Rédigé par des étudiants ayant réussi Disponible immédiatement après paiement Lire en ligne ou en PDF Mauvais document ? Échangez-le gratuitement 4,6 TrustPilot
logo-home
Resume

samenvatting BESTUURSRECHT 2025: alle lessen + boek

Note
-
Vendu
1
Pages
114
Publié le
22-12-2025
Écrit en
2025/2026

volledige samenvatting bestuursrecht (vak bestuurs- en omgevingsrecht), zowel lessen als boek opgenomen.

Aperçu du contenu

BESTUURSRECHT 2025
Inhoudsopgave
praktisch........................................................................................................................................................ 3

inleiding........................................................................................................................................................ 3

deel 1: begrip, indeling, functies, kenmerken en bronnen...............................................................................4

hoofdstuk 1. begrip bestuursrecht........................................................................................................................4

hoofdstuk 2. indeling van het bestuursrecht........................................................................................................6

hoofdstuk 3  NK.....................................................................................................................................................6

hoofdstuk 4. kenmerken van het bestuursrecht...................................................................................................7

hoofdstuk 5. bronnen van het bestuursrecht........................................................................................................9

deel 2: besluitvormingsinstrumenten........................................................................................................... 16

hoofdstuk 1. inleiding: publiek- versus privaatrechtelijke actiemiddelen van de overheid................................16

hoofdstuk 2. eenzijdige spoor: de eenzijdige bestuurlijke rechtshandeling en de pseudowetgeving................16

Hoofdstuk 3. het contractuele spoor : de overeenkomst met het bestuur.........................................................34

hoofdstuk 4. leer van de afsplitsbare rechtshandeling.......................................................................................43

hoofdstuk 5.  NK..................................................................................................................................................43

deel 3: Mensen en middelen van het bestuur............................................................................................... 44

hoofdstuk 1. rechtsregime van het overheidspersoneel.....................................................................................44

hoofdstuk 2. rechtsregime van de goederen in het bestuursrecht.....................................................................51

deel 4: bestuursorganisatie en het begrip bestuur........................................................................................57

hoofdstuk 1. bestuursorganisatie.......................................................................................................................57

hoofdstuk 2. Het begrip ‘bestuur’.......................................................................................................................64

hoofdstuk 3  NK...................................................................................................................................................68

deel 5. Preventieve rechtsbescherming tegen het bestuur en algemene rechtsbeginselen............................70

hoofdstuk 1. vooraf: het ontbreken van een algemene wet bestuursrecht........................................................70

hoofdstuk 2. wettigheids- of legaliteitsbeginsel.................................................................................................70

hoofdstuk 3. beginselen van behoorlijk bestuur.................................................................................................71

hoofdstuk 4. beginselen van de openbare dienst...............................................................................................80

hoofdstuk 5. formele motivering van bestuurshandelingen...............................................................................82

, hoofstuk 6. openbaarheid van bestuur(sdocumenten).......................................................................................88

hoofdstuk 7. participatie en inspraak.................................................................................................................99

hoofdstuk 8. Taalgebruik in bestuurszaken........................................................................................................99

deel 6. curatieve rechtsbescherming tegen het bestuur..............................................................................100

Hoofdstuk 1. interne KLACHTENBEHANDELING en ombudsdiensten...............................................................100

hoofdstuk 2. Bestuurlijke beroepen..................................................................................................................102

Hoofdstuk 3. jurisdictionele beroepen..............................................................................................................106




2

,PRAKTISCH

NK = Niet kennen (lijst met niet te kennen randnummers staat op Ufora)

Samenvatting bevat zowel lesnotites als inhoudt van het boek als het gastcollege.

Examen:

 Allemaal open vragen: geen meerkeuzen

 Linken kunnen leggen met verschillende delen van de cursus

 Casus met deelvragen:

- bv. statutaire ambtenaar krijgt slechte evaluaties en wordt ontslagen  welke techniek van curatieve
rechtsbescherming tegen het bestuur heeft hij aangewend? Heeft de ambtenaar gelijk als hij zegt dat
het bestuur hem had moeten horen (hoorplicht) als beginsel van behoorlijk bestuur?

