTNER VAN EXTERNEN
- CLB
- Therapeuten
- Ondersteuners uit het BuO
- Opvang
- Onderhoudsmensen
BASCO 9: DE LERAAR ALS LID VAN ODNERWIJSGEMEENSCHAP
Voelt zich betrokken op wat zich in de samenleving afspeelt met betrekking tot
onderwijs. Hij ontwikkelt zo een visie op onderwijs en stelt die regelmatig in de vraag
BASCO 10: DE LERAAR ALS CULTUURPARTICIPANT
(interesse omgeving buiten school)Interesseren zich voor de vele facetten binnen
onze cultuur. Wekt dit ook op bij de leerlingen
BASCO 11: DE LERAAR ALS BEZIEL(EN)DE PERSOON
Er moet enthousiasme en dynamiek zijn voor de klas. Dit brengt ook enthousiasme en
dynamiek op bij de leerlingen.
2 basisattitudes
BESLISSINGSVERMOGEN:
standpunt innemen en ernaar handelen
RELATIONELE GERICHTHEID:
2