Bestuursrecht
Praktisch
Belangrijk om wet te vermelden op examen! (enkel WB gebruiken op examen, niets zelf adrukken!).
Kernbegrippen in frans en engels gaat op examen niet vragen, maar in haar examens verwerkt ze
wel 1 franstalig begrip in een vraag en dat moeten we begrijpen om de vraag te kunnen begrijpen.
Engelstalige begrippen niet echt kennen, eerder focus op frans.
Examen: mondeling 15min, met schriftelijke voorbereiding. 2 hoofdvragen en ze stelt bijvragen.
45min voorbereidingstijd, groep die binnekomt met 8 personen, we weten direct of we door zijn.
Modelantwoord max ¾ zinnen. Een ja nee vraag moet je beginnen met ja of nee, anders
wordt ze pissig.
Bij grote vragen kan je in min gaan voor punten, als ze vindt dat het basiskennis is.
Stelt bijvragen op examen: omdat we niet goed bezig zijn en ons op het goede spoor te zetten, of
omdat we zo goed bezig zijn en ons punten naar boven schuift
2 vragen, staan elk op 10punten, ene is theorievraag andere is casus. Ze trekt punten af voor zware
fouten.
Vb. Staatshervorming heeft niets te maken met indeling van belgie! vb zware fout
Bondig en kort antwoorden op examen, niet meer dan 1 blad voor een vraag
niet uitwijken maar echt op de vraag antwoorden, werkt op haar zenuwen.
Inhoudsopgave
1
,Bestuursrecht................................................................................................1
Deel I. Bestuursrecht: begrip, indeling, functies, kenmerken en bronnen..........5
I. Begrip ‘bestuursrecht’.................................................................................6
1. Formeel-juridische definitie........................................................................................6
Formeel-juridische definitie.......................................................................................... 12
2. Omschrijving vanuit relaties.....................................................................................13
3. Omschrijving vanuit materiële bevoegdheid van het bestuur...................................14
II. Indeling bestuursrecht.............................................................................17
Algemeen vs. bijzonder bestuursrecht..........................................................................17
Algemeen bestuursrecht gaat over globale themas van bestuursrecht........................17
III. Functies bestuursrecht............................................................................18
IV. Kenmerken bestuursrecht........................................................................19
1. Bestuursrecht als uitzonderingsrecht........................................................................19
2. Meergelaagdheid van het bestuursrecht...................................................................25
V. Bronnen bestuursrecht.............................................................................29
Bronnen bestuursrecht.................................................................................................30
Bronnen positief bestuursrecht.....................................................................................32
Link (Deel I) Bronnen– (Deel II) instrumentarium..........................................................37
DEEL II Hoofdstukken I en II: Besluitvormingsinstrumenten............................39
Globaal overzicht.......................................................................................................... 39
Globaal overzicht (2)..................................................................................................... 39
Globaal overzicht (3)..................................................................................................... 40
Globaal overzicht (4)..................................................................................................... 40
De eenzijdige bestuurlijke rechtshandeling (EBR).........................................................40
Indelingen naar de inhoud............................................................................................53
Indelingen naar de vorm............................................................................................... 63
Soorten omzendbrieven................................................................................................ 85
Soorten omzendbrieven................................................................................................ 87
Soorten omzendbrieven................................................................................................ 89
Hoofdstukken III IV: Besluitvormingsinstrumenten.........................................91
Het contractuele spoor: de overeenkomst met het bestuur..........................................91
DEEL III Hoofdstuk I: Mensen en middelen...................................................103
Hoofdstuk I: Rechtsregime van het overheidspersoneel.............................................104
Bestuursrecht – DEEL III Hoofdstuk II: Mensen en middelen..........................127
Hoofdstuk II. Rechtsregime van de goederen in het bestuursrecht.............................127
DEEL IV Hoofdstuk I: Bestuursorganisatie....................................................147
2
, Hoofdstuk I. Bestuursorganisatie................................................................................148
Hoofdstuk II. Het begrip ‘bestuur’...............................................................................173
DEEL V: preventieve rechtsbescherming tegen het bestuur en algemene
rechtsbeginselen........................................................................................181
Hoofdstuk I. Inleiding.................................................................................................. 181
Hoofdstuk II. Wettigheids- of legaliteitsbeginsel.........................................................182
Hoofdstuk III. Beginselen van behoorlijk bestuur........................................................186
Hoofdstuk IV. Wetten of beginselen van de openbare dienst......................................216
Hoofdstuk V. Formele motivering van bestuurshandelingen.......................................220
Hoofdstuk VI: openbaarheid van bestuur - Zelfstudie openbaarheid van
(bestuurs)documenten...............................................................................................232
Hoofdstuk VII: participatie en inspraak.......................................................................258
Hoofdstuk VII: Taalgebruik in bestuurszaken..............................................................258
