(COLLEGE 1 WAS INLEIDING)
Examen: enkel hoorcolleges kennen
Dus brieven moeten we kennen omdat we dit hebben behandeld tijdens
het hoorcollege (IRAC niet meer kennen)
COLLEGE 2
WAT IS GOED NEDERLANDS?
TAAL VARIEERT
Taal evolueert doorheen de tijd (= diachroon)
- Spelling is veranderd (bv. roode – rode)
- Woordenschat (bv. nachtwolken hoor je nu niet meer)
- Grammatica, maar evolueert trager
Taal varieert ook geografisch (= synchroon)
- Dialecten = lokale varianten die op elkaar lijken
DIALECTEN WAREN ER EERST EN STANDAARDTAAL VOLGDE
ACHTERAF
- Regiolecten = per regio (bv. gemeente, provincie)
- Sociolecten = groepen in de samenleving (bv. Juristen, dokters,…)
STANDAARDTAAL
Vanaf de renaissance was er nood aan een grotere vorm van begrijpelijke
communicatie. Latijn volstond niet meer als lingua franca.
Oplossing: taal variantiseren
Kenmerken van standaardtaal:
- Normbepalend
- Publieke domein
- Codificatie (vastgelegd in bv. woordenboeken)
Elementen in standaardtaal (volgens de Nederlandse Taalunie):
- Standaardtaal is uniform en bevat zo weinig mogelijk variatie, want
variatie zorgt voor storingen
- Standaardtaal is gecodificeerd = er zijn regels voor neergeschreven
- Standaardtaal is prestigieus = je gebruikt het in secundaire relaties
(bv. hoge opleiding, professionele competenties,…)
,Definitie van standaardtaal = die variant van het Nederlands dat
algemeen bruikbaar is in het publieke domein, d.w.z. in alle belangrijke
sectoren van het openbare leven, zoals het bestuur, de administratie, de
rechtspraak, het onderwijs en de media.
Standaardtaal is stilistisch en geografisch.
STANDAARDTAAL ALS EEN UI OF ATOOMKERN
In de kern: niemand twijfelt aan deze woorden (bv. appel: niemand
twijfelt of dit dialect is of niet)
Buiten de kern: niet iedereen vindt dit correct Nederlands (bv. frigobox,
allergisch zijn aan,…)
Helemaal buiten de kern: dialect (bv. blaffeturen)
WIE BEPAALT WAT STANDAARDTAAL IS?
Hoe komt standaardtaal tot stand? Doorheen de eeuwen zijn er
spraakmakende gemeente:
- Martine Tanghe
- Harry Mulisch
- Hugo Claus
- Staatshoofd
- Leerkrachten Nederlands
SOORTEN TAALNORMEN
Normen worden gebruikt om na te gaan of we dit gaan aanvaarden als
standaardtaal of niet.
- Historische norm
o Altijd zo geweest en dat blijft zo (bv. spelling)
- Autoriteitsnorm
o Bv. De koning gebruikt dit woord niet dus wordt niet gezien
als standaard Nederlands
- Logische norm
o Bepaalde systematiek benadrukken dus we willen logische
regels
- Statistische norm
o Meerderheid gebruikt het terwijl het in theorie anders is
- Zuiverheidsnorm
o Geen Engelse woorden gebruiken om ze te zuiveren zodat bv
bij de Franse taal Franse woorden blijft gebruikt worden
- Effectnorm
, o Woorden die consequent worden gebruikt
- Esthetische norm
o Literatuur, goed Nederlands is iets wat mooi is en aangenaam
is om te lezen
Statistische norm en effectnorm wegen zwaarder door dan anderen.
WAAR VIND JE DE NORM
Het woordenboek is de belangrijkste bron van standaardtaal = 3-delige
Van Dale
VAN DALE, 16 E EDITIE: INLEIDING
Waarom Van Dale?
- Van Dale zegt dat ze alleen standaardtaal overneemt = normatieve
keuze
- Van Dale is diplomatisch en labelt woorden met tijdsmarkering
verouderd, stilistische markeringen en vulgaire taal
VAN DALE, 16 E EDITIE: TOELICHTING
BE vs. NL = speciale aandacht voor woorden van België en Nederlands
- Zijn de jongste labels van Van Dale
- Vroeger werd standaardtaal beslist door de Nederlanders omdat ze
in de meerderheid waren
- Maar niet alle Vlaamse woorden worden aanvaard (bv. confituur =
aanvaard, goesting = niet aanvaard)
VAN DALE, 16 E EDITIE: VOORBEELD LABEL
Veel ambtelijke en juridische woorden zijn niet aanvaard (bv.
verrechtvaardigen = niet aanvaard, rechtvaardigen = aanvaard)
ALGEMENE NEDERLANDSE SPRAAKKUNST: INLEIDING BIJ DE DERDE
EDITIE
Wetenschappelijke grammatica = moeilijk om te raadplegen
Desiderata = wensen
ALGEMENE NEDERLANDSE SPRAAKKUNST: STANDAARDTAAL ALS
EEN UI
Niet afbakkend dus moeilijk om te bepalen wat aanvaardbaar is of niet
ALGEMENE NEDERLANDSE SPRAAKKUNST: INLEIDING