LES 1 : INLEIDING
SOCIAAL WERK ALS HANDELINGSPERSPECTIEF: ‘SHAPING THE SOCIAL’
SOCIAAL WERK ALS HANDELINGSPERSPECTIEF
Theorie-, beleids- en praktijkontwikkeling waarin we de relatie tussen het individu en de
samenleving actief vorm geven
• Agency - structuur, biografie - samenleving, leefwereld - systeem, …
Verschillende termen worden gebruikt
• Leefwereldoriëntatie (Grunwald & Thiersch, 2009) als sociaal-pedagogisch* handelingskader
1. Hoe werken ‘institutionele logica’s en probleemconstructies’ (wat we historisch en
maatschappelijk als evident zijn gaan beschouwen) in op de leefwereld en
betekenisverlening van burgers?
2. (Collectieve) aliënatie** van wat sociaal rechtvaardig is/ervaren wordt?
*Sociaal-pedagogisch handelingskader origine een Duits referentiekader, heel interessant vandaag
omdat er een historisch kader aan vasthangt 2 elementen die hierin belangrijk zijn
**Aliënatie de vraag van zijn we, omdat we dingen zo evident denken en doen, niet net bezig met ver af
te staan van wat we als sociaal rechtvaardig bekeken wordt
• De discrepantie tussen wat als evident gezien wordt en wat mogelijk geacht wordt in vraag stellen
• Reveleren van toekomstaspiraties: handelingsperspectief voor professionals vanuit perspectief
sociaal werk en sociale pedagogiek
• … it can always be asked whether things have to be as they are, whether they could
not be different. People are driven by a hunger, … for sufficient resources, creative
freedom, acceptance and meaning … .
• It is exactly these alternatives that are needed. In order to open oneself to new
options, the taken-for-granted must first be problematized, broken open
(Grunwald & Thiersch, 2009, 136-137)
Die discrepantie kan in vraag gesteld worden daar zit net een handelingsperspectief, mensen denken
na over aspiraties, dingen die ze al dan niet willen doen/anders willen doen. Als dingen blijken niet sociaal
rechtvaardig te zijn, moeten we dingen veranderen, moeten we het openbreken.
BENJAMIN
Onderzoek in een aantal steden/contexten onderdompelen en met de kinderen een gesprek opbouwen
die natuurlijk verliep.
1
,HET VERHAAL VAN BENJAMIN (7J), DE JONGEN MET DE NIEUWE FIETS
Ik krijg morgen mijn eigen nieuwe fiets van mijn papa, daar heeft hij voor gespaard! Ik woon hier kortbij.
Met mijn fiets ga ik buiten fietsen of met papa naar het provinciaal domein, maar ik kan ook zonder papa
met mijn vrienden naar school fietsen of naar hier (kinderwerking). Zelfs samen met mijn vrienden van het
tweede leerjaar, ik ben blijven zitten in het eerste. Ik wil politie worden later, maar nog liever postbode.
Dan moet ik alleen alles in brievenbussen steken en dat is niet veel werk, dan moet ik niet veel lezen,
alleen adressen, want ik kan dat toch niet. En een fiets heb ik nu al!
Ze geraken achterop in het onderwijs, dynamiek van een open toekomst aspiratie, heel veel kinderen zijn
nog redelijk wilde dromen, kind is 7 jaar. vervreemding van een open, sociaal, rechtvaardig
toekomstperspectief
SOCIAAL WERK ALS HANDELINGSPERPECTIEF
• Benjamin is getraumatiseerd en hij kan beschouwd worden als een slachtoffer, er moet
ingegrepen worden in zijn situatie (plaatsing vanwege slechte opvoeding?)
• Armoede moet niet geproblematiseerd worden gezien Benjamin zich daar niet van bewust is en
veerkrachtige strategieën van aanvaarding ontwikkelt en zich neerlegt bij zijn situatie (‘coping’)
• Als Griet Benjamin zag rondlopen en de andere kinderen, zagen die er niet triest uit ofzo,
ze zagen er niet uit van ‘ik heb het zwaar’. Kinderen waren behoorlijk competitief maar
toch zit er een probleem.
• Armoede moet niet geproblematiseerd worden, gezien Benjamin zich van het probleem bewust is
en creatieve strategieën van survival ontwikkelt en zoekt naar mobiliteit uit de armoede
• Armoede is een extreem hardnekkig sociaal probleem en moet geproblematiseerd worden,
gezien Benjamin achterop raakt op school en onvoldoende ondersteuning heeft, de moed er
in houdt maar tegelijk vervreemd raakt van een gebrek aan toekomstperspectief
Sociaal perspectief, sociale oriëntatie van handelen belangrijk dat je je er zelf niet bij neerlegt bv ah
Benjamin is getraumatiseerd van zijn slechte thuissituatie dus we zullen hem uit huis plaatsen. We
moeten ons gaan afvragen, is onze samenleving wel sociaal rechtvaardig voor hem?
Armoede is een hardnekkig maatschappelijk probleem en je ziet dat dit speelt via het onderwijs
=> jezelf de vraag stellen ‘is het onderwijssysteem wel oke?’
Bij een sociaal-pedagogisch perspectief zeg je dat het schoolsysteem niet goed bezig is die
moet herdenken wat die aan het doen is
• Het individu als focus van interventie: Trauma? Veerkracht? Survival?
• Shaping the social: (Collectieve) vervreemding, of verontwaardiging? De school als ‘institutionele
context’ als één van de pedagogische milieus – institutionele logica’s?
• Shaping the social = vorm geven aan het sociale
• Focus van interventie is trauma van Benjamin wegwerken/op zijn veerkracht werken
TERWIJL shaping the social gaat over het idee van die collectieve vervreemding
structureel, het is niet sociaal rechtvaardig
2
,ANDER VOORBEELD
SOCIAAL WERK ALS HANDELINGSPERSPECTIEF
Onderwijscentrum Gent is een organisatie die in Gent een koepel vormt voor alle onderwijsnetten
beleid ontwikkelen voor en met de scholen, ongeacht de oriëntatie van de scholen Vormen een paraplu
die sterk begaan is met armoedeproblematiek
Zijn scholen armoedeblind, of armoedebewust (sociale rechtvaardigheid)? Armoedebewustzijn = het
systeem klopt niet variëteit aan strategieën ontwikkeld door die verschillende scholen en die
verschillende netten
• Aangetekende brieven sturen en het inschakelen van deurwaarders om schoolfacturen te
vereffenen bij de gezinnen,
• Gezonde en betaalbare maaltijden op school (selectief en stigmatiserend, of universeel)
• Brugfiguren, of ook directie en leerkrachten?
• Scholen met brugfiguren expliciete link met OCMW, financieel en andere hulpbronnen
ondersteund
• Maximumfactuur en oorlogskas
• Pelicano voor kinderen in extreme armoede
• Samenwerking tussen OCMW, voorschoolse voorzieningen (kinderopvang) en (kleuter)school (in
Gent via zitdagen van OCMW-medewerkers op school om proactief aan rechtenverkenning te
doen als een vorm van maatschappelijke dienstverlening en ‘mensenwerk’),
• Idee van het voorzien van gezonde en betaalbare maaltijden op school keuzes achter
die stigmatiserend kunnen uitdraaien
• Bv container op school waar kinderen naartoe kunnen die geen eten hadden MAAR
zorgde voor kloof + je helpt dat gezin niet door die ene maaltijd op school
• Via automatische rechtentoekenning met de gezinnen aan de slag gaan: ook mensenwerk?
= voor en met de gezinnen wordt er bekeken waar de gezinsleden recht op hebben, kijken of ze
die rechten opnemen, zo nee, gaan ze die automatisch gaan toekennen
Illustratie zie dia 12-13.
MARIE
• Vrouw met een verstandelijke beperking en‘bijkomende gedragsstoornissen’, maar je kan haar
ook zien als iemand die veel meer sterktes heeft en zich beter kan bewegingen in de samenleving
dan dat wij dat door hebben.
• Opgegroeid in groot gezin in armoede. Ze kon haar plan trekken met haar boekje, vol
telefoonnummers van mensen.
• Gevaarlijke brieven voor Marie waren 50 euro biljetten, ze wist dat dat veel geld was
3
, • ‘Shaping the social’ – ambigu process!
• Corrigeren van storend, deviant gedrag? “Semblabiliser” (aan- en inpassen)
• Analfabeet (lezen, schrijven) versus een ‘boekske van maten’ en weglopen als
betekenisvolle daad van verzet
‘STRAATLUUPER’
Ze noemde haarzelf zo
Ze willen niet luisteren naar wat ik te zeggen heb. Dan moet ik op tafel slaan. Mijn gedacht zeggen. Het
helpt me niet altijd! Ik peper ze dan in: "Ik stop ermee! Er komt een einde aan wat ik kan verdragen. Ik loop
gewoon weg!" Ze weten wel waarom. Ik ben weg met de wind. Vrij als een vogel om uit te vliegen. Ik kan
gaan en staan waar ik wil. Trouwens, als ze commanderen dat ik hier de hele tijd in mijn huis moet blijven,
wordt het mijn gevangenis! Ik moet eruit. Ik muis weg. Ik stap op mijn bus.
Ik weet wel wat ik doe. Ja, ze doen me pijn. En als ze me pijn doen . . . dan kunnen ze maar beter voor me
uitkijken ja Roets! [Myriam (verzorger) zegt: “Ik zie u graag.” Wel ik zei: “Ik ook, maar je doet me ook zo
zeer. Daar kan ik niet tegen!" Dat heb ik ook tegen mijn moeder gezegd. Zij weet het. Alles over mij weet ze.
Ik vertel het haar op mijn gsm. Als ik ze zat ben, kunnen ze wachten tot ik terug ben om de problemen op te
lossen!
• Woonde in een huis met 4 vragen met soortgelijke handicaps. Ze had de gewoonte bij het gevoel
van onbegrip bij bgl, dat ze wegliep.
• Marie verzette haar fel tegen machtsrelaties, ze was meer fan van naast haar gaan staan en zich
afvragen ‘wat willen we hier samen?’
• Niet neerleggen bij de situatie maar wel in verzet gaan, wat er hier gebeurd, dit is niet sociaal
rechtvaardig dus ik moet mij daartegen verzetten
Marie in de stad, ze had veel mensen waar ze welkom was, behoorlijk graag gezien figuur was, leute en
ambiance als ze ergens binnenkwam.
Discrepantie als je Marie ontmoette in het huis, zag zij er niet zo ‘happy’ uit, was zij meer passief ze
moest haar gedragen. Als ze naar buiten kwam, was ze wie ze echt was
Aliënatie van wat sociaal rechtvaardig is
Illustratie zie dia 17.
Ze inspecteert mijn beha (die vrij basic is, zwart zonder fratsen) en begint dan te mopperen op die van haar
(die in mijn ogen is ontworpen als een typische borstvoedingsbeha). Haar oordeel over die van haar klinkt
als: “alleen maar rommel, tot op de draad versleten!”. Ik vraag haar heel terloops wie deze bij haar
gekocht heeft (“een zorgverlener,” natuurlijk) en of ze geen nieuwe kan kopen. Blijkbaar komt er een nieuw
probleem om de hoek kijken: Ze kan geen geld uitgeven, zelfs niet haar “zakgeld”, om zich een nieuwe
beha te veroorloven. Dus rond deze tijd is ze jarig. Ik vraag haar of ze misschien een “verjaardagsbeha”
van mij cadeau wil krijgen. Een week later leer ik dat als je in een groepswoning woont, je het risico loopt
een anonieme beha te hebben die door andere vrouwen gedragen wordt, dus moet je er een naam op
naaien (wat Marijke en haar moeder zelf doen).
• Iets uit het dagelijks leven van Marie, bleek te kloppen voor veel vrouwen met verstandelijke
beperking in dergelijke leefomgeving.
4
SOCIAAL WERK ALS HANDELINGSPERSPECTIEF: ‘SHAPING THE SOCIAL’
SOCIAAL WERK ALS HANDELINGSPERSPECTIEF
Theorie-, beleids- en praktijkontwikkeling waarin we de relatie tussen het individu en de
samenleving actief vorm geven
• Agency - structuur, biografie - samenleving, leefwereld - systeem, …
Verschillende termen worden gebruikt
• Leefwereldoriëntatie (Grunwald & Thiersch, 2009) als sociaal-pedagogisch* handelingskader
1. Hoe werken ‘institutionele logica’s en probleemconstructies’ (wat we historisch en
maatschappelijk als evident zijn gaan beschouwen) in op de leefwereld en
betekenisverlening van burgers?
2. (Collectieve) aliënatie** van wat sociaal rechtvaardig is/ervaren wordt?
*Sociaal-pedagogisch handelingskader origine een Duits referentiekader, heel interessant vandaag
omdat er een historisch kader aan vasthangt 2 elementen die hierin belangrijk zijn
**Aliënatie de vraag van zijn we, omdat we dingen zo evident denken en doen, niet net bezig met ver af
te staan van wat we als sociaal rechtvaardig bekeken wordt
• De discrepantie tussen wat als evident gezien wordt en wat mogelijk geacht wordt in vraag stellen
• Reveleren van toekomstaspiraties: handelingsperspectief voor professionals vanuit perspectief
sociaal werk en sociale pedagogiek
• … it can always be asked whether things have to be as they are, whether they could
not be different. People are driven by a hunger, … for sufficient resources, creative
freedom, acceptance and meaning … .
• It is exactly these alternatives that are needed. In order to open oneself to new
options, the taken-for-granted must first be problematized, broken open
(Grunwald & Thiersch, 2009, 136-137)
Die discrepantie kan in vraag gesteld worden daar zit net een handelingsperspectief, mensen denken
na over aspiraties, dingen die ze al dan niet willen doen/anders willen doen. Als dingen blijken niet sociaal
rechtvaardig te zijn, moeten we dingen veranderen, moeten we het openbreken.
BENJAMIN
Onderzoek in een aantal steden/contexten onderdompelen en met de kinderen een gesprek opbouwen
die natuurlijk verliep.
1
,HET VERHAAL VAN BENJAMIN (7J), DE JONGEN MET DE NIEUWE FIETS
Ik krijg morgen mijn eigen nieuwe fiets van mijn papa, daar heeft hij voor gespaard! Ik woon hier kortbij.
Met mijn fiets ga ik buiten fietsen of met papa naar het provinciaal domein, maar ik kan ook zonder papa
met mijn vrienden naar school fietsen of naar hier (kinderwerking). Zelfs samen met mijn vrienden van het
tweede leerjaar, ik ben blijven zitten in het eerste. Ik wil politie worden later, maar nog liever postbode.
Dan moet ik alleen alles in brievenbussen steken en dat is niet veel werk, dan moet ik niet veel lezen,
alleen adressen, want ik kan dat toch niet. En een fiets heb ik nu al!
Ze geraken achterop in het onderwijs, dynamiek van een open toekomst aspiratie, heel veel kinderen zijn
nog redelijk wilde dromen, kind is 7 jaar. vervreemding van een open, sociaal, rechtvaardig
toekomstperspectief
SOCIAAL WERK ALS HANDELINGSPERPECTIEF
• Benjamin is getraumatiseerd en hij kan beschouwd worden als een slachtoffer, er moet
ingegrepen worden in zijn situatie (plaatsing vanwege slechte opvoeding?)
• Armoede moet niet geproblematiseerd worden gezien Benjamin zich daar niet van bewust is en
veerkrachtige strategieën van aanvaarding ontwikkelt en zich neerlegt bij zijn situatie (‘coping’)
• Als Griet Benjamin zag rondlopen en de andere kinderen, zagen die er niet triest uit ofzo,
ze zagen er niet uit van ‘ik heb het zwaar’. Kinderen waren behoorlijk competitief maar
toch zit er een probleem.
• Armoede moet niet geproblematiseerd worden, gezien Benjamin zich van het probleem bewust is
en creatieve strategieën van survival ontwikkelt en zoekt naar mobiliteit uit de armoede
• Armoede is een extreem hardnekkig sociaal probleem en moet geproblematiseerd worden,
gezien Benjamin achterop raakt op school en onvoldoende ondersteuning heeft, de moed er
in houdt maar tegelijk vervreemd raakt van een gebrek aan toekomstperspectief
Sociaal perspectief, sociale oriëntatie van handelen belangrijk dat je je er zelf niet bij neerlegt bv ah
Benjamin is getraumatiseerd van zijn slechte thuissituatie dus we zullen hem uit huis plaatsen. We
moeten ons gaan afvragen, is onze samenleving wel sociaal rechtvaardig voor hem?
Armoede is een hardnekkig maatschappelijk probleem en je ziet dat dit speelt via het onderwijs
=> jezelf de vraag stellen ‘is het onderwijssysteem wel oke?’
Bij een sociaal-pedagogisch perspectief zeg je dat het schoolsysteem niet goed bezig is die
moet herdenken wat die aan het doen is
• Het individu als focus van interventie: Trauma? Veerkracht? Survival?
• Shaping the social: (Collectieve) vervreemding, of verontwaardiging? De school als ‘institutionele
context’ als één van de pedagogische milieus – institutionele logica’s?
• Shaping the social = vorm geven aan het sociale
• Focus van interventie is trauma van Benjamin wegwerken/op zijn veerkracht werken
TERWIJL shaping the social gaat over het idee van die collectieve vervreemding
structureel, het is niet sociaal rechtvaardig
2
,ANDER VOORBEELD
SOCIAAL WERK ALS HANDELINGSPERSPECTIEF
Onderwijscentrum Gent is een organisatie die in Gent een koepel vormt voor alle onderwijsnetten
beleid ontwikkelen voor en met de scholen, ongeacht de oriëntatie van de scholen Vormen een paraplu
die sterk begaan is met armoedeproblematiek
Zijn scholen armoedeblind, of armoedebewust (sociale rechtvaardigheid)? Armoedebewustzijn = het
systeem klopt niet variëteit aan strategieën ontwikkeld door die verschillende scholen en die
verschillende netten
• Aangetekende brieven sturen en het inschakelen van deurwaarders om schoolfacturen te
vereffenen bij de gezinnen,
• Gezonde en betaalbare maaltijden op school (selectief en stigmatiserend, of universeel)
• Brugfiguren, of ook directie en leerkrachten?
• Scholen met brugfiguren expliciete link met OCMW, financieel en andere hulpbronnen
ondersteund
• Maximumfactuur en oorlogskas
• Pelicano voor kinderen in extreme armoede
• Samenwerking tussen OCMW, voorschoolse voorzieningen (kinderopvang) en (kleuter)school (in
Gent via zitdagen van OCMW-medewerkers op school om proactief aan rechtenverkenning te
doen als een vorm van maatschappelijke dienstverlening en ‘mensenwerk’),
• Idee van het voorzien van gezonde en betaalbare maaltijden op school keuzes achter
die stigmatiserend kunnen uitdraaien
• Bv container op school waar kinderen naartoe kunnen die geen eten hadden MAAR
zorgde voor kloof + je helpt dat gezin niet door die ene maaltijd op school
• Via automatische rechtentoekenning met de gezinnen aan de slag gaan: ook mensenwerk?
= voor en met de gezinnen wordt er bekeken waar de gezinsleden recht op hebben, kijken of ze
die rechten opnemen, zo nee, gaan ze die automatisch gaan toekennen
Illustratie zie dia 12-13.
MARIE
• Vrouw met een verstandelijke beperking en‘bijkomende gedragsstoornissen’, maar je kan haar
ook zien als iemand die veel meer sterktes heeft en zich beter kan bewegingen in de samenleving
dan dat wij dat door hebben.
• Opgegroeid in groot gezin in armoede. Ze kon haar plan trekken met haar boekje, vol
telefoonnummers van mensen.
• Gevaarlijke brieven voor Marie waren 50 euro biljetten, ze wist dat dat veel geld was
3
, • ‘Shaping the social’ – ambigu process!
• Corrigeren van storend, deviant gedrag? “Semblabiliser” (aan- en inpassen)
• Analfabeet (lezen, schrijven) versus een ‘boekske van maten’ en weglopen als
betekenisvolle daad van verzet
‘STRAATLUUPER’
Ze noemde haarzelf zo
Ze willen niet luisteren naar wat ik te zeggen heb. Dan moet ik op tafel slaan. Mijn gedacht zeggen. Het
helpt me niet altijd! Ik peper ze dan in: "Ik stop ermee! Er komt een einde aan wat ik kan verdragen. Ik loop
gewoon weg!" Ze weten wel waarom. Ik ben weg met de wind. Vrij als een vogel om uit te vliegen. Ik kan
gaan en staan waar ik wil. Trouwens, als ze commanderen dat ik hier de hele tijd in mijn huis moet blijven,
wordt het mijn gevangenis! Ik moet eruit. Ik muis weg. Ik stap op mijn bus.
Ik weet wel wat ik doe. Ja, ze doen me pijn. En als ze me pijn doen . . . dan kunnen ze maar beter voor me
uitkijken ja Roets! [Myriam (verzorger) zegt: “Ik zie u graag.” Wel ik zei: “Ik ook, maar je doet me ook zo
zeer. Daar kan ik niet tegen!" Dat heb ik ook tegen mijn moeder gezegd. Zij weet het. Alles over mij weet ze.
Ik vertel het haar op mijn gsm. Als ik ze zat ben, kunnen ze wachten tot ik terug ben om de problemen op te
lossen!
• Woonde in een huis met 4 vragen met soortgelijke handicaps. Ze had de gewoonte bij het gevoel
van onbegrip bij bgl, dat ze wegliep.
• Marie verzette haar fel tegen machtsrelaties, ze was meer fan van naast haar gaan staan en zich
afvragen ‘wat willen we hier samen?’
• Niet neerleggen bij de situatie maar wel in verzet gaan, wat er hier gebeurd, dit is niet sociaal
rechtvaardig dus ik moet mij daartegen verzetten
Marie in de stad, ze had veel mensen waar ze welkom was, behoorlijk graag gezien figuur was, leute en
ambiance als ze ergens binnenkwam.
Discrepantie als je Marie ontmoette in het huis, zag zij er niet zo ‘happy’ uit, was zij meer passief ze
moest haar gedragen. Als ze naar buiten kwam, was ze wie ze echt was
Aliënatie van wat sociaal rechtvaardig is
Illustratie zie dia 17.
Ze inspecteert mijn beha (die vrij basic is, zwart zonder fratsen) en begint dan te mopperen op die van haar
(die in mijn ogen is ontworpen als een typische borstvoedingsbeha). Haar oordeel over die van haar klinkt
als: “alleen maar rommel, tot op de draad versleten!”. Ik vraag haar heel terloops wie deze bij haar
gekocht heeft (“een zorgverlener,” natuurlijk) en of ze geen nieuwe kan kopen. Blijkbaar komt er een nieuw
probleem om de hoek kijken: Ze kan geen geld uitgeven, zelfs niet haar “zakgeld”, om zich een nieuwe
beha te veroorloven. Dus rond deze tijd is ze jarig. Ik vraag haar of ze misschien een “verjaardagsbeha”
van mij cadeau wil krijgen. Een week later leer ik dat als je in een groepswoning woont, je het risico loopt
een anonieme beha te hebben die door andere vrouwen gedragen wordt, dus moet je er een naam op
naaien (wat Marijke en haar moeder zelf doen).
• Iets uit het dagelijks leven van Marie, bleek te kloppen voor veel vrouwen met verstandelijke
beperking in dergelijke leefomgeving.
4