Deel VI Curatieve rechtsbescherming tegen het bestuur..............................258
Hoofdstuk II. Interne klachtenbehandeling en ombudsdiensten..................................259
Hoofdstuk III. Bestuurlijke beroepen...........................................................................261
DEEL VI, Hoofdstuk IV, afdeling 1 en 2.........................................................269
Hoofdstuk IV. Jurisdictionele beroepen........................................................................270
Hoofdstuk IV, afdeling 3 t.e.m. RvS als annulatierechter en rechter in kort
geding....................................................................................................... 284
Hoofdstuk IV. Jurisdictionele beroepen........................................................................285
Hoofdstuk IV, afdeling 3, RvS als cassatie-rechter, rechter in volle rechtsmacht,
art. 11 en 11bis RvS-Wet.............................................................................307
Raad van State als administratieve cassatierechter...................................................307
Raad van State als rechter in laatste aanleg in volle rechtsmacht..............................307
Schadevergoeding tot herstel.....................................................................................309
DEEL VI, Hoofdstuk IV (einde) en Hoofdstuk V..............................................313
Rechtspleging voor de afdeling Bestuursrechtspraak.................................................313
Rechtscolleges DBRC en andere bijzondere bestuursrechters....................................319
Schema p. 664-665..................................................................................................... 322
Hoofdstuk V. Alternatieve conflictoplossing met de overheid.....................................323
Bemiddeling................................................................................................................ 324
Deel I. Bestuursrecht: begrip, indeling, functies, kenmerken en bronnen..........4
I. Begrip ‘bestuursrecht’.................................................................................4
1. Formeel-juridische definitie.....................................................................................5
2. Omschrijving vanuit relaties..................................................................................11
3. Omschrijving vanuit materiële bevoegdheid van het bestuur...............................12
II. Indeling bestuursrecht...............................................................................15
3
, Algemeen vs. bijzonder bestuursrecht..........................................................................15
III. Functies bestuursrecht...............................................................................16
IV. Kenmerken bestuursrecht...........................................................................17
1. Bestuursrecht als uitzonderingsrecht....................................................................17
2. Meergelaagdheid van het bestuursrecht...............................................................23
V. Bronnen bestuursrecht...............................................................................27
Bronnen bestuursrecht.................................................................................................27
Bronnen positief bestuursrecht.....................................................................................29
Link (Deel I) Bronnen– (Deel II) instrumentarium..........................................................34
DEEL II Hoofdstukken I en II: Besluitvormingsinstrumenten...........................36
Globaal overzicht.......................................................................................................... 36
De eenzijdige bestuurlijke rechtshandeling (EBR).........................................................37
Indelingen naar de inhoud............................................................................................50
Indelingen naar de vorm............................................................................................... 59
Soorten omzendbrieven................................................................................................ 80
Hoofdstukken III IV: Besluitvormingsinstrumenten.................................................86
Het contractuele spoor: de overeenkomst met het bestuur..........................................86
DEEL III Hoofdstuk I: Mensen en middelen....................................................97
Hoofdstuk I: Rechtsregime van het overheidspersoneel...............................................98
Hoofdstuk II. Rechtsregime van de goederen in het bestuursrecht............................119
DEEL IV Hoofdstuk I: Bestuursorganisatie...................................................139
Hoofdstuk I. Bestuursorganisatie................................................................................139
Hoofdstuk II. Het begrip ‘bestuur’...............................................................................162
DEEL V: preventieve rechtsbescherming tegen het bestuur en algemene
rechtsbeginselen........................................................................................170
Hoofdstuk I. Inleiding.................................................................................................. 170
Hoofdstuk II. Wettigheids- of legaliteitsbeginsel.........................................................170
Hoofdstuk III. Beginselen van behoorlijk bestuur........................................................174
Hoofdstuk IV. Wetten of beginselen van de openbare dienst......................................202
Hoofdstuk V. Formele motivering van bestuurshandelingen.......................................206
Hoofdstuk VI: openbaarheid van bestuur - Zelfstudie openbaarheid van
(bestuurs)documenten...............................................................................................217
Hoofdstuk VII: participatie en inspraak.......................................................................241
Hoofdstuk VII: Taalgebruik in bestuurszaken..............................................................241
Deel VI Curatieve rechtsbescherming tegen het bestuur..............................242
Hoofdstuk II. Interne klachtenbehandeling en ombudsdiensten.................................242
Hoofdstuk III. Bestuurlijke beroepen...........................................................................245
4
Praktisch
Belangrijk om wet te vermelden op examen! (enkel WB gebruiken op examen, niets zelf adrukken!).
