beïnvloeding
Sociale beïnvloeding
= de uitoefening van sociale macht door een persoon of een groep om de attitudes en/ of het gedrag
van anderen te veranderen
Hannah Arendt: Banaliteit van het kwade: de massamoorden in WO2 waren opvolgingen van
bevelen en zat geen geweten achter.
1) Automatische sociale beïnvloeding
Automatische sociale beïnvloeding
= subtiele vorm van beïnvloeding waarop vrijwel reflexmatig gereageerd wordt
Imitatie door voorbijgangers
Cultuuroverdracht bij dieren bultrugwalvissen
Pasgeborenen baby’s en resusapen imiteren al snel gebaren
Kameleoneffect = volwassenen imiteren automatisch gedrag uit hun omgeving en passen zich aan als
een kameleon
Exp kameleoneffect
Synchronisatie doet interactie vlotter verlopen
Wanneer de handlanger aan zijn gezicht strijkt, doet de naïeve proefpersoon het ook.
Hetzelfde voor schudden met je been
Deelnemer die geïmiteerd worden door de handlanger, beoordelen de handlanger
positiever
Door imitatie maak je duidelijk dat je de ander begrijpt, waardoor de ander zich
begrepen voelt
Continuüm sociale beïnvloeding
Sociale beïnvloeding verloopt op een continuüm van automatische sociale beïnvloeding over
conformiteit en instemmen tot gehoorzaamheid, waarbij de mate van bewustzijn, explicietheid en
machtsongelijkheid geleidelijk toeneemt.
, 2) Conformiteit
Conformiteit
= neiging tot aanpassing van perceptie, opinies en gedrag om overeen te stemmen met normen
Individualistische/ westerse culturen wordt conformiteit gezien als een uiting van zwakheid
Essentieel onderdeel van elk maatschappelijk systeem, nodig om vreedzaam samen te leven
Veilig verkeer is ondenkbaar zonder conformiteit (vb: wij moeten ons aanpassen aan
groepsnormen in Engeland en links rijden)
Normen scheppen verwachtingen, zorgen voor gevoel van veiligheid en stroomlijnen interacties
Normen kunnen veranderen doorgeen de tijd (vb: borst-taille)
Gemeenschappelijke normen (vb: conversatieregels) vs unieke groepsnormen (vb: sekten,
voetbalclubs)
Kan ook schadelijk zijn: groepsdruk tot drinken, roken of vechten
2.1) De klassieke studies van conformiteit
Klassieke studies
Autokinetisch effect – Muzafer Sherif
Visuele illusie waarbij de realiteit is moeilijk te doorgronden is: een stilstaand lichtpunt in een
donkere kamer lijkt te bewegen
Er zijn individuele verschillen: de uitwijkingsafstand ligt tussen 2,5 en 25cm
Verschillende conditie:
Alleen conditie: schatting van de beweging stabiliseert na enkele minuten
Groepsconditie: alle verschillende individuele oordelen conformeren na 3 sessie tot 1
groepsoordeel
, Nieuweling in de groep adopteert de groepsnorm
Als je erna weer alleen moet zijn, hou je je vast aan de groepsnorm
Conformiteitsonderzoek – Asch
We hebben een standaardlijn en 3 vergelijkingslijnen. Welke lijn is even lang als de standaardlijn
A/B/C? Samen met 5 anderen moet je antwoord geven, jij zit op plaats 5
Het antwoord spreekt voor zich, makkelijke taak
Na eerst enkele correcte reeksen gedaan te hebben, begint de groep ineens foute antwoorden te
geven
Iedereen ziet dat het fout is wat de groep zegt, maar 35% gaat gewoon mee met (alles) de
groep door de groepsdruk en geven geconformeerde antwoorden (normatieve druk)
25% conformeren nooit en gaven correcte antwoord
2.2) Waarom conformeert men?
Reden
Informationele invloed invloed die leidt tot conformiteit omdat men de behoefte heeft om
correcte oordelen en opinies te vormen (Sherrif)
Normatieve invloed invloed die leidt tot conformiteit omdat men de behoefte heeft om aanvaard
te worden, waardoor men afwijkend gedrag vermijdt (Asch)
Uitkomst
Private conformiteit verandering van de eigen opvatting die optreedt wanneer iemand voor
zichzelf het standpunt inneemt van anderen achter aanvaarding (Sherrif)
Publieke conformiteit à oppervlakkige gedragsverandering veroorzaakt door reële of vermeende
groepsdruk, zonder een overeenkomstige meningsverandering optreedt à eigen opvattingen blijven
(Asch)
Met andere woorden Je doet wat de groep doet, maar je gelooft het zelf niet.
Hoe onderscheiden? Motivatie