LIT&CULT: NAMEN- EN TERMENLIJST
Inleiding
Palimpsest Manuscript waarvan de oorspronkelijke
tekst is weggekrabd om er een nieuwe
overheen te schrijven
Homerische kwestie De discussie of Homerus echt bestaan
heeft en of hij alleen of meerdere
dichters samen de Ilias en Odysee
geschreven hebben
Canon Verzameling werken die als het
belangrijkste of meest waardevol worden
gezien in de literatuur
Imitatio Het navolgen van grote voorbeelden uit
de literatuur
Aemulatio Het proberen te overtreffen van de grote
voorbeelden uit de
literatuurgeschiedenis
Mimesis Nabootsing van de werkelijkheid in kunst
en literatuur
Catharsis Emotionele ontlading of zuivering bij het
publiek door het meebeleven van een
tragedie
Lyriek Literatuur waarin gevoelens en
gedachten centraal staan (bv. poëzie)
Dramatiek Toneelstuk waarin een verhaal door
dialogen en handelingen wordt
uitgebeeld
Epiek Verhalende literatuur, vaak over
heldendaden of grote gebeurtenissen
Tragedie Ernstig stuk dat meestal slecht afloopt
Komedie Grappig toneelstuk met een goede
afloop
Tragikomedie Mengvorm tragedie en komedie
Sonnet Gedicht van 14 regels met een vast
rijmschema
Pagina 1 van 42
,Hoofdstuk 1: Griekenland
I. Preklassieke periode (1100-500 BCE)
Homerus (8e E BCE, epiek)
Ilias en Odyssee, heldendichten/epiek over de Trojaanse oorlog. (Griekse
steden vs. Troje)
Behoren tot de ‘epische cyclus’: verhalenreeks van 7 lange epen, de rest is
verloren gegaan. Tot in de 4e E BCE wordt deze helemaal aan Homerus
toegeschreven, maar Homerus vertelt maar een fractie van de verhalen.
De oudste overgeleverde voorbeelden van epische poëzie. Oorspronkelijk
werden epen gereciteerd en beluisterd, dus als we het lezen spreken we over
‘versteende poëzie’.
Beiden beginnen in medias res. Zouden rond 8e E BCE voor het eerst op schrift
zijn gesteld.
Ilias:
41 dagen uit Trojaanse oorlog, 10e oorlogsjaar
Wrok van Achilles, hij trekt zich uit de strijd door een twist met Agamemnon
over een slavin
Achilles vermoordt Hector, omdat Hector zijn vriend Patroclus gedood heeft
Odyssee:
Na de val van Troje, thuiskomst Odysseus, voorafgegaan door 10 jaar
omzwervingen in MZ
Poseidon werd beledigd door Odysseus, daarom zit de tocht vol obstakels
Wanneer Odysseus thuiskomt in Ithaca, treft hij een bende edelen aan die de
hand van zijn vrouw Penelope willen
Hij vermoordt alle edelen en neemt opnieuw bezit van wat hem toebehoort
Hesiodus
Dichter, erg precieze verhalen over de godenwereld Hellas
Sappho (6e E BCE, lyriek)
Lesbos. Monodische lyriek. Gedichten, bijna geen overgebleven
Pindarus (6-5e E BCE, lyriek)
Beroemd om zijn epinicia = liederen ter ere van overwinnaars van de
Olympische spelen. Hoogtepunt koorpoëzie
Alceus (6e E BCE, lyriek)
Lesbos. Monodische lyriek.
Anacreon (6e E BCE, lyriek)
Teos. Monodische lyriek.
Aesopus (6e E BCE, lyriek)
Zijn bestaan is onzeker, was een slaaf. Fabel: kort verzonnen verhaal met
zedenles. Zou ca. 350 fabels in proza-vorm hebben geschreven. Meestal met
dieren in de hoofdrol, ook personages als planten.
Pagina 2 van 42
, De Krekel en de Mier & De Vos en de Raaf
Arion (6e E BCE)
Eerste dichter die de dithyrambe verhief tot een literair product.