 Korte kennis en inzichtsvragen:

- bv. aan een bestuurlijk beroep is steeds een uitputtingsvereiste verbonden, die inhoudt dat het
beroep moet worden doorlopen alvorens men de RvS kan adiëren  juist fout + motivering
- bv. een declaratieve handeling die uitgaat van een bestuur kan niet worden aangevochten bij de RvS
 juist of fout + motivering

 Transversale vraag:

- bv. definieer kort de begrippen EBR en bestuursdocument en geef 3 verschilpunten ertussen met een
voorbeeld ter illustratie




INLEIDING

Bestuursrecht heeft geen algemene, wettelijk ingeschreven definitie; het is een breed en divers concept

= overheid, bronnen, kenmerken, beroepen (bij burgerlijke of bestuursrechter)

Werkdefinitie : het geheel van rechtsregels met betrekking tot de organisatie, de bevoegdheden en de werking
van de organen die met UM zijn bekleed, m.a.w.van de organen die noch tot de wetgevende, noch tot de
rechtelrijke macht behoren.

 Raakt aan diverse facetten van het dagelijks leven:

- bv. afschaffing verbouwpremies voor ‘groot’verdieners
- bv. fietsverbod in graffitistraat Gent met boete als sanctie
- bv. De regels van het bestuursrecht gelden ook voor de bestuurders zelf




3

,DEEL 1: BEGRIP, INDELING, FUNCTIES, KENMERKEN EN BRONNEN

HOOFDSTUK 1. BEGRIP BESTUURSRECHT


AFDELING 1: FORMEEL-JURIDISCHE OMSCHRIJVING VANUIT ORGANIEK EN FUNCTIONEEL
OOGPUNT

Privaatrecht: rechtsregels die betrekking hebben op relaties tussen private personen

Publiekrecht: rechtsregels die betrekking hebben op organisatie van de overheid en op de relatie tussen
overheid en burgers en tussen overheden onderling. Binnen het publiekrecht valt het grondwettelijk- en
bestuursrecht.

- Grondwettelijk recht: vestiging, structuur en uitoefening van het overheidsgezag, inrichting van de
staatsmachten en hun onderlinge verhoudingen, en de fundamentele rechten en vrijheden van burgers

- Bestuursrecht:

(vanuit een organieke benadering): het recht dat het handelen normeert van de staatsorganen die tot de
uitvoerende macht behoren.  uitgaande van de ‘machten’, focus op uitvoerende macht

(vanuit de driemachtenleer): het geheel van rechtsregels m.b.t. de organisatie, bevoegdheden en werking
van de organen die met uitvoerende macht zijn bekleed, m.a.w. van de organen die noch tot de
wetgevende, noch tot de rechterlijke macht behoren.  Niet sluitend*

 Organieke bestuursrecht = inzoomen op de organen van het bestuursrecht

 Functionele bestuursrecht = zij die bekleed zijn met de uitvoerende macht (uitvoeren)

*de driemachtenleer veronderstelt een te duidelijke omschrijving van de organen van de uitvoerende macht en
roept een te vereenvoudigd beeld op van de wijze waarop taken en bevoegdheden worden uitgeoefend.

Nuancering op de strikte driemachtenleer:


Staatsmacht Rol of functie

Wetgevende macht - Primair: wetgevende of normatieve functie
- Ondergeschikt:
 Bestuurlijke functies, zoals het verlenen van
naturalisaties, benoeming van (administratief)
personeel
 quasi-gerechtelijke taken, zoals organisatie
van parlementaire onderzoekscommissies


Uitvoerende macht - Primair: tenuitvoerlegging van wetgeving en
beleid, niet enkel via indiv. besluiten, maar ook
via normatieve besluiten (reglementen), via
taken van handhaving (bv. sancties), via taken
van geschillenbeslechting of door het sluiten van
contracten
- Ondergeschikt: zelfstandige normatieve taken
die uitdrukkelijk werden toevertrouwd door

4

, Gw., bijzondere wet of wetskrachtige norm

Rechterlijke macht - Primair: rechtshandhaving of geschil-beslechting
via rechtspraak
- Ondergeschikt: bestuurlijke functies, zoals
benoeming van (administratief) personeel



Wie is die uitvoerende macht?

