Garantie de satisfaction à 100% Disponible immédiatement après paiement En ligne et en PDF Tu n'es attaché à rien 4.2 TrustPilot
logo-home
Resume

Samenvatting Sociale psychologie - Sociale psychologie vandaag

Note
-
Vendu
-
Pages
54
Publié le
22-12-2025
Écrit en
2025/2026

Volledige samenvatting sociale psychologie gemaakt op basis van de lessen, powerpoints, het boek en de leerpaden. Als je het voor een goedkopere prijs wil mag je altijd een berichtje sturen! groetjes Jutta












Oups ! Impossible de charger votre document. Réessayez ou contactez le support.

Infos sur le Document

Livre entier ?
Oui
Publié le
22 décembre 2025
Nombre de pages
54
Écrit en
2025/2026
Type
Resume

Sujets

Aperçu du contenu

SAMENVATTING SOCIALE
PSYCHOLOGIE- ORTHOPEDAGOGIE
S2
Sociale psychologie = een studie die tracht te begrijpen, verklaren en voorspellen hoe de gedachten,
gevoelens en gedragingen van individuen beïnvloed worden door de waargenomen, ingebeelde of
impliciete gedachten, gevoelens en gedragingen van anderen.

Sociale psychologie ( studie van het gedrag van individuen in sociale relaties) bevind zich tussen de
algemene pscyhologie (studie van de menselijke geest) en de sociologie (studie van gedrag van groepen
vb. maatschappij, cultuur, politieke of sociale bewegingen)

HOOFDSTUK 1: SOCIALE COGNITIES

Sociale cognitie: processen waarbij we informatie verwerven, opslaan, integreren, organiseren en
interpreteren

We doen dit over mensen:

- Sociale perceptie = beeld maken over anderen
- Zelfperceptie = beeld maken over zichzelf

SCHEMA’S

Schema: cognitieve structuur die aan de basis ligt van ons handelen en denken

- Onze sociale cognitie steunt op deze sociale schema’s
- Opgebouwd uit eerder verworven kennis
è (vb: een schema van een buschauffeur, een mama, een hippie, een stoel, boodschappen
doen,…)


Zelfschema: schema die dimensies bevat waarmee je jezelf beschrijft

- wat je denkt over jezelf
- wat je denkt dat anderen over je denken

à sociale cognitie heeft invloed op ons zelfbeeld (je bent niet meegevraagd op cafe waardoor je denkt dat
anderen je niet leuk vinden, hierdoor vind je van jezelf dat je misschien te saai bent)

à sociale context heeft invloed op ons handelen (je bent normaal een sociaal persoon, maar als je in een
omgeving bent met allemaal extraverte mensen wordt je minder sociaal)

,Zelfschema bestaat uit:

1. Zelfobservatie: je kijkt naar jezelf, dit geeft je informatie over jezelf. (Vb.: je bent uitgevlogen
tegen een client na dat hij een gemene opmerking maakte, je weet nu over jezelf dat je moeilijk
met kritiek om kan)
2. ‘Looking-glass self’: we bouwen onszelf op door anderen die ons een spiegel voorhouden. (vb
door anderen die je feedback geven: amai het was een goeie les, dan weet je dat je het goed hebt
gedaan). Dit is niet altijd letterlijk, je kan dit ook afleiden uit mensen hun gedrag
3. Sociale vergelijking: we gaan naar onzelf kijken in vergelijking met anderen (voorbeeld: punten
vergelijken), we weten soms pas hoe we het zelf doen als we weten hoe anderen het doen


OMSCHRIJVING

Prototype = uit een reeks personen leiden we de meest relevante kenmerken af. Het is een soort
gemiddelde van een specifieke groep mensen. Het is het meest typische van een groep mensen, geen
enkel van die mensen zal precies samenvallen met het prototype. (vb: MIJN prototype van een
gemiddelde student is een gemotiveerde, sociale student)

- Prototypes: cognitief psychologisch gevormd, we maken ze zelf door ons denken
- Stereotypes: bepaald door de sociale, contextuele realiteit

Script = schema voor het verloop van gebeurtenissen in bepaalde situaties, het voorspelt een
opeenvolging van acties (vb: een les volgen, naar de winkel gaan, een eerste date)

- Gedrag dat in overeenstemming is met een script vinden we weinig informatief
- Gedrag dat niet in overeenstemming is met een script vinden we informatief
à vb: iemand doet plots een dansje in de les, dan geeft dat veel meer informatie over die
persoon, we leiden dingen af omdat dat gedrag niet past


KENMERKEN

• Gestalt: het is een geheel, het zit logisch in elkaar, we kijken niet naar aparte onderdeeltjes maar
we vormen het samen
• Top-down = theory-driven: we geven betekenis aan binnenkomende informatie doordat we
vertrouwen op al bestaande kennis en schema’s die we hebben opgeslaan.
• Sturen onze persoonsperceptie: we besteden vooral aandacht aan de persoonlijkheidstrekken
die passen in het kader van het al geactiveerd schema, interpreteren gedragingen zodat ze
conform zijn aan het schema (vb: als je beeld over een student is dat die gemotiveerd is, ga je
eerder op de gemotiveerde studenten letten dan op de ongemotiveerde)
• Beïnvloed de herinnering: de opgeroepen informatie wordt sterk bepaald dor het geactiveerde
schema (vb: je hebt een leuke leerkracht gehad in het middelbaar, en je gaat de negatieve
situaties zo goed als niet onthouden want dat past niet binnen het schema die je hebt over de
leerkracht)