Thespis (6e E BCE)
Wordt gezien als de grondlegger van het Griekse drama. Bekend als ‘eerste
acteur’. De koorleider wordt bij Thespis een soort acteur
Geen werken tot bij ons gekomen
Phrynichus (5e E BCE)
Leerling van Thespis. Introductie van vrouwenrollen die door een man met
masker worden gespeeld.
Geen werken tot bij ons gekomen
II. Klassieke periode (500-323 BCE)
Plato
Aristoteles
Aeschylus (ca. 525-456 BCE, tragedie)
Invoering tweede acteur. Auteur van enige overgebleven trilogie uit die periode.
De wereldorde wordt door de goden bepaald en de mensen moeten schikken.
7 overgebleven stukken.
Oresteia
Trojaanse oorlog
Cyclus omvat: Agamemnon, De Offerplengsters en De Eumeniden
Centrale thema: wraak, de vrouw van Agamemnon, Clytemnestra, vermoordt
hem om wraak te nemen omdat hij hun dochter geofferd had
De Perzen
Enige Griekse tragedie die is overgebleven die geen mythologisch, maar
historisch onderwerp heeft
Sophocles (5e E BCE, tragedie)
Invoering derde acteur en beperking koor.
7 bewaarde tragedies.
Wereldorde door goden bepaald. Het lot van de mens kan vreselijk zijn. Typisch
voor Sophocles: tragische ironie (Cf. Oedipus die zijn vader vermoord en moeder
huwt)
Koning Oedipus
Euripides (5e E BCE, tragedie)
17 overgebleven stukken: Medea, Andromache, Iphigeneia in Aulus, Iphegeneia
in Tauris, De Bacchanten/ Bacchae, …
Pagina 3 van 42
, Vermindert de rol van het koor nog meer. Mens neemt lot meer in handen dan
bij Aschylus en Sophocles. Scherpe analyse van de psychè
Medea
Medea hielp Jason met het veroveren van het gulden vlies, samen kregen ze
twee kinderen
Wanneer Jason de dochter de koning van Corinthe ontmoet, verstoot hij
Medea, ze wordt wraaklustig
Medea vermoord haar beide kinderen en ook de dochter en koning
Ze vlucht naar Athene en laat Jason gebroken achter
Bacchae
Hoofdpersonen: Dionysos, Pentheus, Kadmos, Tiresias
Dionysos keert terug naar Thebe om zijn goddelijke status te laten erkennen
en wraak te nemen op degenen die hem niet erkennen
Pentheus verzet zich tegen Dionysos en verbiedt de Bacchische rituelen
Dionysos manipuleert Pentheus om zich als vrouw te verkleden en heimelijk
de Maenaden te bekijken
Pentheus wordt ontdekt door de Maenaden en wreed gedood; zijn moeder
Agave denkt aanvankelijk dat hij een leeuw is
Thema’s: macht van de goden, irrationaliteit versus rede, wraak, grenzen van
menselijke controle
Tragisch einde voor Pentheus; Dionysos’ goddelijke kracht wordt bevestigd
Aristophanes (5-4e E BCE, komedie)
Conservatieve dichter, nog 11 stukken bewaard, neemt Atheense burgers op de
korrel
De Wolken: Socrates
De Kikkers: Euripides
Lysistrate: Atheense vrouwen in seksstaking zodat hun mannen vrede maken.
De vrouwen bezetten de Akropolis en sluiten het leger af van financiering
Protagoras (5e E BCE, agnosticus, retorica)
‘De mens is de maat van alle dingen’. Het kritisch denken neemt toe. Stimuleert
deelname van politiek en welsprekendheid bij jongeren
III. Postklassieke periode
Apollonius van Rhodos (3e E BCE, epiek)
Argonautica
Verovering gulden vlies door Jason en zijn thuiskomst
Menander (4-3e E BCE, Nieuwe Komedie)
Nieuwe Komedie = zedenkomedie. Centraal het persoonlijke en familiale leven
van een doorsnee burger. (onwetmatige) liefde in de belangstelling. Stereotiepe
karakters. Happy end.
Dyskolos = vert. mensenhater
Pagina 4 van 42
Inleiding
Palimpsest Manuscript waarvan de oorspronkelijke
tekst is weggekrabd om er een nieuwe
overheen te schrijven
Homerische kwestie De discussie of Homerus echt bestaan
heeft en of hij alleen of meerdere
dichters samen de Ilias en Odysee
geschreven hebben
Canon Verzameling werken die als het
belangrijkste of meest waardevol worden
gezien in de literatuur
Imitatio Het navolgen van grote voorbeelden uit
de literatuur
Aemulatio Het proberen te overtreffen van de grote
voorbeelden uit de
literatuurgeschiedenis
Mimesis Nabootsing van de werkelijkheid in kunst
en literatuur
Catharsis Emotionele ontlading of zuivering bij het
publiek door het meebeleven van een
tragedie
Lyriek Literatuur waarin gevoelens en
gedachten centraal staan (bv. poëzie)
Dramatiek Toneelstuk waarin een verhaal door
dialogen en handelingen wordt
uitgebeeld
Epiek Verhalende literatuur, vaak over
heldendaden of grote gebeurtenissen
Tragedie Ernstig stuk dat meestal slecht afloopt
Komedie Grappig toneelstuk met een goede
afloop
Tragikomedie Mengvorm tragedie en komedie
Sonnet Gedicht van 14 regels met een vast
rijmschema
Pagina 1 van 42
,Hoofdstuk 1: Griekenland
I. Preklassieke periode (1100-500 BCE)
Homerus (8e E BCE, epiek)
Ilias en Odyssee, heldendichten/epiek over de Trojaanse oorlog. (Griekse
steden vs. Troje)
Behoren tot de ‘epische cyclus’: verhalenreeks van 7 lange epen, de rest is
verloren gegaan. Tot in de 4e E BCE wordt deze helemaal aan Homerus
toegeschreven, maar Homerus vertelt maar een fractie van de verhalen.
De oudste overgeleverde voorbeelden van epische poëzie. Oorspronkelijk
werden epen gereciteerd en beluisterd, dus als we het lezen spreken we over
‘versteende poëzie’.
Beiden beginnen in medias res. Zouden rond 8e E BCE voor het eerst op schrift
zijn gesteld.
Ilias:
41 dagen uit Trojaanse oorlog, 10e oorlogsjaar
Wrok van Achilles, hij trekt zich uit de strijd door een twist met Agamemnon
over een slavin
Achilles vermoordt Hector, omdat Hector zijn vriend Patroclus gedood heeft
Odyssee:
Na de val van Troje, thuiskomst Odysseus, voorafgegaan door 10 jaar
omzwervingen in MZ
Poseidon werd beledigd door Odysseus, daarom zit de tocht vol obstakels
Wanneer Odysseus thuiskomt in Ithaca, treft hij een bende edelen aan die de
hand van zijn vrouw Penelope willen
Hij vermoordt alle edelen en neemt opnieuw bezit van wat hem toebehoort
Hesiodus
Dichter, erg precieze verhalen over de godenwereld Hellas
Sappho (6e E BCE, lyriek)
Lesbos. Monodische lyriek. Gedichten, bijna geen overgebleven
Pindarus (6-5e E BCE, lyriek)
Beroemd om zijn epinicia = liederen ter ere van overwinnaars van de
Olympische spelen. Hoogtepunt koorpoëzie
Alceus (6e E BCE, lyriek)
Lesbos. Monodische lyriek.
Anacreon (6e E BCE, lyriek)
Teos. Monodische lyriek.
Aesopus (6e E BCE, lyriek)
Zijn bestaan is onzeker, was een slaaf. Fabel: kort verzonnen verhaal met
zedenles. Zou ca. 350 fabels in proza-vorm hebben geschreven. Meestal met
dieren in de hoofdrol, ook personages als planten.
Pagina 2 van 42
, De Krekel en de Mier & De Vos en de Raaf
Arion (6e E BCE)
Eerste dichter die de dithyrambe verhief tot een literair product.
Thespis (6e E BCE)
Wordt gezien als de grondlegger van het Griekse drama. Bekend als ‘eerste
acteur’. De koorleider wordt bij Thespis een soort acteur
Geen werken tot bij ons gekomen
Phrynichus (5e E BCE)
Leerling van Thespis. Introductie van vrouwenrollen die door een man met
masker worden gespeeld.
Geen werken tot bij ons gekomen
II. Klassieke periode (500-323 BCE)
Plato
Aristoteles
Aeschylus (ca. 525-456 BCE, tragedie)
Invoering tweede acteur. Auteur van enige overgebleven trilogie uit die periode.
De wereldorde wordt door de goden bepaald en de mensen moeten schikken.
7 overgebleven stukken.
Oresteia
Trojaanse oorlog
Cyclus omvat: Agamemnon, De Offerplengsters en De Eumeniden
Centrale thema: wraak, de vrouw van Agamemnon, Clytemnestra, vermoordt
hem om wraak te nemen omdat hij hun dochter geofferd had
De Perzen
Enige Griekse tragedie die is overgebleven die geen mythologisch, maar
historisch onderwerp heeft
Sophocles (5e E BCE, tragedie)
Invoering derde acteur en beperking koor.
7 bewaarde tragedies.
Wereldorde door goden bepaald. Het lot van de mens kan vreselijk zijn. Typisch
voor Sophocles: tragische ironie (Cf. Oedipus die zijn vader vermoord en moeder
huwt)
Koning Oedipus
Euripides (5e E BCE, tragedie)
17 overgebleven stukken: Medea, Andromache, Iphigeneia in Aulus, Iphegeneia
in Tauris, De Bacchanten/ Bacchae, …
Pagina 3 van 42
, Vermindert de rol van het koor nog meer. Mens neemt lot meer in handen dan
bij Aschylus en Sophocles. Scherpe analyse van de psychè
Medea
Medea hielp Jason met het veroveren van het gulden vlies, samen kregen ze
twee kinderen
Wanneer Jason de dochter de koning van Corinthe ontmoet, verstoot hij
Medea, ze wordt wraaklustig
Medea vermoord haar beide kinderen en ook de dochter en koning
Ze vlucht naar Athene en laat Jason gebroken achter
Bacchae
Hoofdpersonen: Dionysos, Pentheus, Kadmos, Tiresias
Dionysos keert terug naar Thebe om zijn goddelijke status te laten erkennen
en wraak te nemen op degenen die hem niet erkennen
Pentheus verzet zich tegen Dionysos en verbiedt de Bacchische rituelen
Dionysos manipuleert Pentheus om zich als vrouw te verkleden en heimelijk
de Maenaden te bekijken
Pentheus wordt ontdekt door de Maenaden en wreed gedood; zijn moeder
Agave denkt aanvankelijk dat hij een leeuw is
Thema’s: macht van de goden, irrationaliteit versus rede, wraak, grenzen van
menselijke controle
Tragisch einde voor Pentheus; Dionysos’ goddelijke kracht wordt bevestigd
Aristophanes (5-4e E BCE, komedie)
Conservatieve dichter, nog 11 stukken bewaard, neemt Atheense burgers op de
korrel
De Wolken: Socrates
De Kikkers: Euripides
Lysistrate: Atheense vrouwen in seksstaking zodat hun mannen vrede maken.
De vrouwen bezetten de Akropolis en sluiten het leger af van financiering
Protagoras (5e E BCE, agnosticus, retorica)
‘De mens is de maat van alle dingen’. Het kritisch denken neemt toe. Stimuleert
deelname van politiek en welsprekendheid bij jongeren
III. Postklassieke periode
Apollonius van Rhodos (3e E BCE, epiek)
Argonautica
Verovering gulden vlies door Jason en zijn thuiskomst
Menander (4-3e E BCE, Nieuwe Komedie)
Nieuwe Komedie = zedenkomedie. Centraal het persoonlijke en familiale leven
van een doorsnee burger. (onwetmatige) liefde in de belangstelling. Stereotiepe
karakters. Happy end.
Dyskolos = vert. mensenhater
Pagina 4 van 42