Kernbegrippen in frans en engels gaat op examen niet vragen, maar in haar examens verwerkt ze
wel 1 franstalig begrip in een vraag en dat moeten we begrijpen om de vraag te kunnen begrijpen.
Engelstalige begrippen niet echt kennen, eerder focus op frans.
Examen: mondeling 15min, met schriftelijke voorbereiding. 2 hoofdvragen en ze stelt bijvragen.
45min voorbereidingstijd, groep die binnekomt met 8 personen, we weten direct of we door zijn.
Modelantwoord max ¾ zinnen. Een ja nee vraag moet je beginnen met ja of nee, anders
wordt ze pissig.
Bij grote vragen kan je in min gaan voor punten, als ze vindt dat het basiskennis is.
Stelt bijvragen op examen: omdat we niet goed bezig zijn en ons op het goede spoor te zetten, of
omdat we zo goed bezig zijn en ons punten naar boven schuift
2 vragen, staan elk op 10punten, ene is theorievraag andere is casus. Ze trekt punten af voor zware
fouten.
Vb. Staatshervorming heeft niets te maken met indeling van belgie! vb zware fout
Bondig en kort antwoorden op examen, niet meer dan 1 blad voor een vraag
niet uitwijken maar echt op de vraag antwoorden, werkt op haar zenuwen.
Inhoudsopgave
1
,Bestuursrecht................................................................................................1
Deel I. Bestuursrecht: begrip, indeling, functies, kenmerken en bronnen..........5
I. Begrip ‘bestuursrecht’.................................................................................6
1. Formeel-juridische definitie........................................................................................6
Formeel-juridische definitie.......................................................................................... 12
2. Omschrijving vanuit relaties.....................................................................................13
3. Omschrijving vanuit materiële bevoegdheid van het bestuur...................................14
II. Indeling bestuursrecht.............................................................................17
Algemeen vs. bijzonder bestuursrecht..........................................................................17
Algemeen bestuursrecht gaat over globale themas van bestuursrecht........................17
III. Functies bestuursrecht............................................................................18
IV. Kenmerken bestuursrecht........................................................................19
1. Bestuursrecht als uitzonderingsrecht........................................................................19
2. Meergelaagdheid van het bestuursrecht...................................................................25
V. Bronnen bestuursrecht.............................................................................29
Bronnen bestuursrecht.................................................................................................30
Bronnen positief bestuursrecht.....................................................................................32
Link (Deel I) Bronnen– (Deel II) instrumentarium..........................................................37
DEEL II Hoofdstukken I en II: Besluitvormingsinstrumenten............................39
Globaal overzicht.......................................................................................................... 39
Globaal overzicht (2)..................................................................................................... 39
Globaal overzicht (3)..................................................................................................... 40
Globaal overzicht (4)..................................................................................................... 40
De eenzijdige bestuurlijke rechtshandeling (EBR).........................................................40
Indelingen naar de inhoud............................................................................................53
Indelingen naar de vorm............................................................................................... 63
Soorten omzendbrieven................................................................................................ 85
Soorten omzendbrieven................................................................................................ 87
Soorten omzendbrieven................................................................................................ 89
Hoofdstukken III IV: Besluitvormingsinstrumenten.........................................91
Het contractuele spoor: de overeenkomst met het bestuur..........................................91
DEEL III Hoofdstuk I: Mensen en middelen...................................................103
Hoofdstuk I: Rechtsregime van het overheidspersoneel.............................................104
Bestuursrecht – DEEL III Hoofdstuk II: Mensen en middelen..........................127
Hoofdstuk II. Rechtsregime van de goederen in het bestuursrecht.............................127
DEEL IV Hoofdstuk I: Bestuursorganisatie....................................................147
2
, Hoofdstuk I. Bestuursorganisatie................................................................................148
Hoofdstuk II. Het begrip ‘bestuur’...............................................................................173
DEEL V: preventieve rechtsbescherming tegen het bestuur en algemene
rechtsbeginselen........................................................................................181
Hoofdstuk I. Inleiding.................................................................................................. 181
Hoofdstuk II. Wettigheids- of legaliteitsbeginsel.........................................................182
Hoofdstuk III. Beginselen van behoorlijk bestuur........................................................186
Hoofdstuk IV. Wetten of beginselen van de openbare dienst......................................216
Hoofdstuk V. Formele motivering van bestuurshandelingen.......................................220
Hoofdstuk VI: openbaarheid van bestuur - Zelfstudie openbaarheid van
(bestuurs)documenten...............................................................................................232
Hoofdstuk VII: participatie en inspraak.......................................................................258
Hoofdstuk VII: Taalgebruik in bestuurszaken..............................................................258
Deel VI Curatieve rechtsbescherming tegen het bestuur..............................258
Hoofdstuk II. Interne klachtenbehandeling en ombudsdiensten..................................259
Hoofdstuk III. Bestuurlijke beroepen...........................................................................261
DEEL VI, Hoofdstuk IV, afdeling 1 en 2.........................................................269
Hoofdstuk IV. Jurisdictionele beroepen........................................................................270
Hoofdstuk IV, afdeling 3 t.e.m. RvS als annulatierechter en rechter in kort
geding....................................................................................................... 284
Hoofdstuk IV. Jurisdictionele beroepen........................................................................285
Hoofdstuk IV, afdeling 3, RvS als cassatie-rechter, rechter in volle rechtsmacht,
art. 11 en 11bis RvS-Wet.............................................................................307
Raad van State als administratieve cassatierechter...................................................307
Raad van State als rechter in laatste aanleg in volle rechtsmacht..............................307
Schadevergoeding tot herstel.....................................................................................309
DEEL VI, Hoofdstuk IV (einde) en Hoofdstuk V..............................................313
Rechtspleging voor de afdeling Bestuursrechtspraak.................................................313
Rechtscolleges DBRC en andere bijzondere bestuursrechters....................................319
Schema p. 664-665..................................................................................................... 322
Hoofdstuk V. Alternatieve conflictoplossing met de overheid.....................................323
Bemiddeling................................................................................................................ 324
Deel I. Bestuursrecht: begrip, indeling, functies, kenmerken en bronnen..........4
I. Begrip ‘bestuursrecht’.................................................................................4
1. Formeel-juridische definitie.....................................................................................5
2. Omschrijving vanuit relaties..................................................................................11
3. Omschrijving vanuit materiële bevoegdheid van het bestuur...............................12
II. Indeling bestuursrecht...............................................................................15
3
, Algemeen vs. bijzonder bestuursrecht..........................................................................15
III. Functies bestuursrecht...............................................................................16
IV. Kenmerken bestuursrecht...........................................................................17
1. Bestuursrecht als uitzonderingsrecht....................................................................17
2. Meergelaagdheid van het bestuursrecht...............................................................23
V. Bronnen bestuursrecht...............................................................................27
Bronnen bestuursrecht.................................................................................................27
Bronnen positief bestuursrecht.....................................................................................29
Link (Deel I) Bronnen– (Deel II) instrumentarium..........................................................34
DEEL II Hoofdstukken I en II: Besluitvormingsinstrumenten...........................36
Globaal overzicht.......................................................................................................... 36
De eenzijdige bestuurlijke rechtshandeling (EBR).........................................................37
Indelingen naar de inhoud............................................................................................50
Indelingen naar de vorm............................................................................................... 59
Soorten omzendbrieven................................................................................................ 80
Hoofdstukken III IV: Besluitvormingsinstrumenten.................................................86
Het contractuele spoor: de overeenkomst met het bestuur..........................................86
DEEL III Hoofdstuk I: Mensen en middelen....................................................97
Hoofdstuk I: Rechtsregime van het overheidspersoneel...............................................98
Hoofdstuk II. Rechtsregime van de goederen in het bestuursrecht............................119
DEEL IV Hoofdstuk I: Bestuursorganisatie...................................................139
Hoofdstuk I. Bestuursorganisatie................................................................................139
Hoofdstuk II. Het begrip ‘bestuur’...............................................................................162
DEEL V: preventieve rechtsbescherming tegen het bestuur en algemene
rechtsbeginselen........................................................................................170
Hoofdstuk I. Inleiding.................................................................................................. 170
Hoofdstuk II. Wettigheids- of legaliteitsbeginsel.........................................................170
Hoofdstuk III. Beginselen van behoorlijk bestuur........................................................174
Hoofdstuk IV. Wetten of beginselen van de openbare dienst......................................202
Hoofdstuk V. Formele motivering van bestuurshandelingen.......................................206
Hoofdstuk VI: openbaarheid van bestuur - Zelfstudie openbaarheid van
(bestuurs)documenten...............................................................................................217
Hoofdstuk VII: participatie en inspraak.......................................................................241
Hoofdstuk VII: Taalgebruik in bestuurszaken..............................................................241
Deel VI Curatieve rechtsbescherming tegen het bestuur..............................242
Hoofdstuk II. Interne klachtenbehandeling en ombudsdiensten.................................242
Hoofdstuk III. Bestuurlijke beroepen...........................................................................245
4