, • Prescriptief:
o Het schema bied een beeld van hoe iets moet/kan zijn en stuurt ons gedrag
o Attributies houden ons schema in stand
Attributies = verklaringen die we zoeken voor iemands gedrag (vb: je ziet iemand fronsen
en je probeert een verklaring te geven aan dat gedrag)
è Need for cognition = mensen die graag informatie verwerken en reflecteren
è Need for certainty = mensen die nood hebben om vast te houden aan hun schema, willen er niet
van afwijken en proberen om alles toch in het schema te steken
- Hoe vaker het schema al is opgeroepen, hoe toegankelijker het is
- Hoe recenter het schema is opgeroepen, hoe toegankelijker het is
- Door schema’s kunnen we informatie makkelijker en vlugger verwerken, we gebruiken hiervoor
labels (deze komen niet altijd overeen met de werkelijkheid)
è Laagbevooroordeelde mensen: activatie van negatieve stereotypen maar proberen die daarna te
onderdrukken of bedwingen vanuit plichtsbesef of schuld
è Hoogbevooroordeelde mensen: activatie van negatieve stereotypen en betrekken de
geactiveerde stereotypen bij hun beoordeling van personen (ze gebruiken hun schema om
informatie te begrijpen)à vooroordelen

CONFIGUREREN

Door stimuli worden bepaalde schema’s geactiveerd. Welke treden op de voorgrond? Dit hangt af van
verschillende cognitieve effecten, sommige kunnen voor vertekening zorgen.


OPVALLENDE KENMERKEN

Hoe meer een kenmerk opvalt, hoe gemakkelijker het aansluitende schema wordt geactiveerd.

- Naam
- Geslacht
- Huidskleur

è Opvallendheid wordt bepaald door de context (vb: je zit in auditorium en er zit 1 rost persoon dan
valt het op, ben je op een roste mensen bijeenkomt dan valt de roste haarkleur veel minder op).


PRIMACY-EFFECT

Informatie die wij eerst over iemand krijgen beïnvloedt het globale oordeel meer dan later verworven
informatie.

è Positieve eerste indruk = positief geheel
è Negatieve eerste indruk = negatief geheel

Je kan maar 1 keer een eerste indruk maken, deze is vooral gebaseerd op lichaamstaal.

à Acteurs of muzikanten zitten ook vaak vast aan het imago van hun eerste rol of liedje.

, Verklaringen primacy-effect:

- Aan later verkregen informatie wordt minder aandacht besteed (deels negeert)
- Latere informatie wordt geïnterpreteerd vanuit het persoonsbeeld dat je hebt gevormd door de
eerste informatie
- Behoefte aan afsluiten, zodra men ongeveer een beeld heeft verzwakt de aandacht naar nieuwe
informatie (maar je kan je wapenen)

ßà Recency effect: informatie die het laatst komt, beïnvloedt meer het globale oordeel.

Voorbeeld: in een assisen-rechtszaak is er op het einde een slotpleidooi van de advocaat van beide
partijen, deze is heel belangrijk omdat de jury die het meest onthoudt.


CONFIGURATIEMODEL VAN ASCH

Men vormt zich over een persoon een intern consistent beeld van die persoon als geheel = Gestalt

De betekenis van een element wordt meebepaald door de betekenis die men aan de andere elementen
geeft, en omgekeerd.

è We organiseren veel informatie over een persoon efficiënt, en vatten die samen rond 1 of enkele
centrale kenmerken. (vb: warm en koud)

Sommige eigenschappen kunnen daarbij onevenredig veel invloed hebben en een dominante rol spelen.

Voorbeeld: bij een persoon met een positieve indruk wordt luidruchtig zijn geïnterpreteerd als
enthousiasme, terwijl we vanuit een negatieve indruk datzelfde gedrag interpreteren als
ongedisciplineerd.


IMPLICIETE PERSOONLIJKHEIDSTHEORIE (IMPT)

We veronderstellen dat bepaalde persoonstrekken samen voorkomen en andere trekken niet (voorbeeld:
streng en punctueel zijn gaat samen met georganiseerd en net zijn)

è We hebben de neiging om van iemand een compleet persoonlijkheidsprofiel uit te werken op
basis van intuïtieve veronderstellingen, die niet expliciet of bewust zijn

De IMPT heeft een belangrijke rol bij indruksvorming:

- Ze vervolledigt ons beeld van een persoon
- Ze beïnvloedt interpretatie en verwerking van informatie

Halo-effect: Als iemand een positieve eigenschap heeft, nemen we aan dat die persoon ook andere
wenselijke eigenschappen heeft.

Horn-effect: Als iemand een negatieve eigenschap heeft, nemen we aan dat die persoon ook andere
slechte eigenschappen heeft.

Forer-effect = Barnum-effect: de neiging van mensen om vage en algemeen geldende uitspraken over de
eigen persoon te accepteren als rake, typerende omschrijving, zonder zich te realiseren dat diezelfde
omschrijving voor bijna iedereen opgaat
€13,16
Accéder à l'intégralité du document:

Garantie de satisfaction à 100%
Disponible immédiatement après paiement
En ligne et en PDF
Tu n'es attaché à rien

Faites connaissance avec le vendeur
Seller avatar
juttamortelmans

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
juttamortelmans Hogeschool Gent
Voir profil
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
11
Membre depuis
1 année
Nombre de followers
0
Documents
6
Dernière vente
4 jours de cela

0,0

0 revues

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Récemment consulté par vous

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions