Medische Beelvorming
Inhoudsopgave
1 Hoofdstuk 1: Röntgen Onderzoek.................................................................2
1.1 RX opname............................................................................................................... 2
1.2 2-dimensionaal......................................................................................................... 2
1.3 Verschillende beelden in verschillende posities........................................................2
1.3.1 Mogelijke posities van de voet............................................................................3
1.4 Waarvoor wordt een RX vooral gebruikt?..................................................................4
1.5 Nadelen van een 2-dimensionale RX........................................................................5
1.6 Wat wordt zichtbaar?................................................................................................ 6
1.6.1 Stralingsabsorbtie.............................................................................................. 6
1.6.2 Wat wordt zichtbaar?.......................................................................................... 6
1.7 4 RX opnames, 4 verschillende aandoeningen..........................................................7
1.7.1 Enkel.................................................................................................................. 7
1.7.2 De Calcaneus................................................................................................... 10
1.7.3 Voet.................................................................................................................. 10
1.8 Artrose.................................................................................................................... 12
1.9 Accesoire botjes...................................................................................................... 13
1.10 Heup..................................................................................................................... 14
1.10.1 Lauenstein-opname........................................................................................14
2 Hoofdstuk 2: 3-dimensionaal Röntgenonderzoek.........................................15
2.1 CT-Scan (Computertomografie):..............................................................................15
2.2 Gebruik van CT....................................................................................................... 15
2.3 Arthro-CT of Arthrografie........................................................................................17
3 Hoofdstuk 3: Magnetic imaging..................................................................18
3.1 MRI......................................................................................................................... 18
3.1.1 Voor- en Nadelen:............................................................................................. 18
3.1.2 T1 -gewogen beelden.......................................................................................19
3.1.3 T2 -gewogen beelden.......................................................................................19
3.1.4 T2 – vetgesatureerde beelden..........................................................................20
3.2 MSK: T2 vetgesatureerd.......................................................................................... 21
4 Hoofdstuk 4: Echografie.............................................................................22
4.1 MSK echografie....................................................................................................... 23
4.1.1 Echografisch uitzicht van een spier..................................................................23
4.1.2 Het echografisch uitzicht van een pees............................................................25
4.1.3 Het echografisch uitzicht van een zenuw.........................................................26
4.1.4 Echografisch uitzicht van bot...........................................................................27
4.1.5 Echografisch uitzicht van kraakbeen................................................................27
4.1.6 Echografisch uitzicht van een bursa / slijmbeurs..............................................27
4.1.7 Echografisch uitzicht van vocht en bloed.........................................................28
4.1.8 Echografisch uitzicht van het gewrichtskapsel.................................................28
4.1.9 Echografisch uitzicht van een ligament............................................................28
4.2 De knie................................................................................................................... 28
, 4.2.1 Patellapees....................................................................................................... 29
4.2.2 Recessus suprapatellaris..................................................................................29
4.2.3 SAX patellapees............................................................................................... 30
4.2.4 LAX patellapees................................................................................................ 30
4.3 Achillespees AP....................................................................................................... 30
1 Hoofdstuk 1: Röntgen Onderzoek
1.1 RX opname
Een RX, of röntgenfoto = is een medische beeldvormingstechniek die
gebruik maakt van röntgenstralen om beelden van de interne
structuren van het lichaam te produceren.
Er ontstaat een tweedimensionaal beeld van de bestraalde
lichaamsstructuren.
1.2 2-dimensionaal
Een radiologisch beeld is een 2 dimensionale projectie van een 3
dimensionaal voorwerp.
Altijd 2 beelden bekijken voor een 3-D zicht.
Het beeld is een platte projectie waardoor je niet ziet wat onder en boven
is of mediaal en lateraal
Hierdoor moet je meerdere hoeken bekijken van het voorwerp
Zo kan je bij een RX zowel de structuren die mediaal als lateraal
gelegen zijn zien.
1.3 Verschillende beelden in verschillende posities
1. Antero-posterieur (AP):
Bij deze positie staat de patiënt met de voorkant van het lichaam
tegen het röntgenapparaat
Terwijl de stralen door het lichaam van voor naar achteren gaan.
Vaak gebruikt voor
o Borstkas
o Buikröntgenfoto's.
2. Postero-anterieur (PA):
Het tegenovergestelde van de AP-positie
P staat met de rug naar het röntgenapparaat staat.
Vaak gebruikt voor
o Thoracale (borst) röntgenfoto's.
, 3. Lateraal:
Bij deze positie staat de patiënt zijwaarts ten opzichte van het
röntgenapparaat.
Wordt gebruikt voor röntgenfoto's van de
o Wervelkolom
o Ribben
o Andere structuren die zijdelings moeten worden bekeken.
4. Decubitus:
Bij deze positie ligt de patiënt op zijn zij, rug of buik, afhankelijk van
het te onderzoeken lichaamsdeel.
5. Oblique:
Bij deze positie wordt het lichaam enigszins gedraaid ten opzichte
van het röntgenapparaat.
Dit kan worden gebruikt om specifieke structuren beter te
visualiseren die anders mogelijk overlapt zouden zijn op een
standaard röntgenfoto.
1.3.1Mogelijke posities van de voet
Weight bearing
o P staat recht in stand
o Belaste positie voor de voet
Non weight bearing
o In langzit
o Onbelaste positie voor de voet
Stress opname:
o hierbij wordt het gewricht in een specifieke stand door de
onderzoeker gefixeerd
o In die positie wordt stress gecreërd in de voet bv. In het
gewricht, op de ligamenten, spieren…
Dorso-plantair
Oblique:
o Afhankelijk van welk deel naar de tafel moet worden geplaatst
o mediaal oblique
Voet in eversie
Mediale zijde naar de tafel
o lateraal opblique
Voet in inversie
Laterale voetrand naar de tafel)
, Lateraal
1.4 Waarvoor wordt een RX vooral gebruikt?
1. Botten:
Röntgenfoto's zijn uitstekend geschikt voor het visualiseren van botten
in het menselijk lichaam. Ze kunnen:
Breuken
Botafwijkingen
Botvergroeiingen
Andere botgerelateerde aandoeningen diagnosticeren.
2. Gewrichten:
RX-beelden kunnen ook worden gebruikt om de gewrichten te evalueren.
Inclusief de gewrichtsruimte
Botstructuren rondom het gewricht
Eventuele abnormale botgroei.
3. Tanden en Kaakbot:
In de tandheelkunde wordt dit heel frequent gebruikt om tandbederf,
tandwortelafwijking en kaakbotstructuur te beoordelen.
4. Longen en Borstkas:
Hoewel röntgenfoto's geen gedetailleerde weergave geven van zachte
weefsels, kunnen ze worden gebruikt om de longen, ribben en borstkas te
onderzoeken op aandoeningen zoals:
Longontsteking
Ribfracturen
Pleuravocht
Andere thoracale aandoeningen.
Inhoudsopgave
1 Hoofdstuk 1: Röntgen Onderzoek.................................................................2
1.1 RX opname............................................................................................................... 2
1.2 2-dimensionaal......................................................................................................... 2
1.3 Verschillende beelden in verschillende posities........................................................2
1.3.1 Mogelijke posities van de voet............................................................................3
1.4 Waarvoor wordt een RX vooral gebruikt?..................................................................4
1.5 Nadelen van een 2-dimensionale RX........................................................................5
1.6 Wat wordt zichtbaar?................................................................................................ 6
1.6.1 Stralingsabsorbtie.............................................................................................. 6
1.6.2 Wat wordt zichtbaar?.......................................................................................... 6
1.7 4 RX opnames, 4 verschillende aandoeningen..........................................................7
1.7.1 Enkel.................................................................................................................. 7
1.7.2 De Calcaneus................................................................................................... 10
1.7.3 Voet.................................................................................................................. 10
1.8 Artrose.................................................................................................................... 12
1.9 Accesoire botjes...................................................................................................... 13
1.10 Heup..................................................................................................................... 14
1.10.1 Lauenstein-opname........................................................................................14
2 Hoofdstuk 2: 3-dimensionaal Röntgenonderzoek.........................................15
2.1 CT-Scan (Computertomografie):..............................................................................15
2.2 Gebruik van CT....................................................................................................... 15
2.3 Arthro-CT of Arthrografie........................................................................................17
3 Hoofdstuk 3: Magnetic imaging..................................................................18
3.1 MRI......................................................................................................................... 18
3.1.1 Voor- en Nadelen:............................................................................................. 18
3.1.2 T1 -gewogen beelden.......................................................................................19
3.1.3 T2 -gewogen beelden.......................................................................................19
3.1.4 T2 – vetgesatureerde beelden..........................................................................20
3.2 MSK: T2 vetgesatureerd.......................................................................................... 21
4 Hoofdstuk 4: Echografie.............................................................................22
4.1 MSK echografie....................................................................................................... 23
4.1.1 Echografisch uitzicht van een spier..................................................................23
4.1.2 Het echografisch uitzicht van een pees............................................................25
4.1.3 Het echografisch uitzicht van een zenuw.........................................................26
4.1.4 Echografisch uitzicht van bot...........................................................................27
4.1.5 Echografisch uitzicht van kraakbeen................................................................27
4.1.6 Echografisch uitzicht van een bursa / slijmbeurs..............................................27
4.1.7 Echografisch uitzicht van vocht en bloed.........................................................28
4.1.8 Echografisch uitzicht van het gewrichtskapsel.................................................28
4.1.9 Echografisch uitzicht van een ligament............................................................28
4.2 De knie................................................................................................................... 28
, 4.2.1 Patellapees....................................................................................................... 29
4.2.2 Recessus suprapatellaris..................................................................................29
4.2.3 SAX patellapees............................................................................................... 30
4.2.4 LAX patellapees................................................................................................ 30
4.3 Achillespees AP....................................................................................................... 30
1 Hoofdstuk 1: Röntgen Onderzoek
1.1 RX opname
Een RX, of röntgenfoto = is een medische beeldvormingstechniek die
gebruik maakt van röntgenstralen om beelden van de interne
structuren van het lichaam te produceren.
Er ontstaat een tweedimensionaal beeld van de bestraalde
lichaamsstructuren.
1.2 2-dimensionaal
Een radiologisch beeld is een 2 dimensionale projectie van een 3
dimensionaal voorwerp.
Altijd 2 beelden bekijken voor een 3-D zicht.
Het beeld is een platte projectie waardoor je niet ziet wat onder en boven
is of mediaal en lateraal
Hierdoor moet je meerdere hoeken bekijken van het voorwerp
Zo kan je bij een RX zowel de structuren die mediaal als lateraal
gelegen zijn zien.
1.3 Verschillende beelden in verschillende posities
1. Antero-posterieur (AP):
Bij deze positie staat de patiënt met de voorkant van het lichaam
tegen het röntgenapparaat
Terwijl de stralen door het lichaam van voor naar achteren gaan.
Vaak gebruikt voor
o Borstkas
o Buikröntgenfoto's.
2. Postero-anterieur (PA):
Het tegenovergestelde van de AP-positie
P staat met de rug naar het röntgenapparaat staat.
Vaak gebruikt voor
o Thoracale (borst) röntgenfoto's.
, 3. Lateraal:
Bij deze positie staat de patiënt zijwaarts ten opzichte van het
röntgenapparaat.
Wordt gebruikt voor röntgenfoto's van de
o Wervelkolom
o Ribben
o Andere structuren die zijdelings moeten worden bekeken.
4. Decubitus:
Bij deze positie ligt de patiënt op zijn zij, rug of buik, afhankelijk van
het te onderzoeken lichaamsdeel.
5. Oblique:
Bij deze positie wordt het lichaam enigszins gedraaid ten opzichte
van het röntgenapparaat.
Dit kan worden gebruikt om specifieke structuren beter te
visualiseren die anders mogelijk overlapt zouden zijn op een
standaard röntgenfoto.
1.3.1Mogelijke posities van de voet
Weight bearing
o P staat recht in stand
o Belaste positie voor de voet
Non weight bearing
o In langzit
o Onbelaste positie voor de voet
Stress opname:
o hierbij wordt het gewricht in een specifieke stand door de
onderzoeker gefixeerd
o In die positie wordt stress gecreërd in de voet bv. In het
gewricht, op de ligamenten, spieren…
Dorso-plantair
Oblique:
o Afhankelijk van welk deel naar de tafel moet worden geplaatst
o mediaal oblique
Voet in eversie
Mediale zijde naar de tafel
o lateraal opblique
Voet in inversie
Laterale voetrand naar de tafel)
, Lateraal
1.4 Waarvoor wordt een RX vooral gebruikt?
1. Botten:
Röntgenfoto's zijn uitstekend geschikt voor het visualiseren van botten
in het menselijk lichaam. Ze kunnen:
Breuken
Botafwijkingen
Botvergroeiingen
Andere botgerelateerde aandoeningen diagnosticeren.
2. Gewrichten:
RX-beelden kunnen ook worden gebruikt om de gewrichten te evalueren.
Inclusief de gewrichtsruimte
Botstructuren rondom het gewricht
Eventuele abnormale botgroei.
3. Tanden en Kaakbot:
In de tandheelkunde wordt dit heel frequent gebruikt om tandbederf,
tandwortelafwijking en kaakbotstructuur te beoordelen.
4. Longen en Borstkas:
Hoewel röntgenfoto's geen gedetailleerde weergave geven van zachte
weefsels, kunnen ze worden gebruikt om de longen, ribben en borstkas te
onderzoeken op aandoeningen zoals:
Longontsteking
Ribfracturen
Pleuravocht
Andere thoracale aandoeningen.