- (organiek) Art. 37 Gw.: federale uitvoerende macht berust bij de Koning (+ deelstaatregeringen)
= in strikte zin, MAAR: in werkelijkheid veel ruimer (bv. OCMW, DL)

Het bestuursrecht gaat m.a.w. verder dan ‘uitvoeren/besturen’ en omvat bv. ook:

- Regelgevende (reglementaire) bevoegdheid, bv. van de Koning, gemeenten (politiereglement)
 Reglementen en verordeningen, maar geen wetten in materiële zin
- Geschillenbeslechting (‘handhaving’) door besturen (bv. GAS-boete)
 Normaal enkel rechter, maar kan dus ook door besturen (maar geen ‘rechtspreken’)

- Bestuurlijke handelingen van wetgevende en rechterlijke macht (bv. tuchtbeslissing)



CONCLUSIE: het bestuursrecht kent vandaag een deels organieke en deels functionele afbakening:

- Bestuursrecht beheerst in beginsel de organisatie en de werking van de uitvoerende macht (moet hier
ruim worden opgevat: ook verzelfstandigde besturen), ongeacht of de organen daarvan normatief
optreden of besluiten met een individuele strekking nemen en ook wanneer zij een taak van
geschillenbeslechting of een quasi-rechterlijke functie op zich nemen

- Bestuursrecht normeert soms ook de handelingen van wetgevende en rechterlijke organen, wanneer zij
een taak van ‘bestuur’ of ‘uitvoering’ uitoefenen

- Organisatie en werking van lokale besturen en bestuursrechtspraak = onderdeel van bestuursrecht




AFDELING 2 EN 3  NK




5

,HOOFDSTUK 2. INDELING VAN HET BESTUURSRECHT


AFDELING 1: ALGEMEEN VERSUS BIJZONDER BESTUURSRECHT

Algemeen bestuursrecht

- Betreft de algemene regels, figuren en principes die het globale bestuursrecht regelen

- Les: alle regels die het globale bestuursrecht gaan beheersen, die doorwerken op allerlei besturen en de
bevoegdheden en rechtsbescherming van en tegen de besturen

- Bv. overheidsgoederen, overheidspersoneel, beginselen van behoorlijk bestuur, …

- Cf. luik bestuursrecht 2e bach

Bijzonder bestuursrecht

- Betreft diverse specifieke, sectorale regelingen binnen het bestuursrecht

- Les: verzamelnaam voor een reeks aan sectorale, bijzondere rechtstakken binnen dat globale
bestuursrecht

- Vaak zeer technisch, gedetailleerd, met eigen begrippensystematiek en werking

- °gespecialiseerde administratieve rechtscolleges (bv. Raad voor Vreemdelingenbetwistingen)

- Bv. omgevingsrecht, energierecht, migratierecht, onderwijsrecht, …

- Cf, luik omgevingsrecht 2e bach + vaak ook keuzevakken in master

Het algemeen bestuursrecht moet de basisbeginselen leveren voor het bijzonder bestuursrecht. Toch worden
ook sommige leerstukken van het algemeen bestuursrecht afgeleid (= geabstraheerd) uit het bijzonder
bestuursrecht.  Constante wisselwerking tussen de twee

Algemeen bestuursrecht heeft ook soms aanvullende werking: daar waar het bijzonder bestuursrecht geen
regeling heeft voorzien, geldt het algemeen bestuursrecht.

Soms worden takken van bijzonder bestuursrecht opnieuw gegroepeerd onder meer algemene noemers. In
Vlaanderen  geharmoniseerd omgevingsrecht = recht van ruimtelijke ordening, milieurecht en erfgoedrecht.




AFDELING 2  NK




HOOFDSTUK 3  NK




6

,HOOFDSTUK 4. KENMERKEN VAN HET BESTUURSRECHT


AFDELING 1: AUTONOMIE EN EIGENHEID VAN HET BESTUURSRECHT

Bestuursrecht is een uitzonderingsrecht

Besturen bekleden een uitzonderingspositie  bestuursrecht is ontstaan als uitzonderingsrecht t.a.v. het
privaatrecht. Het is een uitzonderingsrecht wegens:

- De prerogatieven (= bijzondere voorrechten) van het bestuur:

Eenzijdige bestuurlijke rechtshandeling: handeling uitgaande van een bestuur waardoor eenzijdig, zonder
dat de instemming van de bestuurde vereist is, de rechtstoestand van de bestuurde wordt gewijzigd of
wordt belet dat deze wordt gewijzigd. Dit heeft bindende kracht.

- Bv. verlenen of weigeren van een vergunning, belastingsreglement, politieverordening, …

- Kunnen bijzonder ingrijpend zijn en bv. eenzijdig het eigendomsrecht beperken

- Bekleed met le privilège du préalable: beslissingen hebben bindende kracht en worden vermoed
wettig te zijn

Ook bekleed met le privilège de l’exécution d’office: bestuurshandeling is in beginsel uit zichzelf
uitvoerbaar, zonder tussenkomst van een rechter

- <-> privaatrecht: andermans wil kan de rechtstoestand van een particulier niet wijzigen zonder zijn
toestemming

Centraal kenmerk bestuursrecht: fundamentele ongelijkheid tussen de overheid en de burgers
<-> privaatrecht: wilsautonomie en beginsel van formele- gelijkheid tussen partijen

Veranderlijkheidsbeginsel (één van de ‘wetten van de openbare dienst’): geeft de overheid de
bevoegdheid om (in het algemeen belang) de organisatie van haar diensten en personeel eenzijdig te
wijzigen, zodat de bestuurden geen ‘verworven rechten’ kunnen laten gelden tegen de overheid.



- Bijzondere verplichtingen (bv. (formele) motiveringsplicht, geen vrije keuze in medecontractant, …)

- Bestuur mag meestal niet vrij zijn medecontractant kiezen, wat een particulier wel mag.

- Besturen zijn bij het stellen van heel wat handelingen gebonden door vorm- en andere voorschriften,
die particulieren niet moeten naleven

- bv. adviezen, openbaar verzoek, machtigingen, inspraak, motiveringsplicht, …

- Omdat de overheid wordt geacht het algemeen belang te behartigen, moet er controle mogelijk zijn
op de overheidstaken

- Openbaarheid is noodzakelijk: alle besturen zijn onderworpen aan regelgeving inzake de
openbaarheid van bestuursdocumenten




7

,Nuancering van de uitzonderingspositie:

- Nu: een alomvattende, volwaardige aparte rechtstak  dus niet meer onder privaatrecht, maar
bestuursrecht met eigen regels/procedures/…

- Wisselwerking met het privaatrecht (‘privatisering’ van het bestuursrecht)  soms worden er zaken
gebruikt van het privaatrecht (bv. onteigening onder strikte voorwaarden en procedure, uit privaatrecht:
koop – verkoop)

- *privatisering van het bestuursrecht = privaatrechtelijke technieken die we steeds meer vinden binnen het
bestuursrecht

- Naar een meer onderhandelend of ‘horizontaal’ bestuur = contractualisering van het bestuursrecht 
moderne overheid: burgers betrekken bij besluitvormingsprocessen, ipv verticaal te beslissen (bv. soms
verplichte inspraak en participatie of partnerships)




AFDELING 2: MEERGELAAGDHEID VAN HET BELGISCHE BESTUURSRECHT

Meergelaagdheid valt uiteen in 2 fronten:

1. Fragmentalisering/ verkaveling van het bestuursrecht = overgave van bevoegdheden van het federale naar
het deelstatelijke niveau, ten gevolge van de diverse staatshervormingen
- Bv : Deelstatelijk bestuursrecht; VREG op het energievlak Vlaams enWaalse en Brusselse maar de
federale tegenhanger is TREG
- Bv: federale wet van openbaarheid van het bestuur en een vlaamse tegenhanger

2. Harmonisering van het bestuursrecht = onder invloed van het europees recht (zodanig dat we steeds meer
naar een europees bestuursrecht gaan)


Het begrip Europees bestuursrecht heeft een drieledige betekenis:

- Het geheel van regels en beginselen die de werking beheersen van het bestuur van de EU

- = EU administrative law

- Organisatie en werking van de uitvoerende macht van de EU (= EC en haar administratie)

- Belangrijkste bevoegdheden liggen nog bij de lidstaten, maar toch opmars op Europees niveau: het
EU-recht beïnvloedt het algemeen bestuursrecht van de lidstaten

- Het geheel van instrumenten van EU-recht (voornamelijk wetgeving) die het materiële en procedurele
bestuursrecht van de lidstaten in specifieke sectoren rechtstreeks beïnvloeden

- Bv. richtlijnen inzake overheidsopdrachten, vreemdelingenrecht, regelgeving inzake ruimtelijke
ordening en milieurecht, etc.

- Veel regels van nationale bestuursrecht hebben vandaag een supranationale oorsprong




8

,- Regels en beginselen die de bestuursrechtelijke systemen van de verschillende Europese landen gemeen
hebben

- = Europees bestuursrecht

- Europese systemen beïnvloeden elkaar: bv. de ‘bestuurlijke lus’ in het Vlaanderen is opgericht naar
Nederlands model

- Bestuursrecht van de lidstaten vertoont steeds meer gemeenschappelijke grondslagen door
harmonisatie van procedures voor de tenuitvoerlegging van EU-recht en door sectorale EU-
regelgeving

- Interpenetratie: het recht van de lidstaten beïnvloed ook het Unierecht (bottom-up proces)

Terwijl het Europees recht zorgt voor harmonisering van het bestuursrecht, is er binnen het Belgisch
bestuursrecht een fragmentering door de vele staatshervormingen die veel wijzigingen hebben voortgebracht
zowel in het algemeen en bijzonder bestuursrecht als specifiek voor de lokale besturen.

 niet echt meer sprake van een Belgisch bestuursrecht, maar wel van een Vlaams, Waals of Brussels
bestuursrecht.




HOOFDSTUK 5. BRONNEN VAN HET BESTUURSRECHT

Er is geen ‘Algemene wet bestuursrecht’, maar een waaier aan normen en regels. Het bestuursrecht kan maar
begrepen worden in het licht van de fundamentele grondwettelijke basiswaarden en de principes van good
governance.

Vb. op Vlaams niveau: Bestuursdecreet, Kaderdecreet Vlaamse handhaving

AFDELING 1: (META)CONSTITUTIONELE PRINCIPES OF -WAARDEN VAN HET BESTUURSRECHT

Metaconstitutionele waarden > drie metawaarden: constitutionalisme, het rechtstaatsbeginsel en het
democratiebeginsel. Binnen een tweede cluster van metawaarden die we onderscheiden voor het
bestuursrecht vinden we het principe van sociale rechtsstaat: de principes van good governance.

(Meta)constitutionele principes

= bronnen die aan de grondslag liggen van het bestuursrecht/ regels en principes die we zodanig essentieel
vinden die de basis van het bestuursrecht vormen

Principe van de scheiding der machten:

- Uitvloeisel van het constitutionalisme

- Algemeen rechtsbeginsel

- In Belgische Gw.: niet strikt: staatsmachten houden elkaar in balans en controleren elkaar

- Nauwe band tussen wetgevende en uitvoerende macht, rechterlijke macht wordt wel strikt afgescheiden
(belang van onafhankelijke rechter, ook zo voor bestuursrechter)

9

, Rechtstaat of rule of law

- = de Staat is, in al haar verschijningsvormen, onderworpen aan het recht  de overheid staat niet boven
het recht

- Om willekeurig optreden door de overheid te vermijden  uit zich in tal van regels, beginsel en
leerstukken

- Legaliteitsbeginsel: wettelijke basis en kenbaarheid recht

- Beginselen van behoorlijk bestuur: redelijkheids-, proportionaliteits- en motiveringsbeginsel

- Curatieve rechtsbescherming van de burger: beroep bij rechter tegen optreden bestuur mogelijk

Democratiebeginsel

- = burgers hebben in zekere mate zelf zeggenschap over de uitoefening van het staatsgezag

- Democratie kent veel gezichten:

- Representatieve democratie (vooral bij ons): toepassing binnen het bestuursrecht is de politieke
verantwoordelijkheid van regering en minister

- Directe democratie: volksraadplegingen (kan bij ons in provincies en gemeenten)

- Participatieve democratie: burgerparticipatie

- Deliberatieve vormen van democratie: principe van wederkerigheid waarin alle actoren samen
overleggen tot ze een oplossing bekomen die voor iedereen aanvaardbaar is (opmars)

- Respect voor fundamentele rechten: essentieel kenmerk van democratie. Belangrijkste binnen het
bestuursrecht: openbaarheid van bestuur (art. 32 Gw.) en recht op eerlijk proces (art. 6 EVRM)




Principes van good governance

Oorsprong: internationaal recht, meer bepaald ontwikkelingsrecht: organisaties die bv. financiële hulp bieden
aan landen die het moeilijk hebben, willen verzekeren dat dit geld ook eerlijk wordt besteed. Ook vandaag is er
nog veel aandacht voor good governance in strijd tegen corruptie en wanbeheer.

Juridische waarde: gering, er kunnen geen daadwerkelijke aanspraken uitgeput worden die voor de rechter
kunnen worden afgedwongen (<-> beginselen van behoorlijk bestuur). Ze hebben vooral een interpretatieve
waarde (bestuursrecht beter begrijpen) en een inspirerende waarde (sturen de regelgever).



Belangrijkste principes:

- Rekenschapsbeginsel (= beginsel van accountability)

- Sluit nauw aan bij democratiebeginsel

- Er moet verantwoording worden afgelegd over de uitoefening van bestuurlijke bevoegdheden

- Niet homogeen: verschillende fora hanteren verschillende criteria ter beoordeling. Bv. juristen zijn
vooral gefocust op de juridische rekenschapsplicht: verantwoorden die het bestuur moet afleggen
voor de rechter. Maar even belangrijk is bv. de politieke verantwoording.



10

Infos sur le Document

Publié le
22 décembre 2025
Nombre de pages
114
Écrit en
2025/2026
Type
RESUME

Sujets

  • bestuursrecht
  • overheidsrecht
€11,56
Accéder à l'intégralité du document:

Mauvais document ? Échangez-le gratuitement Dans les 14 jours suivant votre achat et avant le téléchargement, vous pouvez choisir un autre document. Vous pouvez simplement dépenser le montant à nouveau.
Rédigé par des étudiants ayant réussi
Disponible immédiatement après paiement
Lire en ligne ou en PDF


Document également disponible en groupe

Thumbnail
Package deal
Samenvattingen 2e bachelor rechten Ugent
-
6 2026
€ 26,89 Plus d'infos

Faites connaissance avec le vendeur

Seller avatar
Les scores de réputation sont basés sur le nombre de documents qu'un vendeur a vendus contre paiement ainsi que sur les avis qu'il a reçu pour ces documents. Il y a trois niveaux: Bronze, Argent et Or. Plus la réputation est bonne, plus vous pouvez faire confiance sur la qualité du travail des vendeurs.
mdespieg Universiteit Gent
Voir profil
S'abonner Vous devez être connecté afin de suivre les étudiants ou les cours
Vendu
33
Membre depuis
1 année
Nombre de followers
2
Documents
11
Dernière vente
4 semaines de cela

4,5

4 revues

5
3
4
0
3
1
2
0
1
0

Pourquoi les étudiants choisissent Stuvia

Créé par d'autres étudiants, vérifié par les avis

Une qualité sur laquelle compter : rédigé par des étudiants qui ont réussi et évalué par d'autres qui ont utilisé ce document.

Le document ne convient pas ? Choisis un autre document

Aucun souci ! Tu peux sélectionner directement un autre document qui correspond mieux à ce que tu cherches.

Paye comme tu veux, apprends aussitôt

Aucun abonnement, aucun engagement. Paye selon tes habitudes par carte de crédit et télécharge ton document PDF instantanément.

Student with book image

“Acheté, téléchargé et réussi. C'est aussi simple que ça.”

Alisha Student

Foire aux questions